Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
22 mei 2014, om 13:30 uur
Bekeken:
420 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
170 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Maakt het de wind iets uit waarheen hij blaast?"


Nou, ja, dan niet. Maakt het de wind iets uit waarheen hij  blaast? Daar ga ik toch niet over, heer? Of wel soms? Ben ik dan de weerman met die befsnor op de buis of een profeet in een kemelharen jas die staat te raaskallen op de Dam over het einde der tijden?  

Ach, welnee, hou toch op! Ik bedoel: als ik een wind zou willen laten (hetgeen ik liever niet doe in Uw gezelschap) blaas ik je wel even van hier tot Tokyo, dat wel en een hondenscheet brengt geluk bij de vleet, zeggen die Friezen allemaal in koor. Ik vind dat goor. Daarom ben ik niet zo voor Friese kunst artiesten of die onbeleefde drs. H. Mous van de Friesche Kultuurkamer, die mij ongevraagd hate mails doet toekomen, laat ik het zwijgen er toe doen. Zijn naam zegt het al…Mous en dan ook nog eens geen familie van Mickey, dat die man zich niet gaat zitten schamen op zijn leeftijd achter de geraniums met dat onappetijtelijke ondermaatse Donald Duck vrouwtje van hem die net tot mijn navel komt. Die kwakende stem ook van onder die enorme brillenglazen ter dikte van colaflesbodems en die brede Flalafel bekken. Denkt U nu dat ik ’t leuk vind om daar tegen aan te kijken? En elke keer weer die leutige kreet in huis als er bezoek is bij meneer de kunsthistoricus Mous: “En dan is er koffie!” Dan denk ik weer aan Hannes Meinkema met die onopgemaakt kop, daar krijg ik toch zulke rare ge dachten bij, dan denk ik er weer over om mij te bekennen tot de eigen sekse, zoals jaren geleden, voor dat ik de zinsverrukkende I.N. tegen het aantrekkelijke Web lijf met haar opwindende Web Mind leerde kennen.

Dan vind ik soms het culturele leven in mijn eentje in de Bourgogne weer zo in- en in triest, dan zit ik toch veel liever als niet roker in de doorrrookte ruimte van Café The  Bitter End waar de espresso niet te zuipen valt, een guitaarprins “Blowin’ In The Wind”  neuzelt om daarna over te gaan op “ Livin’ Doll”, maar gotzijdank zit ik met de onweerstaanbare Isis Nedloni een potje te bomen achter het zoveelste glas witte Sancerre om daarna bij helder weer niet voetje voor voetje bij goed weer langs de Rijn te flaneren maar in volle galop, om haar alles te vragen, terloops zo nu en dan heel even speels haar hand aan te raken, mijn onaantastbare maangodin, barokke woordtovenares, aanbeden godin, die aan mijn Web zijde gaat…en tussen neus en lippen door al die vragen te stellen, over heden, verleden en toekomst, dat is zo ontzettend veel, daar heeft de ge middelde lezer of ondeugende schoolmeester uit Ede Wageningen toch helemaal geen idee van….dat bestrijkt toch minstens een veertien miljard paginas, zo ongeveer de omvang van het Internet, dat kunt U toch wel begrijpen in al Uwe eenvoud als verslaggever? Of moet ik het U nog eens uitleggen?

 

En in antwoord op Uw verzoek, meneer Boonstra, over toelichting op die opwaaiende zomerjurken en geruite jasjes, in winden die waaien waar ze willen, waar U zo’n prijs op stelt als vrijgevochten kunstartiest met al Uw verhalen over de Da Vinci code, die absolute nonsens, daar ben ik al helemaal niet van gediend, dat had U uit uw zelf toch kunnen weten bij Uw eigen, want voor dat soort onzinnige geestigheden en mystieke verzinsels, daar ben ik als romanties beeldend kunstenaar en geboren onder The Sign Of Scorpio  als doorgewinterde sexuel obsedé ondanks alles toch veel te verstandig, nuch ter, beschaafd en ingetogen voor, behalve wanneer ik mijn maangodin benader.

Ik ben daarom ook meer een kattenman, dan een hondenman.

