Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
28 juli 2014, om 10:06 uur
Bekeken:
440 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
252 [ download ]

Score: 1

(1 stem)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Moderne kunst pseudo-diepzinnige volkskverlakkerij (deel 1)"


Moderne kunst doorgaans pseudo diepzinnige volkskverlakkerij (deel 1)

 

In de jaren zeventig verrezen in de Bijlmermeer in hoog tempo bovenmaatse kunst objecten die we nu, meer dan dertig jaar later kunnen af doen als duur betaalde rotsooi en in het gunstigste geval als imitaties van kunstwerken van toen in de mode zijnde Amerikaanse kunstenaars.

Nederlandse na-oorlogse kunstenaars zijn de Japanners van Europa, groot in imitatie.

Ik heb zelden een beroepsgroep ontmoet die meer gevoelig lijkt te zijn voor de mode van het ogenblik dan de eigentijdse beeldende kunstenaars, doorgaans toch al niet de meest stabiele geesten die er rond lopen in het Neder landse arbeidersparadijs.

Bovenmaatse kunstwerken zijn niets nieuws onder de zon.

Denk maar aan de megalithische cultuur waaronder het monument Stonehenge, de geestloze beelden van Paaseiland en de pyramiden.

De mens is klaarblijkelijk gefascineerd door elk object dat groter is dan hij zelf.

In de jaren zeventig was er geld in overvloed voor doorgaans onzinnige kunstprojecten en in Amsterdam werden de perecentageregelingscommissies de grond uit gestampt.

Tegen een jaarwedde van 20000 gulden (!) verrichtten de leden van deze commissies slechts één middag per week werk om te bepalen welke bevriende kunstenaars opdrachten zouden krijgen en wie niet.

Een vorstelijke beloning voor een verdeel- een heers politiek die nooit opgehouden is te bestaan en waar de Volkskrant meer dan eens een artikel aan wijdde met de strekking dat de ene helft van de gesubsidieerde kunstenaaars de andere helft opdrachten gaf en het volgende jaar gebeurde het omgekeerde.

Een gesloten, corrupt systeem gehanteerdd met gulle hand met als basis een verwerpelijke vriendjespolitiek.

De leden van deze opdrachtencommissies waren ‘beëdigde ambtenaren’.

Toch vroeg een commissielid mij op voorhand 30000 gulden te betalen om in aanmerking te komen voor een percentage opdracht.

In 1972 zat ik in de BKR en dat genoemde bedrag zou voor mij 6 maal het jaar salaris betekenen. We kwamen met enige moeite rond van de 500 gulden per maand en wat particuliere opdrachten, maar er bleef niets over om de ge vraagde steekpenningen te betalen, zo ik dat al wilde.

Ik ging niet op de chantage in en stelde de Beroeps vereniging Beeldende Kunstenaars '69, een rechtse tegenhanger van de BBK er van in kennis, die mij mede deelde dat zulke praktijken bij deze vereniging standaard procedures waren. Leden van BBK'69 waren doorgaans goed gesalarieerde teken- en handenarbeidleraren met een hobby in de beeldende kunst, zoals de Groninger Jan van Loon.

Het inkomen aan percentage opdrachten van het corrupte commissielid die mij geld vroeg schat ik begin jaren tachtig al op een anderhalf miljoen gulden.

De voorkeur van de commissie Bijlmermeer was de imitatie Amerikaanse kunst van de jaren zestig.

Vergrote, functieloze gebruiksvoorwerpen in de stijl van Claes Oldenburg, Andy Warhol, Tony Smith, Robert Indiana, Robert Smithson, Marisol, die totaal niet in het hoofdstedelijke landschap paste.

In de Verenigde Staten met zijn onafzienbare vlaktes en ruimtes en zelfs in Frankrijk vallen de moderne monstruo siteiten van de eigentijdse beeld houw- en object kunst niet op als ontsierend element, maar in een dicht bevolkt land als Nederland wel.

In de jaren zestig werd beeldend Nederland pas echt een culturele kolonie van de V.S.

Enerzijds verkondigden de karakterloze kunstenaars extreem linkse praatjes, liepen met Mao petjes op, anderzijds conformeerden zij zich met graagte aan de Amerikaanse voorbeelden onder het motto: links lullen, rechts zakken vullen.

In de Bijlmermeer werden monsterlijke objecten geplaatst, naar de toen geldende linkse ‘democratiese gezindheid’ zonder inspraak van de bewoners.

Bij slechts één project werd inspraak door bewoners afgedwongen en door de commissie opzettelijk op een avond in het buurthuis gehouden dat er een internationale voetbalwedsstrijd op de TV te zien was zodat er geen publiek aan wezig was bij de inspraak vergadering.

Voetballen, pils en zakken chips gaan nog steeds voor beeldende kunst.

Jaren lang was op het Spui een metalen ‘kunstobject’ te zien dat uit een paar aan elkaar verbonden holle alluminium blokken bestond.

De Amsterdammers noemde het object op hun eigen wijze met gevoel voor humor ‘de vierkante hondendrol’ en studentikoze kroegtijgers uit Café Hoppe sloegen de ganse nacht met paraplus en stokken op tot het bestuur het object vol liet spuiten met schuim om de geluidsoverlast voor de omwonenden enigszins te beperken.

Het ‘kunstobject’ werd gebruikt om tegen aan te urineren en vol te plakken met flyers voor discotheken en sexclubs. Gezamelijke buurtacties om het object te verwijderen waren lange tijd vruchteloos. Het linkse Amsterdamse gemeentebestuur, dat de middenklasse in de jaren zeventig de stad uit joeg, heeft altijd lak gehad aan de bewoners als het kritiek op linkse hobbies betrof.

 

(wordt vervolgd)

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.