Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
15 mei 2016, om 20:48 uur
Bekeken:
357 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
162 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Rechts van ons huis een gezin waarvan de moeder geld had..."


Rechts van ons huis een gezin waarvan de moeder geld had, de vader chemicus was en zoonlief niet wilde deugen, geen school af had ge maakt en hele dagen op het circuit van Zandvoort rond hing of  zijn tijd verspilde met leren neuk en door Mies , een oudere, geschei den vrouw van in de veertig die in Heemstede woonde en waar heel adolescent manlijk Heemstede welkom was tussen haar dijen.

Ik vond haar een mager kreng en ging om met de jaloerse Els D. die me als een hellehond bewaakte, dus ik besloot niet op haar uitnodiging in te gaan.

Boven dien had mijn vader al op Mies liggen krikken. Ik ben Oedipus niet. Naast het huis van de kolonel was een ingenieursburo gevestigd van een Nazi gezinde ingenieur met een zoon die zo dik was dat hij zich nog niet eens eenmaal aan de ringen kon optrekken.

De vetzak kreeg als beloning voor zijn achttiende verjaardag een grijze Porsche. Op de hoek van de van Oostzaanenlaan en de Heemsteedse  Dreef woonde een ouderling van de Hervormde kerk met zijn onooglijke vrouw en een zoon die in de buurt Het Paard werd genoemd omdat hij een paardebek had. Ik bezocht een jaar lang de hervormde kerk van Heemstede, maar de ouderling die twee huizen verder op woon de weigerde te groeten.

Paard ging op kosten van paps  naar Polen om aan een filmakademie voor regisseur te gaan studeren, want Roman Polanski kwam ook van die filmschool.

Hij heeft een maal geprobeerd Mila, de mooiste meid van Heemstede te neuken, maar dat is ‘m niet gelukt.

Mij wel uiteraard. Al jaren heeft Paard een fotowinkel in een klein dorp en drukt vakantie kiekjes af van dorpsgenoten.

Om de hoek aan de overkant juffrouw Nordsieck, die een bochel had, kleding van dertig jaar geleden droeg  en gepensioneerd secretaresse was. Ze werkte bij de uitgeverij van AO boekjes. Als iemand op een typegeit leek was zij het wel.

 

De fotos van mijn homosexuele broer Billy die in negentienvijfentachtig vermoord is in een steeg in Haarlem, deden me weinig.

Zijn dood deed mij niets. Ik ben nooit drijfnat van het doodszweet wakker geworden, schreeuwend, stikkend. Hij was een afschuwelijk lelijke baby en zag er al als kind verfrommeld en zwak uit. 

Hij leed aan asthma en dauwworm.

Toen hij zestien was had hij een lul niet dikker dan een vulpotlood met een paar ballen als knikkers. Ook als ie op standje stijf stond.

Zijn manlijkheid was aan alle kanten onderontwikkeld.

In het zwembad in Overveen werd hij nageroepen: “ Kijk, die goosser heb geen lul!” Ik stikte bijna van het lachen toen ze dat zei den. Als je zijn l*l in een  mond van een of andere vreemdganger had leek het alsof hij op een Bic Ballpoint kauwde, hoorde ik eens van een niet nader te noemen persoon van hogekom af. Hij moest op passen dat hij er niet doorheen beet in zijn passie.

Nee,zei hij, dan de lul van Anton of Henk,  vieren twintig centimeter paars dooraderd opgezwollen geil stinkend, goor, afgeragd heet neukvlees dat je hele slokdarm vulde opf diep je strot in ging en je naar adem deed happen.

Als die klaar kwamen leken het wel alsof een peleton wakkere spuitgasten van de vrijwillige brandweer op oefening waren met de botte bijl en de pikhouweel.

Vrouwenlucht kon hij niet velen.


Tot aan zijn achttiende klom Billy Buttocks zondagsochtends bij mij in bed als de goed willende aange paste brave burgers met hun griffermeerde aardappelkutkoppen in de kerk zaten.

Geen wonder dat hij later een overtuigde flikker werd. Ik wijdde hem grondig in de homosexuele liefde in. Ik was er expert in geworden. Ik kende alle standjes. Soms hingen we omgekeerd in de ringen in een gymzaal in standje 69.

Hij was de eerste noch de laatste die ik bekeerde tot het ware homoseksju welen leven. Als hij mij trots zijn lul liet zien zei ik altijd: Fijne vleeswaren zijn niet duur en greep hem stevig bij zijn ballen. Een kinderhand was gauw gevuld. Zijn ballen waren zo klein dat ik moest uitkijken dat ik zijn zaaddrogerij niet fijn kneep.

In Sparta hadden ze hem als amechtig naar adem happende paars aangelopen baby al het ravijn in gegooid, want daar ging het van wie niet horen wil moet voelen, net als bij de wakkere, blonde, gespierde jongens van de S.S. Astma tiese gnurpen en rimmetieklijers hadden er geen schijn van kans. Hij lag er al als kind verfrommeld als een natte krant van verleden week en ook zijn fotos heb ik verbrand. Ik zie nog zijn gezicht in de vlammen om krullen op de kleuren foto met de gekartelde rand, het vroeg ouwelijke, goud omrande montuur van zijn bril, zijn dunne rode haar, de bloedrode bult op zijn voorhoofd die leek op de hoorn van een duivel.

Als kleuter leek hij al van perkament.

“ Jij bent geen blijvertje. Jij mist levensvatbaarheid! Jij hebt geen ballen! Wat geen vrucht draagt wordt in het alles verterende vuur geworpen! Jij gaat vroeg dood! Er hangt een geur van frustratie om jou heen!” had ik eens tegen hem gezegd waar zijn tante bij was toen ze samen mijn schilderijen en tekeningen belachelijk maakte.

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.