Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
22 mei 2014, om 13:42 uur
Bekeken:
390 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
202 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Scheppen riep hij gaat van Au beweerde Jessurun d'Oliveira"


In “Scheppen riep hij gaat van Au,” van H.U. Jessurun d’Oliveira beweert W.F. Hermans in een interview met de schrijver dat hij “Conserve” …

 

Een heel mooi boek vindt en tientallen jaren later noemt hij het een raar boek.Op pagina 23 van het boek van d’Óliveira zegt Hermans iets over het realistiese gehalte van zijn werken.Hermans is door zijn wisselingen in kompositie en pendelen van realisme naar surrealisme geen gemakkelijke auteur om in kaart te brengen.De filosofiese belangstelling van Hermans heeft zijn sporen na gelaten in zijn werken en men zal toch enige notie van Freud, Sartre en Wittgenstein moeten hebben om tot een interpretatie te kunnen komen.

In boven genoemde interviewbundel geeft Hermans toe dat de themas van Camus en hem overeenkomen.

Onlangs heb ik tijdens een treinreis van Antwerpen naar Rotterdam een jonge,intelligente student Nederlands daar nog op gewezen.Hermans is opmerkelijk zwijgzaam over zijn existentialistiese wortels.Ik ben er van overtuigd dat Hermans zichzelf zag als de Nederlandse Sartre,maar hij heeft over deze kwestie altijd heel handig een rookgordijn opgetrokken.Of eigenlijk zag Hermans zich als een kruising tussen Sartre,Camus en Multatuli,een merkwaardige kruisbestuiving.Het cynisme van Multatuli lijkt de leerschool voor Hermans geweest.

Op pagina 23 van “Scheppen riep hij gaat van Au” kondigt Hermans aan een roman over professoren te zullen schrijven.Dit interview is een combinatie van 2 interviews,die dateren uit 1959 en 1962.

In 1975 publiceert Hermans dan ook  “Onder professoren.”

Hermans loopt hetzelfde gevaar om voortijdig vergeten te worden als Vestdijk, eveneens dankzij zijn weduwe? 

Het zou een goed gebruik kunnen worden in navolging van kulturen uit het verre Oosten om de weduwe tegelijk te verbranden met de overleden auteur.Dat moet toch kunnen,gezien de heersende tolerantie en politieke wil tot internationalisering gepaard gaande aan de hoogst aktuele kulturele integratie op wereldnivo.Men moet er iets voor over hebben als Westerling om te integreren met de edele wilde. 

Ik keert mij fel tegen schrijvers weduwen.

Danzij die onooglijke verpleegster met die scheve kop waar Vestdijk mee gehuwd was en die de deksel op zijn archief potdicht hield is Vestdijk dankzij haar inspanningen nu een bijna vergeten schrijver.Elke poging tot een monografie heeft zij willens en wetens verhinderd en wat schetst onze verbazing?

De weduwe van Hermans flikt hetzelfde.

Ik  ben er van overtuigd dat Hermans het  een en ander te verbergen heeft  aan pikante details betreffende zijn leven en alles in het werk heeft gesteld om een wijd en zijd verbreide chronique scandaleuse te  voorkomen?

 Ik ben de enige niet die er zo over denkt.

Dertig maart 1955 schrijft L. Tegenbosch een artikel over de literaire pamflettenstrijd tussen W.F. Hermans en Adriaan Morriën?

Het valt op dat de roomsch katholieke ex-geestelijke Tegenbosch,karakterloos als altijd, geen partij kiest als Jezuiet en een halfslachtige, dub belhartige houding in neemt in dat artikel net als later in zijn recensies in de Volkskrant over beeldende kunst.Hij is en blijft een Jezuiet.Ik heb Tegenbosch één maal bezocht,begin jaren 80,in zijn kunsthandel in Leusden en in zijn tuin lagen drie smeedijzeren hoepels,afkomstig van een eiken hou ten ton en dat moest een kunstwerk à raison van vijf tig duizend gulden voorstellen van  de “beeld houwer” Carel Visser.Tegenbosch vroeg me wat ik er van vond.Ik vond het helemaal niets.

In 1971 werd W.F. Hermans vijftig jaar.Kritikus Kees Fens schrijft in “Het literair klimaat 1970-1985,” dat dit feit geheel en al onopgemerkt voorbij ging.U zegt dat  deze opmerking bezij den de waarheid is.

De Haagse Post wijdde een uitgebreid artikel aan Hermans vijftigste verjaardag met heel veel achter grond informatie.Raster bracht een Hermans num mer uit.Wat wil men nog meer? Trommels en trom petten?Een gouden handdruk?

