Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
8 juni 2014, om 10:19 uur
Bekeken:
405 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
210 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Een tamelijk raadselachtig man"


IK HEB ME IN HET BEGIN VAN MIJN KUNSTENAARS CARRIÈRE GEWELDIG AANGESTELD OMDAT IK GELEZEN HAD IN BOEKEN OVER KUNST DAT HET ZO HOORDE. WIST IK VEEL ALS SIMPELE JONGEN VAN DE VLAKTE…

 

Ik zou ook nooit met een zwarte samen willen leven. Je krijgt gelijk de hele stam Sambos uit Zambesi kwakend over huis die met hun brede bekken -maatje bananen overdwars- je koelkast leeg vreten en alle Pouilly Fumé opzuipen om daarna de TV van zes hoog over het balkon naar benenden te kieperen en de brandende kolenhaard uit de muur te rukken want dat zijn ze gewend dankzij die sloten ontwikkelingshulp.

Van de pot gerukte socios hitsen ze op.

Die soewarten? Niks zelf doen. Ik zie het toch aan het asielszoekers centrum hier. Luilekkerland. Drie maal per dag een poltiewagen met zwaailicht en sirene er naar toe.

Steekpartijen, drugshandel, shoot outs, seksjuwelen uitbuiting.

Laat het verder die blanke varkens maar lekker op knappen. En die verhalen van hongerende kindjes?

Obesitas is een probleem in Afrika. Vol gevreten mormels met achterwerken als een driezits canapé en dan kan de schufterige natte hond er ook nog bij.

Hongerige kindjes zijn gelukkige kindjes. Ik denk daar ook wel eens aan in momenten van contemplatie maar nooit langer dan twee secondes die langzaam weg tikken.

 

Uit wat voor gezin kom je?

 

Mijn grootvader? Een tamelijk raadselachtige man. VVD stemmer. Zeer gereserveerd. Terug getrokken. Een succesvolle zakenman met dertien huizen, een makelaardij en een fabriek. Hij zweeg doorgaans. De onbekende stille.

Bij hem vergeleken ben ik een open boek. Ik mocht hem wel tutoyeren.

Mijn moeder was afwezig. Ik was nog geen anderhalf toen ze mij weg gaf aan de grootouders. Daar werd ik dagelijks ingepeperd dat ik niet bepaald een gewenste persoon was.

Ik heb daar lang veel last van gehad. Wellicht tekent het de mens. Een schuldgevoel dat je er niet mocht zijn. Ik doe overigens niet aan introspectie en leke psychologie. Zo lang er leven is is er lol.

 

Hoewel ik een jonger zusje heb, heb ik altijd het gevoel gehad dat ik enig kind was. Ze staat vijandig tegenover mij vanwege haar mislukte leven. Het contrast is ook schrijnend. Ik heb alles en zij niets behalve een uitkering vanaf 1972. Dat is geen vetpot. Hara intereieur is er dan ook naar. Een matras op de grond, een tafel van een ouwe deur op twee schragen. Haar fiets gestolen en dan was ie nog geleend van een kennis ook nog. Dat is van een treurnis waar Heere Heeresma een verhaal over zou kunnen schrijven.

 

Het manipuleren van situaties gaat me steeds makkelijker af.

Het verbaast me weleens dat er mensen zijn die denken dat de wereld om hen draait. Die maken een ernstige vergissing en dat wil ik ze wel voor houden omdat ik de schoolmeester blijf die ik ben. Kan ze lelijk opbreken. Ook dat nog.

Pas na de kweekschool begon ik het leven na mei 1967 wat aange namer te vinden. Ik heb me in het begin van mijn kunstenaars carrière geweldig aangesteld omdat ik gelezen had in boeken over kunst dat het zo hoorde.’

 

Dateert uit die periode de karakterisering ‘poseur’?

 

‘Ja, zeg dat wel, ik was min of meer een artistieke aansteller en voelde me daar goed bij. In Haarlem, Heemstdeee en Aerdenhout kon je daar indruk mee maken. Provincialisme van de Kennemer Kliek non talenten. Ik ken zo’n juffrouw, om tien uur des ochtends al wazig van de sherry, een paar longen als een geasfal teerde zesbaansweg vanwege het roken van Franse sigaretten. Een verstikt bestaan door longkanker is geen aangenaam einde.

 

Vond dat ik als bohémien moest uitdrukken wat ik allemaal was en waar ik stond. Nu, dat is als je begint niet zoveel, maar toch. Je moet wat om indruk te maken op de vrouwtjes in de artiestenkroeg. Toch?

Dus moest ik er wat aan toevoegen. Ik liep uitgedost rond in zwarte kleding en een coltrui met daar op Saint Tropez waar ik nooit geweest ben. Geschoeid op Clarks. Het uniform van het pseudo existentialisme naar het Leidseplein model.

Gewoon doen in kunstenaars- of burgermanskringen is nooit erg mijn fort geweest. Ik heb er geen vrienden onder omdat ik een self proclaimed loner ben.

