Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
17 juni 2015, om 12:13 uur
Bekeken:
347 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
208 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Toen moeder aan de was was (deel 10)"


Toen moeder aan de was was (deel 10)

 

Luitjes die hun huis kwijt zijn, of dierbaren hebben verloren en geen eten of water hebben en snakken naar een helpende hand in hun tropisch land. Zoiets zet je dagelijkse beslommeringen van een kleine 80 bammetjes smeren toch even in een ander perspectief. Die hebben nog geen stuk oorboter om op hun bammetje te smeren.

Wat onzinnig voor ons blanke westerlingen om je bezig te houden in onze welvaart en luuks met het bijeen vergaren van geld voor een onnozele spelletjes machines die e reader of laptop heten. Ik zou liever mijn vingers blauw hakken of mijn handje er af laten hakken door een Islamitische rechtslachtbank dan om geld bijeen te vergaren waarmee iemand geholpen kan worden. Eigen volk eerst, zeg ik maar altijd en ik weet heus wel hoe het gaat. Misschien worden we straks wel zelf van de hongerdood af gehaald als gristenen in de vervolging. Zucht...

 

Vanmorgen was ons riool zoals wel vaker met 14 schijterds in huis die d ehele dag maar zitten te beren weer eens verstopt. Eigenlijk gisterenavond laat al. Ik heb het de hele nacht opgehouden en dat valt niet mee in bed. De natte blubbers tront stond tot aan de bril te borrelen. We moesten het allemaal ophouden van Hendrick dus de een na de ander begon te ruften als een bunzing. Het stonk de pot uit. Hendrik, die onnozele onhandige borst was nog bezig geweest met een ontstopper, een plopper, maar dat had niets geholpen. Integendeel. De spetters zaten tegen het plafond. Wat een strontzooi. Gewoon ongristelijk zo’n toestand.

We rolden dus zo uit ons bed  de vieze stank in en de vette strontlucht en troep van een overgelopen toilet. Veel wc papier met plakken stront er nog aaan lagen op de grond van de badkamer. Je gleed er op uit. Affijn eerst lul de loodgieter maar effe bellen.

Nee, dat was niet zo leuk en het gekanker was ook niet van de lucht van de kinderen. Maar toen ik opmerkte dat het op de Filipijnen wel veel harder stinkt en dat ik ze daar wel naar toe wilde schoppen...stopte het gemopper, gemeuetr, gekanker, geleuter en begonnen we te zingen en te bidden dat het strontpeil maar mocht zakken indien de Heere het wilde, anders natuurlijk niet.

Maar goed. Genoeg geluld.

 De dagelijkse dingen moesten toch hun voortgang hebben en voorrang boven onze sm interakties die gewoon heel wat tijd vraten. Wij kunnen daar niet te veel over uit wijden want dan gaan onze mede kerkgangers stijgeren en alle mannen staan en de wortels ook in onze congragatie.

Dus heb ik gedaan wat mijn hand vond om te doen want daar hebben we onze jatten voor gekregen.

Laten wapperen.

De handen uit de mouwen steken. Eerbaar werk.

De loodgieter zag er aanvankelijk ook geen gat meer in. Hij zat tot aan zijn oksel in de stront te graaien in onze besmeurde pot om de doorloop mogelijk te maken.

Na veel gedoe liep het weer door, maar voor hoe lang? We schijten wat af in huis met ons veertienen. We trekken maar één keer perd door dus vandaar steeds maar die verstoppingen. Affijn, een k*t is geen konijn, dus ik zette mijn zorgen opzij en begon mijn beslommeringen in huis te beslommeren.

Aan de Somme is ook jaren gevochten in WO 1, dus ik heb niet te klagen en wat is een huwelijk anders dan een permanente loopgraven oorlog?

Rommel opgeruimd, stront ruimen, bedden verschoond, een was van dagen gestreken, bood schapjes gedaan bij de Aldi met mijn rolkoffer, Henkiepenkie met de knikker grote snottebellen aan zijn loopneus uit school opgehaald en nog duizend-en-één dingen meer tegelijk, die de lezer niet hoeft te weten. Ik laat echt niet iedereen zo maar gratis en voor niks in mijn doos kijken.

 

En nu is het al weer avond geworden. Iedereen is weer gezellig thuis. Alleen Hendrik nog niet, die zat zeker weer bij zijn hoer te kutbikken. We hebben in elk geval onze buikjes kogelrond gegeten. Voor Hendrik is er niks over gebleven, die neemt maar een bammetje met marmite of loopt even naar otomatiek De Vette Bek.

De kachel brandt ook weer en gefet wel wat rook in de kamer doordat de trek er niet geod in zit met dit natte weer. Raam dan maar wijd open waardoor we met zijn allen zitten te klappertanden.

Tel je zegeningen. Ik zeg dan altijd: Praise the Lord and pass the soup. 

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.