Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
1 december 2016, om 19:01 uur
Bekeken:
436 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
203 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Fred van der Wal kon niet aan de gang blijven!"


Vanaf zijn tweede levensjaar tot zijn tiende verbleef Fred van der Wal met tussenpozes ten huize van zijn grootouders E. M. A. Bigot en Henk J. van der Wal te Amsterdam of incidenteel bij de vader en diens eerste echtgenote van 1942 - 1944 en 1945-1949, een paar jaar later ook bij zijn tweede vrouw en na zijn tiende levensjaar definitief bij de grootouders in Amsterdam zuid en na 1957 in de chique villawijk aan de Heemsteedse Dreef te Heemste de, waar ook zijn tante, de ongehuwde dochter van Henk en Elisabeth Bigot (tante Bab) Nettie haar leven lang bleef wonen en zich bij gebrek aan andere werkaamheden voortdurend op hinderlijke wijze bemoeide met de opvoeding. Ze had een voorliefde om tekeningen die Fred van der Wal tussen 1957 en 1966 dagelijks maakte met ball point door te krassen of gooide er “per ongeluk” chocolademelk of koffie over heen . Deze periode bij zijn oma, opa en tante die duurde van 1944 tot mei 1967 noemde Fred van der Wal de meest ongelukkige, uitzichtsloze, verdrietige, wanhopige en eenzame periode uit zijn hele leven.

 Aanvankelijk was de zeer timide Fred van der Wal midden vijftiger jaren wel geïmponeerd door de vroeg rijpe, goed geklede, wereldwijze, arrogante, voor sommigen wellicht aantrekkelijke dochter Kiek Bigot (zij had het al op haar veertiende over “intieme relaties”) zowel als door haar vader, Cees Bigot, die zich gedroeg als een man van de wereld en als een van de eersten een Citroën ID reed, in de jaren vijftig een revolutionair automodel. Cees Bigot voelde zich verplicht aan zijn Franse afkomst om geaffekteerd druk pratend met veel gebaren van zijn handen en overbo-dige, toneelmatige mimiek (esprit, meneer!) zich te manifesteren in ge-zelschap. Hij doorspekte, net als zijn tweede echtgenote, als snob, zijn Nederlands met Franse uitdrukkingen .

Kiek Bigot volgde een opleiding tot lerares Frans aan de UVA te Amster-dam, (zij zou haar jaren tot aan haar vervroegd pensioen slijten als eerste graads docente aan het Zaanlands lyceum te Zaandam, maar werd voor-tijdig ontslagen sept. 2001 en verzorgde om zich nog enigszins te profi-leren tenminste één bijdrage aan de schoolkrant in het kader van de zo modieuze, maar overbodige interkulturele vorm ing; een artikel waarin zij in 2000 uitvoerig verslag deed van haar vakantiereisje in de Andes) en ging tijdens haar studie tijd begin ja ren zestig, alhoewel zij dat financieel niet nodig had, als werkstu dente werken in het voornamelijk door welgestelde studenten be zochte eethuisje, gevestigd in een kelderachtige, Amster-damse ruimte, genaamd “De Groene Kalebas” waar Fred van der Wal in 1963 een maal kwam en toen voor goed gegeten en gedronken had. In deze tijd ontwikkelt zij (volgens Frits van der Wal,”vader” van Fred van der Wal) een voorkeur voor –toen nog een unicum in het voor namelijk blanke vaderland – bongo spelende beroepsnegers uit de Bamboobar. Mogelijk berust deze informatie niet op waarheid, daar rokkenjager/borderline patiënt Frits van der Wal al om als een dwangmatige, sexueel geobse-deerde fantast en patholo gische leugenaar bekend stond. Alle betrok-kenen weigerden hier over echter openheid te verschaffen.

In de jaren zeventig bewoonde Kiek Bigot een dijkhuisje samen met een student notarieel recht (volgens de handelaar in papier en kan toorbe-nodigdheden Cees Bigot, die zelf niet verder kwam dan de HBS “een waar miskend genie” . Cees Bigot had regelmatig hoog oplopende meningsverschillen met zijn dochter Kiek Bigot) en vestigt zich, nadat haar echtgenoot notaris wordt en de echtelieden zich eindelijk een wat betere woning kunnen permitteren, tot haar dood aan de Nieuwe Prinsengracht te Amsterdam.

Een schriftelijk verzoek van Fred van der Wal om biografiese details betreffende de familie Bigot laat zij op weinig chique wijze in mei 2001 onbeantwoord. De botheid van enkele B.B.’s (Banale Bigots) kent geen grenzen, placht Fred van der Wal op zijn zo eigen barok ke, bloemrijke wijze altijd te zeggen.

Margaret Geraci, Arti et Amicitiae medewerkster te Amsterdam (wo nend aan de Amstel tegenover theater Carré) , van half Italiaanse, half Franse afkomst, dochter van een internationaal handelende juwe liere, kenschetste C. Bigot op de volgende treffende wijze: ”Hij denkt dat alle Fransen drukdoende aanstellers zijn en hun verhalen doorspekken met veel aaah’s en oooh’s en olalalaaa’s, saa vaa en komsie, komsa, maar het tegendeel is waar. Zulk gedrag geldt onder beschaafde Fransen als zeer laakbaar. De meeste Fransen zijn nogal gereserveerd en konformisties .”

In 1976 vroeg de exoties ogende vaak in het zwart geklede aantrekkelijke Margaret G. (Egyptiese make up, lang ravenzwart haar en in haar beste dagen een laag uitgesneden veel belovend decolleté om duizelig van te worden) Fred van der Wal mee op reis naar een ten toonstelling in Den Haag. De gehuwde, al in 1975 zelfs tamelijk monogame, eenzelvige kunstenaar, (door de begaafde musikus/ komponist Jan Bartlema nog in 2001 als kluizenaar-heremiet-geken schetst), weigerde resoluut. Hij kon niet aan de gang blijven!

 

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.