Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
21 juni 2015, om 08:16 uur
Bekeken:
330 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
181 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Ik ben helemaal niet haatdragend over zoiets..."


Ik ben helemaal niet haatdragend over zoiets. Handel ook niet uit racis tische motieven. Ze keken gewoon tot hoever ze konden gaan.

Typisch iets voor Surinamers om proberen  je te overrulen.

Je moet je grenzen stellen ten opzichte van de geleurde import. Je pro- beert alles soepel te laten verlopen zonder geweld.

Tegelijkertijd ben ik altijd  bereid het tot een shoot out te laten komen, maar als het even niet hoeft dan liever niet.

Als je die mentaliteit niet hebt kun je beter een winkel in drop en stroop wafels gaan beginnen met een uithangbord ”Hier verkoopt men Tover- ballen ”.

 

De volgende dag kom ik één van die Surinaamse boys tegen in een café en ik zeg lachend tegen hem: “Zo, vuile oplichter! Dief, dat zat je niet glad, hè, lelijk zwartjoekel!”

Hij zegt: Oewat, dief, man. Niks dief, man! Ga nou gauw een beet je zoek raken, man!  Oewat heb ik dan gediefd, man? Jij bent een dief, man! Jij hebt mijn geld gediefd, man!”

Dus ik zeg uiterst relaxed: ”Never mind the potatoes, man! En neem wat van mij te drinken voor je staat uit te drogen, man! Ik zie het aan je grauwe kutkankerkolerenikkerkop. Je hebt een zonnebankje hard nodig om op kleur te komen!”

Ik gaf hem het koffertje met de poen dat hij gisteren bij mij had achter ge- laten. Ik had tienduizend gulden er af gehaald bij wijze van Schade freude. Hij wist niet hoe gauw hij weg moest komen. Ik heb hem nooit meer ge- zien in dat café.

 

Ik heb ook wel eens een geintje uitgehaald met een stel andere Surina- mers. Een paar maanden later om wraak te nemen op hun vriendjes. Ze wilden tien kilo rooie Libanon hebben.

Ik had wel eens vaker met ze gedeald. En als je dan komt op een afspraak zijn ze altijd verschrikkelijk opgefokt, net opgejaagde, verschrikte konijn- en.

Ze zijn allesbehalve cool, daarom zal het met Suriname ook nooit wat worden. Alle zandwegen lopen daar dood, heeft Hermans al eens geschre- ven. Nou, het is dertig jaar later, maar die wegen lopen nog steeds dood.

Alleen staan ze nu onder water.

Die lui uit Suriname rijden dan eerst veertig andere straten in om bij je adres te komen, want kaart lezen kunnen ze niet, dat duurt uren.

Het zijn net Fransen, als ze zeggen dat ze om twaalf uur langs komen heb je mazzel als ze om negen uur ’s avonds de volgende week bij je aanbel- len. Er valt geen enkele afspraak mee te maken.

Ze kunnen je huis ook nooit vinden om de een of andere reden. Ze ver- gissen zich ook meestal in het huisnummer. Bellen dan aan met een on duidelijk verhaal bij de buren, die dan gelijk in de alarm fase drie schiet- en.

Door de zenuwen of omdat ze niet kunnen lezen. Het zijn toch ook alle- maal randdebielen en analfabeten daar in de Overzeese geslachtsdelen.

Gebrek aan scholing speelt die zwartjoekels parten.

Ik heb een tijd lang in een achterbuurt op de Bilderdijkkade gewoond in Amsterdam naast een bordeel waar Chinezen als bijverdienste in heroïne handelden en dan kwamen er soms van die gasten bij ons aanbellen of ze konden komen neuken of ze kwamen een pak heroïne bezorgen of afhalen en dan moet ik ze voor de zoveelste maal  uitleggen dat ze bij de buren aan moesten bellen.

Of ik liet ze aanbellen bij de bovenburen van drie hoog, een schrijfmachi ne monteur, een laag geschoolde schijterd met een bril en een vetkuif die bij IBM werkte en zijn wijf, die geen baarmoeder meer had, maar wel een druivenhoedje ter compensatie, die kregen dan de schrik van hun leven.

 

Ik kom dus bij die Surinamers in de Javastraat in Amsterdam oost thuis, klim drie hoog de kale verveloze trap op en ik leg gelijk de verboden ki- lootjes op tafel –ik kom graag snel ter zake, dan ben ik ook weer zo weg- en zij tellen de briefjes van duizend voor mij uit.

Een hele stapel bankbiljetten, dus dat duurde eindeloos en ik verveelde me behoorlijk.

Voor de lol had ik een klein formaat damespistool in mijn leren laars zit ten. En voor mijn eigen veiligheid natuurlijk.

Voor het geval dat. Een Luger lag altijd onder een plaid op de achterbank, die heb ik hier in Frankrijk nog, daar sta ik mee op de foto, daar sjouw ik mee over ons landgoed, want je weet maar nooit wie je tegen komt, dat wapen heb ik gekregen in de zestiger jaren van een bejaarde, hoge S.S.-er, een kennis van de vertaler van Mein Kampf, die in Duitsland woont, die mij lachend verzekerde dat hij daar hoogst persoonlijk heel wat Joden mee om heeft gelegd, dus daar kleeft hectoliters Joods bloed aan.

Niet dat het mij iets uit maakt; zaken zijn zaken en een vuurwapen is een vuurwapen. 

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.