Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
23 maart 2015, om 09:49 uur
Bekeken:
474 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
198 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Auteurs die mij beïnvloed hebben zijn...."


Een auteur, u zult nooit raden welke auteurs mij eigenlijk beïnvloed hebben. Dat zijn auteurs als Heere Heeresma, Johnny van Doorn, Hermans en dan vooral zijn polemieken, Bukowski, en vooral niet lawaai schrijvers als Loesberg, Maarten ‘t Hart of Cremer, dat is na één of twee boeken totaal oninteressant.

 

Toen dacht ik: zulk soort vehalen wil ik ook schrijven: een verhaal van een twintig, dertig pagina's dat heel erg droevig eindigt.

En, op die manier, ben ik dus begonnen. Het werd 1962, 1963, toen vond ik dat het toch iets moois moest zijn om een boek te schrijven. Dat zou ik ook eens gaan proberen.

Ik had ondertussen geen thema in m'n hoofd, maar aan mijn eerste verhaal dat ik geschreven heb kun je eigenlijk nog zien dat het van een novellist afkomstig is, want dat heeft allemaal korte hoofdstukjes, die allemaal samenhangende verhaaltjes zijn.

Het was echter helemaal als een novelle geconcipieerd: ieder hoofdstukje een kleine pointe, en dan ging het boekje weer verder.

Ik was toen helemaal geen beroepsschrijver of - schilder, ik volgde door mijn opvoeders gedwongen 5 jaar lang de kweekschool voor onderwijzers te Bloemendaal, en van publicatie was er geen sprake door die omstandigheden o.a. doordat ik enorm geïsoleerd zat in een gezin waarvan de opvoeders geboren aan het eind van de negentiende eeuw.

Een enkele keer stond er iets in de schoolkrant van mijn hand.

Later was er wel sprake van publicatie van een aantal teksten bij tentoonstellingen van mijn werk, maar het was toch wel uiterst dubieus of schrijven of schilderen ooit m'n beroep zouden worden in de vroege jaren 60, voornamelijk doordat ik enige jaren een haaibaai van een stijl gereformeerde vriendin had die zo gauw mogelijk wilde trouwen en een baan als onderiwjzer accepteren.

Het is ook m'n beroep niet geworden: ik heb mijn studie afgemaakt en daarna twee jaar in een heel ander vak geleefd.

Ik was dus een zondagsschrijver, een amateurschrijver, een zondagsschilder.  Pas sinds 1967 ben ik een beroepsschilder, en op de een of andere manier ben ik het schrijven nooit totaal ontrouw geworden.

Op een bepaald ogenblik na mijn 65-e levensjaar had ik behoefte full time te schrijven.

Er komt ook bij, dat ik in mijn hart vind, dat een auteur eigenlijk zovéél mogelijk moet schrijven, en niet zo wéinig mogelijk.

Het zou beslist niet mijn ideaal zijn om een oeuvre na te laten dat de liefhebber van A tot Z zou willen lezen. Dat is met de meeste verzamelde werken niet het geval. De mensen zetten ze in een kast, en één of twee delen lezen ze nog lang na je dood en de rest blijft in de kast staan. Dat lijkt mij niet zo vreselijk, maar ik span me wel in, om het zo te doen, dat het allemaal goed leesbaar blijft, maar dan moet je ook veel schrijven.

Als je  veel schrijft, is de kans op herhaling groot.

Een novelle, die bepaalde spanning die dus een uurtje of anderhalf uur kan duren, stelt heel andere eisen dan een roman. Voor mij is de roman een achterhaalde, gedateerde vorm.

 

De Gangreens erie van jef Geeraerts heb ik toevallig een jaar geleden nog eens herlezen. Ik begon er 's middags in het eerste boek om een uur of drie aan en de volgende ochtend om zes uur had ik het uit, zo spannend was het boek. Ik heb het boek de eerste keer achter elkaar uitgelezen.

En toch, als je het boek neerlegt, dan denk je dat het beïnvloed is door het eerste boek van Jan Cremer. De lezer komt nergens tot rust, want de auteur houdt strak vast aan een koortsahtig proza, aan z'n intrige.

Graham Greene heeft  'n keer verteld dat hy niks meer dan ongeveer 200-250 woorde per dag, per en dan korrigeert hij dat nog met ’n beetje en leest het na in de middag.

 

Ik schrijf al sinds 1963 bijna alles onmiddellijk op een schrijfmachine, en daarna op een elektrische schrijfmachine met een verwisselbare margrietschijf, dat is nog comfortabeler. Sinds 1995 gebruik ik alleen nog maar een tekstprogramma op een computer. Als ik aan een verhaal begin, dan heb ik altijd de illusie dat het iets van belang is wat ik ga doen, en ik dus moet zorgen zo gauw mogelijk eraf te komen. Soms zal ik bijvoorbeeld wel tien pagina's schrijven, en dan nog een paar dagen tien pagina's per dag. Dat doe ik dan allemaal in de hoop om, laten we zeggen binnen een maand, die tekst heb geschreven, gecorrigeerd, en overgeschreven. Per dag minstens vier vijf paginas schrijven, corrigeren en  herschrijven. Maar erg veel helemaal herschrijven doe ik niet, ik doe het waarschijnlijk te weinig. In no time heb ik meer dan 30 boeken gepubliceerd, daar hebben sommige van mijn kritikasters moeite mee omdat ze zelf nooit iets produceren, behalve het invullen van hun werkeloosheids UWV formulier. Ja, als je zo moet leven…

 

(wordt vervolgd)

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.