 

Ik kan de lezer(es)  wel even verklappen dat mijn wederhelft en ik exact dat mannetje en dat vrouwtje uit het weerhuisje zijn. U weet wel. Ga ik naar buiten, gaat zij naar binnen en vice versa. Geen pro bleem hoor, zo houd je het rustig en draaglijk die echtvereniging, dat is iets anders dan de speeltuin vereniging van het Mariotteplein in Amsterdam Watergraafsmeer tegenover de familie Deutekom op nummer zeventien waar het in huis altijd leek te regenen. Rainy Day Women. Zo gaat het toch in het volle leven? De een klimt naar boven op de maatschappelijke ladder, de ander met even veel vreugde naar beneden en komt niet weerom. Berend Botje. In een roeiboot naar de horizon. Zoals in een van die films naar een boekje van Heeresma. De film was beter dan het boek naar mijn smaak. De regisseur en producent van die film heb ik eenmaal ontmoet. Hij wilde een paar schilderijen van Chris van Geest en mij in zijn film hebben als decoratie. Toen ik begon over het honorarium haakte hij af. Ik zei hem: ”Alle acteurs, actreutels, lichtmensen, scriptgirls, cutters, sjouwermannen, muzikanten, weet ik veel wie nog meer worden betaald. Waarom wij dan niet?” Hij mompelde iets van het niet toe reik ende budget en zijn smalle beurs. Ik had het geld toen helemaal niet nodig, maar vond het een principe kwestie. Ik zeg heel rustig, maar toch wat vanuit de hoogte:

“Nou, meneer, dan komt U toch gewoon terug als brenger van het goede nieuws van een overschrij dend budget met een zak vol geld voor ons? Simpel toch? En verder is het voor mij nu gewoon van Cut wat de onderhandelingen betreffen! ” zei ik in 1975 in Amsterdam, op die benauwde boven verdieping aan de Korte Leidesedwarsstraat, waar Elsje, de zoveelste getourmenteerde vriendin van de zuurrealistische schilder Chris alle wasgoed voor het gemak op de versleten lederen sofas had liggen. De filmer in zijn kekke leren jasje vond mij brutaal als de beul en geen echt lekker jongetje, die bij alles Kut riep,  hoorde ik achteraf van derden. De filmer had het verschil tussen Cut en Kut gewoon moeten weten na zes jaar film akademie waar Hans Klap directeur van was. Die filmer is intussen al lang overleden aan een bekende terminale ziekte waar tot voor kort geen terugkeer naar het land der levenden mogelijk was en de uiterst aimabele Hans Klap ook, die heeft zich een breuk geneukt met vrijwel elke Nederlandse actrice tot en met Kitty C., de Anna Magnini van het vaderlandse doek en ook nog een hartinfarct gerookt en gezopen, hoorde ik van de in haar jeugd zeer aantrekkelijke Mar lou, hetgeen haar zeer verdroot. Ik ben de naam van die filmer trouwens kwijt, maar kan het indirect wel even opzoeken als U in de lobby wacht.

 

Zo slaap ik meestal in een van de kamers boven en zij beneden om de echtelijke vrede voorlopig nog even te bewaren. Ik slaap licht en snurksters zijn bepaaldelijk bij mij aan een verkeerd adres. Ik houd het liever rustig. Snokkend en snorkend door het leven? Mij niet gezien. 

En dat Friesland steeds verder weg zakt door de zoutwinning? Prima toch, daar is niets aan verloren. Laat de elementen maar fijn hun werk doen, dat is ecologies verantwoord, dan komt het allemaal goed. Staat er straks vier meter water in het gebouw van de Leeuwarder Courant, dan zie ik daar kunstkritika Johanna S. nog drijven met haar onderjurk als een sluier over haar gelaat en ontbloot onderlijf, waar ik al helemaal niet nieuwsgierig naar ben. Ik zie de vrouwtjes graag goed gekleed of in lingerie ter mijner en het eigen gerief. Tenminste in een olijk tangaatje, hetzij een vrolijke billenbedekker waar het schaamhaar veelbelovend boven uit krult en een beha al of niet met speelopeningen pus de noodzake lijke jarretelgordel voor de grafiese accenten aan het opbollende vlees, de half doorzichtige nylons, de geschoren beentjes, de gelakte teennnagels, de geparfumeerde zeven heilige plaatsen des vrouws en weettikveel wat er voor een eenvoudige Bourgondiese, ongeletterde, ongeschoren kunstenaar  nog meer aan erotiserend hijs en tuigwerk valt te beleven. Slagschip met volle zeilen. Sail along silvery moon. Red sails in the sunset. Seemann komm bald wieder. Zeemeermin. Laat ik de nerveus opgesne den bikinilijn vooral niet vergeten. En of de oksels geschoren zijn vind ik onbelangrijk. De wilde mossel liever niet kaal of voorzien van een verticaal streepje, zo’n uitroepteken, terwijl het eigenlijk veel beter een vraagteken zou kunnen zijn bij de eerste kennismaking.

 

Willen we dan wat anders? Neen! Niet wat betreft de vrouwen waar ik voor val, want dat zijn me een ondeugden, rekels en een onverbetrelijke spring in het velds! Niet om over naar huis te schrijven. Niet te stuiten ook. Rubber ball, you can bounce him back to me.

