Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
19 oktober 2014, om 17:12 uur
Bekeken:
354 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
149 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Zij was ook verschrikkelijk jaloers…(deel 2) "


Zij was ook verschrikkelijk jaloers…(deel 2)

 

Ik ben meer dan twintig keer verhuisd in mijn leven. Na vier, vijf jaar word ik onrustig, dan heb ik het wel gezien op één plek, hoe mooi het ook is, zelfs in de Bourgogne waar je in een grote tuin woont waar Nederland in past, dan wil ik verder, nieuwe avonturen beleven, nieuwe mensen ontmoeten. Ik kan overal wonen. Toen ik kunstschilder wilde worden ben ik zonder één cent op staande voet de villa in Heemstede uit gezet. Mijn boeken, kleding, bed en buroot je kreeg ik maanden later terug dankzij de bemiddeling van een Amsterdamse advocaat. Ik voelde me een zwerver, een misfit, een displaced person. Ik woonde voor veertig gulden in de maand in Amsterdam centrum, de Nieuwe Spiegelstraat, achter het Rijksmuseum. Soms was het alsof elk perspectief weg was. Ik zal nooit vergeten hoe ik de laatste weken voor ik in de contraprestatie nog net veertig cent had om van te leven. Ik lag hele dagen op bed, half ver hongerd, de waanzin nabij, zelfs een kop bamisoep bij een goedkope Chinees op de Zeedijk kon ik niet meer betalen of het gestoomde eten bij Vincentius naast de RK kerk aan het einde van de Palestrinastraat waar ik mijn jeugd heb doorgebracht, drie gangen voor een rijksdaal der, na afloop had je nog honger want er zat geen voedingswaarde in het eten, toen begin mei de eerste cheque van de contraprestatie binnen kwam begin mei 1968. Duizenden guldens. Ik was vijfentwintig en had nog nooit zo veel geld bij elkaar gezien. Mijn zeer vermogende fam ilie had me rustig laten verhongeren, dat maakte ze niets uit. Ze hadden minachting voor kunst enaars. Ik nam die middag een bedrag op en ging eten in snackbar De Zon naast het gemeen tegirokantoor aan de Singel. Ik bestelde een Wiener Schnitzel met frieten en appelmoes en voor toe ananas met slagroom en zes flessen bier voor minder dan een tientje. Nooit heeft een etentje zo goed gesmaakt. Het was de smaak van de vrijheid. Er was moed voor nodig om door te schilderen en te tekenen als je van de honger en dorst crepeert en bijna dood gaat. Toen ik in de contraprestatie kwam woog ik nog net vijfenzestig kilo en dat is bij een lengte van een meter vierentachtig absurd weinig. Als ik dat vertel aan goed betaalde schouwburg- of museumdirecteuren vinden ze dat prachtig. Voor al als het een ander over komt. Ik schaam de me voor mijn armoede in die tijd. Okee, het is een geïsoleerd bestaan, het kunstenaarschap, vinden sommigen. Ik houd er van om alleen te zijn. Alleen dan is er vrede in je hart. Ik wil overdag als een kluizenaar leven. Dat is een prachtig leven. Het beste wat je in de wereld kan overkomen is om weg te komen van andere mensen. Dan is er geen pijn meer, geen concur rentie, geen enkel gevecht. Maar vergeet de mythe van de lijdende kunstenaar. Forget it, baby! Het is een illusie. Aan schilderen en schrijven komt geen pijn te pas. Het is ’t gemak kelijkste wat er is. Ik ram de teksten uit mijn toetsenbord. En ’s avonds is er het gezelschap, mijn zeer goede vrienden Wim en Anneke Koster, met hun aimabele aan- en inhang, mis schien mag ik Bloem en Gerard nog even vermelden, maar ook Karel en Madeleine, de fles sen wijn, het kaarslicht, een tuin in de schemering, een romanties tuinhuis en de woordeloze eensgezindheid die alleen echte vrienden en vriendinnen kennen… 

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.