Ik ben mijn angsten en terloopse obsessies volledig kwijt geraakt, al speelt paranoia, moedwil en misverstand nog altijd een belangrijke rol in mijn leven.

En weet je wat het gekke is met religie?

De mensen die mij het meest pijn hebben gedaan waren joods, orthodox rooms katholiek, evangelisch of stijl gereformeerd. Fijn gelovige mensen, nog fijner dan poppenstront. Hoe zou dat toch komen?

Ik heb veel vrouwen in mijn leven gehad, maar waren ze gerefor meerd of piëtistisch gristelijk, dan gaf dat steeds verschrikke lijke problemen en wilde ik er zo snel mogelijk van af.

Dumpen zoals ik zelf ooit gedumpt ben.

Ze lulden me de oren van mijn hoofd af dat de Heere niet tusen ons in lag in bed en dan zei ik dat ik niet van een trio hield. En dan zei zij weer dat waar twee geloven liggen op één kussen, daar ligt de duivel tussen.

Werd het weer een maand niet neuken voor straf.

Die gereformeerde teven?

Relteven. Religie en sex hebben dwarsverbindingen. Kunnen ze niks aan doen. Het zijn derivaten van het driftleven. Net zoals mijn eerste liefdesvriendin Els. Een gereformeerde nachtmerrie. The hammer house of horror was er niks bij. Het dal der verschrikkingen. Gelukkig was ze zoals al die gereformeerden bloedgeil.

 

Ik zou ook nooit met een zwarte samen willen leven. Je krijgt gelijk de hele stam Sambos over huis alsof het niks kost, die je koelkast leeg vreten en zuipen, in de openhaard gaan staan wateren, d egastvrouw pakken en met haar permanent voorover in de houten bak pindas duwen en heur minijupe opschorten om het eens stevig op zijn hondjes te doen, want dat zijn ze gewend dankzij die sloten ontwikkelingshulp.

Het is toch zeker zo: hulpverleners zijn gulpverleners. De import medemens uit Verweggistan?

Niks zelf doen. Laat het die blanke varkens het maar op knappen.

Christenen zeulen altijd een zware last met zich mee.

Ja, lik me reet; ik ook. Wie niet?

 

Ik denk dat al mijn rare psychoseksjuwelen afwijkingen, gekke gedragingen, rare bekken trekken, zenuwetrekken en tikken, sadomasochistische biseksjuwelen lingerie fetisisjistsche hang ups naar het bizarre en merkwaardige ondernemingen daar mee te maken hebben.

Ik ben we een overlever als ik mijn behahaha aan heb, anders niet dan ben ik een saai mietje die van de prins geen kwaad weet.

Toch blijf ik republikein en niet koningsgezind.

Het grootste compliment dat je mij kunt geven is zeggen dat ik Auschwitz zou overleven of zoals Isis zegt; met jou zou ik een wereldreis durven maken. En met Isis zou ik dat ook aandurven.

 

Ik heb soms wel eens het gevoel dat mijn blik van bevreemding die mij overal achter volgt steeds prangender wordt als ik in de spiegel kijk en mijn ogen sluit want dan ben ik er plotseling niet meer.

Steeds vaker moet ik collegaatjes dingen uitleggen eer ik tot de kern van de zaak kan komen. Het is af en toe wel leuk om levenslessen en voorlichting over het kunstenaarsplantsoen te geven, maar het wordt stomvervelend als je dat de hele dag moet doen.

Dat vinden ze ook al gauw arrogant en elitair. Maar doen alsof ik een gewone jongen ben, ligt me niet, want dat bén ik niet.

 

Hoe begint een gedicht of stuk proza voor jou?

 

‘Soms alleen maar met een rock song als rookgordijn, als trigger. Als ik een regel heb, weet ik altijd meteen waar die zou moeten staan. Ik weet ook precies hoe het wordt. Ik denk nooit halverwege: het moet toch maar een natuur pannekoek met spekjes worden. Dat staaft mij ook in mijn al vaker geuite opmerking als huis- tuin- en keukengenie dat een kunstwerk eigenlijk al bestaat, dat ik er al eerder een glimp van heb opgevangen. Kosmisch dus. Plato. En zo. Komisch ook.

 

Ik maak vaak aantekeningen.

 

Pas als het gedicht of verhaal echt af is, ga ik achter het oesterbord…nee, toetensbord van mijn laptop zitten en schrijf het achter elkaar op. Bloed op haar laptop.

 

Geen schrift met driehonderd verschillende versies laat staan tientallen.

 

Nee, geen drie honderd en dat is maar goed ook. Hooguit een dozijn. Dat is interessant voor gepensioneerde gefrustreerde neerlandici met hun geneuzel: die komma stond eerst hier, nu daar. Ik hoef niet te weten dat een dichter ooit eerst heeft geschreven: a diry mind is a joy for ever.

De uiteindelijke versie is aanzienlijk beter.

Al die energie die in corrigeren gaat zitten kunnen we beter besteden aan het fatsoenlijk verzorgen van ons gepomma deerde kapsel.

Scheiding in het midden. Middle of the road.

 

(wordt vervolgd)

 

 

 

 

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.