Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
26 september 2015, om 21:46 uur
Bekeken:
345 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
185 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Zijn verhalen werden opgemerkt door een uitgever"


Zijn verhalen werden opgemerkt door een uitgever. ‘Ze hebben me in 1993 al benaderd om een boek te schrijven. Toen had ik er niet zo’ n zin in. Ik ben liever lui dan moe. Afgelopen augustus sprak ik met hem af. Ik wil die autobiografie wel schrijven, zei ik. Vond hij goed. Ik moest het opsturen. Over de eerste tien pagina s was hij gelijk razend enthousiast. Hij dacht dat hij het zou moeten redigeren, dat vond ik raar, daar begin ik niet aan. Geen kom ma mag er aan veranderd worden of ik bega een moord. Er valt in mijn werk niets te redigeren. Ik schrijf geen overbodige dingen. De ma nier waarop ik schrijf is heel direct, heel confronterend, als een rechste directe op een week papensmoel. Dat is mijn stijl, recht voor z’n raap, keihard. Marry van Lien en Jerry Piersma van Uitgeverij Gephers hebben aan het manuscript geen woord veranderd. Het is van a tot z door mij zo neergezet. Niemand heeft geholpen. Zelfs mijn ex-vrouw niet die lerares handwerken is geweest en nu met een vriendin samen leeft en de tijd van d’r leven heeft omdat ze drie maal op een dag gebeft of gevingerd wordt. Ik heb nog een keer van haar een flinke druiper opgelopen, omdat ze Jan en Alleman naaide. De gele etter droop weken lang uit mijn lul. Ik veegde aanvankelijk mijn lul om het kwartier aan de vitrage af van de kamer die ik in 1968 aan de Amstel had als atelier, boven Galerie Mokum, maar er was geen houden meer aan. De vitrage stond op de duur zo stijf als een plank in de vensterbank. De stof leek wel van triplex. Alle sluizen gingen open. En een gore lucht ! Stinken dat ‘t deed ! Twee spuiten antibiotica en ik was weer fit. Geslachtsziekten horen bij de serieuze kunst beoefening. En doorgeven die handel aan anderen onder het mottop : Flink gedonder in het vooronder !.Fred’ s leven staat in het teken van het militairisme, de kunst, de literatuur,de vechtsporten en het verbaal geweld. Moorden, martelen en marcheren. De drie M’s noemt hij het. ‘Ik geloof in het leger en ik geloof in militaire macht. De harde hand. De knoet. De riem en de zweep laten spelen over andermans roze vlees. Dat willen de mens en. Ze vinden het lekker. Je ziet het in Kosovo, het is perfect wat daar ge beurd is. Er had al eerder, in 92 in Sarajevo, ingegrepen moeten worden. De Vietnam- en de Ko rea oorlog, maar ook de aanval op Irak komt ter sprake. Dat waren heel terechte oorlogen. Gewoon het communisme en de Islam even afstoppen. Is een heel geldige reden om een oorlog te voeren, heel geldig. Ze hadden er gewoon een zootje atoombommen op moeten kwakken, net als op het Vaticaan. Aan iedere pisbuis hangt een pater, aan iedere hoop stront een pastoor. Ik ben een anti-communist, anti-papist en anti-humanist, dat is goed voor de zwakkeren, de steuntrek kers en de arbeiders. Loodgieters zijn geilmieters en arrebeiers kolerelijers. We moeten nu ook keihard ingrijpen in Noord-Korea, vind ik. Het is een groot communisties concentratiekamp. Noord-Korea is een sekte. Net de vrijgemaakte gertefromeerde kerk op art. 31 geschoeid. Uit roei en die hap!De vlammenwerper er over heen, dat zuikvert uit ! De mensen moeten bevrijd en gede programmeerd worden en liefst met harde hand.’ Het was ook zijn anti-communistische inborst die hem in 1966 richting mariniers dreef. ‘Ik heb altijd gehoopt op een oorlog tussen het Westen en het Oosten. Daar was ik graag bij ge weest. Vechten tegen de Sovjet-Unie. Oor log, niets fascineert hem meer. In oorlog heerst totale anarchie. Je bent teruggeworpen op oerwetten, het recht van de sterkste, op jezelf. Je pakt wat je pakken kan. Wie heeft de meeste wapens en wie benut ze het best? Daar kun je toch een hele hoop mee bereiken. Wie het eerst schiet mag het zeggen. Ik schoot altijd bij voorkeur iemands ballen en lul d’r af met een lange afstands schot met high velocity muni tie, dan hoorde je ze op een kilometer afstand liggen krijsen. Als iets de vijand demotiveert ! Die denkt alleen maar aan zijn eigen ballen ! Het is het ultieme avontuur. Alles mag dag. Ik kende een ex-S.S.-er, een ex-Oostfrontstrijder die thuis nog een snoer had geregen van afgesneden tepels van Poolse vrouwen, dat liet hij zien op de verjaardag van Hitler, dan droeg hij dat als een burgemeestersketting. Het was bijna een relikwie. Ik mocht het snoer ook een keer dragen tijdens een S.M. avondje. Veel ex- S.S.-ers en zo genaamde verzetsstrij ders zijn na de oorlog in S.M. clubs opgegaan om aan hun behoefte aan folteren en gefolterd te worden tegemoet te komen. Mijn vader was zo iemand, die heb ik horen gillen als zijn ballen werden opgebonden met een leren veter door zijn echtge note, S.M. Meesteres Truus Pfann, die was daar expert in. Geen wonder dat ze goed bevriend was met de zwarte weduwe van Rost van Tonningen.’ Ik weet niet of hij nog voor iets anders vast zit of niet. Het is voor hem te hopen van wel. Hij is veiliger in de bajes dan er buiten voor hem. Altijd die sociaal werkers wollige taal van begrip voor de daders in Nederland. Zo’ n daad is niet verklaarbaar. Soms houdt het gewoon op, dan moet de beuk d’r in. De grote voorjaarsopruiming.Ik was net een maand terug uit Mostar toen het gebeurde. Mijn broer is nooit in Joegoslavië geweest. Hij deed er altijd lacherig over dat ik ging, gevaarlijk vond hij het, niks voor een gevoelig homootje zoals hij,  die lag liever als beroepsluilak en steuntrekker  zijn blozende billemaat te pijpen op het zon overgoten dek van een zeilboot, maar er was in 1985 nog niks aan de handa. Mijn broer nam nooit een risico, op geen enkel gebied. Een lafbek was hij. Afge keurd voor militaire dienst. Hij had een lul in erectie ter dikte van een vulpotlood en een paar ballen zo groot als toverballen. En hij wordt godverdegodverdomme om gelegd door een of and re aan drugs verslaafde psycho –idioot in een veilige, saaie provincie hoofdstad . Een gek die met een honkbal knuppel rondloopt om willekeurige homofielten die op laar komen staan in schaars verlichte portieken  te hooi en te gras af te maken. Dat is de staat van onze maatschappij. En daar ben ik tegen. Het wordt tijd om de guillotine weer op te richten.Een droge tik. De cassette die Fred ter controle van wat hij wel en niet los laat al die tijd naast mijn cassette heeft laten meelopen, slaat af. Anderhalf uur bekentenis proza is genoeg geweest. Hij ritst zijn leren jack dicht, spuugt een roomsgele kwat met groen pit op de grond , rochelt en wandelt kwiek het hotel uit.



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.