Men is van mening dat van de 19-e eeuw Multatuli in Nederland de grootste schrijver is en…

Van de twintigste eeuw zonder twijfel W.F. Hermans.Multatuli was verplichte kost op die kweekschool voor schoolmeesters,maar ik heb aan de Max Havelaar nooit een bal gevonden.Ik vond het meer de “ver van m’n bed sjoo.”Ik heb ook nooit veel bezwaar gehad tegen het uitbuiten van de grondstoffen en inwoners van de vaderlandsche koloniën.De Max Havelaar was net zo  erg als dat vreselijke boek van de even beschaafde als gezapige Hella Haasse “Oeroeg” dat overloopt van melancholie en ook over die verleidelijke gordel van smaragd gaat,maar waar ik helemaal geen interesse in heb.Wel heb ik Indonesiese meisjes altijd aantrekkelijk gevonden,wilt U dat noteren?Ik heb die Drs. Joop den Uyl ook nooit begrepen die het zo schandalig vond dat Nederland zijn alluminium op goedkope wijze uit Suriname impor teerde en om die reden de helft van de bevolking van Suriname gast- en vestigingsrecht gaf in ons land.U ziet welke problemen één en ander heft gegeven. 

Ik zeg dat het roomsche bijgeloof bij uitstek een geloof is voor sadomasochisten

Het roomsch katholieke anti-Bijbelse bijgeloof heeft niets aantrekkelijks voor een zelfstandig denker.Het is een geloof dat geschikt is voor bang elijke,sukkelige,maatschappelijk goed aangepaste  ambtelijke hielenlikkers die als de dood voor de dood zijn.Wie bang is voor de dood is ook bang voor het leven en dat verklaart die kruiperige, slijmballerige likkerige aan autoriteiten onderda nige levenswijze van dat slijmballen volk.Het is een strikt hiërarchies geloof en trekt mensen aan die laf zijn.De hiërarchiese,logge struktuur van die kerk maakt dat de leiding altijd achter de feiten aan holt en overal te laat mee komt daarom loopt die kerk in hoog tempo leeg.De bisschoppen kijken met argusogen naar de evangeliese beweging waarvan ze de uiterlijke vormen pogen te imiteren en om te buigen naar roomsch model,maar dat is bij voorbaat tot mislukken gedoemd.Ze slagen er niet in de jeugd achter zich te krijgen bij hun manifes taties.Kijk maar eens naar die bezoekers van De Dag Van De Katholieken,allemaal boven de 75 en op sterven na dood. Mijn grootouders vonden roomsch katholieken nog niet eens goed genoeg om de volle pispot op om te keren.Wel jutten ze ons altijd op tegen katholieke kinderen,die mochten we net zo veel schoppen en slaan als we maar wilden. Ik heb nog eens een keer een smerig,bloederig afge kloven bot van een hond tegen de enkel van een roomsch katholiek buurmeisje zo hard geschopt dat ze bloedde als een rund.Het moest gehecht worden met twaalf hechtingen.Voor de vorm boden mijn grootouders excuus aan de buren aan,maar achter hun rug om lachten ze in hun vuistje.Naast ons in de Palestrinastraat 4 te Amsterdam woonde een roomsche zenuwelijer met zijn vrouw en negen kinderen en die man kon dat gezin niet aan,die hoorde je elke avond een uur of wat hysteries schreeuwen tegen die jankende,stiekeme kinderen met een nerveuze oogopslag,net zoals die zenuwelijer van een vader van ze.Het waren allemaal kopieën in zakformaat van hem met van die kleine microcefaalspinnekoppenUiteindelijk zijn ze verhuisd toen hij in een inrichting kwam. Mijn oma luisterde altijd met een omgekeerd glas tegen de muur om beter te kunnen volgen welke familiedramas zich bij de buren afspeelde en die vertelde ze dan aan ons in geuren en kleuren.

Jacques de Kadt verspreidde na de oorlog het gerucht dat hij met zijn roomse vriendjes van de zwartste reakktie wel even de vakante ministers posten zou gaan innemen om een roomsch schrik bewind naar model van de inquisitie in te stellen om iedereen de mond te snoeren en als de grootste vriend der Islamieten,de antisemietiese bisschop Simonis,die vindt dat de Nederlandse staat meer moskeeën moet bouwen op staatskosten, anno nu de kans zou krijgen dan zou hij hetzelfde doen.

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.