Ik ben ook fel tegen de ingetogen, kuise vrouw, de ideale  schoondochter en vooral tegen maagden, daar schiet je helemaal niks mee op. Doorkneed en doorleefd moet het wezen. Zoals de bij tijd en wijle wild dansende Isis soms rept van haar gemarineerde vlees, maar dat blijft tussen ons. Wie dan nog geen trek krijgt tegen zessen ’s ochtends vroeg is voor goed verloren! Servet om de nek geknoopt, hongerige blikken, mes en vork paraat. Mahlzeit!

 

Het leven, ook dat moet doorleefd zijn; een beetje beduimeld en stevig doorkneed. Jonge vrouwen heb ik geen enkele boodschap aan. Ik zie er de charme niet van in. Het zijn mij teveel tabula rasas. Onbe schreven panelen. Witte schildersdoeken. En zo ordi als Patty Brard al helemaal niet, die wil ik nog niet eens als Zweedse boskat in huis hebben, dan zou ik haar vast en zeker bij haar staart aan de was lijn hangen en flink met de mattenklopper geven tot ze begon te miauwen dan mocht ze weer los zo lang ze geen kopjes ging geven.

Ik heb trouwens liever oude meisjes, net al oude kaas en oude wijn, maar niet in nieuwe zakken. Oude wijn hoort in een ouwe zak toch? Waar blijven we anders? Dus vooral geen liposuctie of opgespoten lippen die als gezwollen wekfles afsluit elastieken op die uitdrukkingsloze gezwollen Botoxkoppen liggen op de Gooise matras.

Ik houd ook niet zo van E.O. leden van het vrouwelijk geslacht of inwoonsters uit de Bible Belt met die Heilige Mariakoekiesblik in de ogen, want die hebben het achter hun ellebogen. Neem nou Marion Truttke van de EO. Wat moet je er mee? Veel religiositeit is onderdrukte geilheid, net zoals in iedere slager een massa moordenaar schuilt en in een tandarts een beroepsfolteraar om over een gynaekoloog maar te zwijgen, want wat daar in schuilt is mij een raadsel. Ik wil mij daar gewoon niet in verplaats en. Nu even niet!

 

En die verzopen, fanatieke fundamentalistiese fijne Friese gristenjournalist, annex ijdeltuit  R., zie ik ‘m daar niet met zijn paardestaart als een drijfanker achter zich aan dobberen op de zilte baren? Hoe bleek hij niet ziet in zijne verlorenheid. Geen medelijden mee. Het zal zijn karma wel wezen. Niets aan verloren. Soms moet je toch zo hard zijn tegen een Fries, tegen beter weten in! Wel vind ik het jammer van dat prachtige kantoor van Boonstra & Rademakers, waar ik heel goede herinneringen aan heb bij de overdarcht van een pand, maar we kunnen niet alles hebben in dit leven.

 

Zo ga ik ook niet gebukt onder het lot van gesubsidieerde medekunstenaars, behalve dat van de Rot terdamse Man Met De Sombrero, die de laatste tijd zwijgt omdat hij gans andere problemen aan zijn hoofd heeft in de relationele en finantsiejele sfeer. Ik gun hem dat allerminst. Ik vind het ellendig als ik hoor hoe collegakunstenaars gekoeioneerd worden door stiekeme, kleine, benepen ambtenaren met machtskompleksen.

 

Kom op zeg. Let it all hang out met je vuile was verder, zeg. Ik hoor nog van U! Met graagte! Het is dat U er naar vraagt, maar anders zeg ik ronduit: de man die hier tegenover U zit in al zijn eenvoud met een broek vol mededogen en overkokend van liefde, nou, die hoge druk pan is exact de man met een broek vol liefde die tegenover U zit over te koken op de kleinste pit toevallig, en ziet zichzelve steeds kleiner worden, zo’n beetje als het Droste effect, steeds maar weer, maar dan nog kleiner. Het kan me ook niets schelen om me klein te voelen, maar ik heb makkelijk praten met mijn een meter vierentachtig. Toch wil ik niet dat iemadn tegen mij op kijkt. Ik wil niet de meerdere zijn van wie dan ook.

En dan is het uiteindelijk in het leven toch van: Take it or Leave it, the winner takes it all and Johnny is the boy for me. Alleen zie ik zo weinig in boys, dat is wel jammer. Daar ga ik toch echt niet mee te koop lopen, dat blijft tussen jou en mij. Het is ontzettend modern om wel wat in de boys te zien. We moeten toch licht metroseksjuweel wezen volgens de Cosmo en de Viva. Het zijn namelijk sterke benen die de weelde dragen.

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.