Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
4 mei 2014, om 18:54 uur
Bekeken:
379 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
184 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Ik heb slechte ervaringen met de collegaatjes"


fred van der wal  17-07-2007

 

Kees,

Ik vond je webpagina opmerkelijk en ben in principe wel benieuwd naar je boek in zoverre dat het voor mij als buitenstaander makkelij ker is als de in jouw boek genoemde personen voor mij herkenbaar zijn en de al of niet fictieve figuren naar de werkelijke bestaande personen door mij als betrekkelijke buiten staan der is te vertalen.

Ik heb geen goede ervaringen met een groot aantal collegae, waar onder Friese en Groningse. Zo kan ik Groningers noemen als de gereformeerde Jan van Loon, ex leraar Minerva, Rein Pol, de gereformeerde uitgever drs. Hans van Seventer uit Aduard, voorheen directeur van Art Revisited, (groot Helmantel aanhanger) Fok ko Rijkens, ook van Martin Tissing heb ik geen hoge pet op , de streng gerefor meerde Henk Helmantel kocht een schilderij van Tissing aan om hem te vriend te houden, en hoogstwaarschijnlijk ben jij als insider beter op de hoogte.

Je noemt het Grande Maison waarin wij wonen een boerderijtje? Dan moet ik je teleurstellen, dit huis heeft 14 kamers, waaronder twee werkkamers voor mijn vrouw en mij, twee ateliers, een expositie ruimte in aanbouw en een halve hectare tuin.

Onafhankelijk gedrag heb ik altijd gehandhaafd, ook toen ik nog afhankelijk was van de BKR, dus een verwijt aan gemakzucht of lafheid zult U mij geenszins kun nen maken, hetgeen ik U van harte vergeef, want wij kennen elkaar niet.

De gerieflijke positie waarin ik mij bevind zou je een toevalligheid kunnen noem en, maar dan dien je te beseffen dat ik uit mijn werk tot een jaar of tien geleden altijd een redelijke omzet had zonder daarvoor concessies te hoeven doen op in houdelijk gebied.

De positie van mijn echtgenote als lerares aan de NHL blijft buiten deze be schouwing, het is haar eigen verdienste. Het is moeilijk te begrijpen voor een Noorderling dat een gehuwde vrouw ook buiten de keuken actief is, daar heb ik alle begrip voor.

Het is merkwaardig dat in Friesland en Groning en de diverse kunstenaars verenig ingen voor mij gesloten bleken ondanks 280 tentoonstellingen in Duitsland, Frank rijk, België, Nederland, Engeland en de VS.

Zo werd ik ondanks mijn lidmaatschappen van Arti et Amicitiae te Amsterdam en Pulchri Studio te Den Haag, in het Noorden des lands afgewezen voor de Noorde lijke Realisten, de Noordelijke grafici, de website Noordelijke realisten en de Noordelijke aquarellisten, tevens voor de groep realisten rond Jan van Loon en Hans van Seventer die zich de Zwiggelter Groep noemden en (overigens nooit bewezen) successen in de V.S. claimden alsmede voor een drietal Friese kunste naars vereniging zonder enige verdere motivatie of ballotage.

Er is tegen mijn werk en persoon een niet ver gelijkbare hetze gevoerd, die gestart is in 1967 door de nu al lang overleden eigenaresse van Galerie Mokum in. Het toppunt bereikte deze hetze omstreeks het jaar 2001 toen bekenden van Henk Hel mantel mij de diefstal van enkele tientallen werken van deze schilder in de schoen en wilde schuiven zoals bleek uit een telefoongesprek dat ik met een jounalist van Dagblad van het Noorden voerde.

In Frankrijk ligt de situatie geheel anders, een lidmaatschap van Salon du Dessin in Parijs en van Le Groupe Nevers was snel geregeld, de kruideniersachtige NSB mentaliteit zoals in het Noorden des lands onder kunstenaars en organisatoren nor maal lijkt is hier geheel afwezig. Mijn echtgenote, beeldhouwster Bernardina Bos se, zowel als ik, werden in Friesland afgewezen door de kunstenaarsvereniging Fria zonder enige vorm van ballotage of verdere toelichting.

Tegenwerking bij atelier toewijzing en een op een Berufsverbot gelijkende situa tie zorgde er voor dat ik niet kon exposeren in ruimtes van gemeentelijke of pro vinciale instellingen.

Van de hoofdredacetur van de Leeuwarder Courant, Rimmer Mulder kreeg ik een persoonlijk schrijven dat er na 1996 niet meer over mijn werk zou worden ge schreven.

De kunstredactie van de Leeuwarder Couraat stuurde mij omstreeks 2001 op on frisse wijze een doodsbericht met mijn naam er in.

Een klacht aan de hoofdredactie leverde niets op.

Het Friese Keunstinstitut werkte niet mee als ik ze benaderde om deel te nemen aan ten toonstellingen; pas in 2002 na 24 jaar kon ik me doen met een door deze dienst georganiseerde expositie.

Over mijn afscheidstentoonstelling in de galerieruimte van de TEM te Leeuwar den zwegen de Friese bladen in alle talen.

Het deed ons besluiten om met een gevoel van opluchting de provincie te verlaten sept. 2002.

 Enigszins gedeprimeerd verlieten wij Friesland; je kunt een verslag over de uit sluiting van mij als beroeps kunstenaar in Friesland lezen op de website van drs. Huub Mous (consulent beeldende kunst Friesland Keunstinstitut) onder de kop Ostracisme. De 24 jaar in het Noorden des lands zijn teleurstellend geweest. Amsterdam achter mij laten in 1978 betkende het einde van mijn tot dat jaar voorspoedige kunstenaars carrière. Ik dank je verder voor alle lovende conclusie en prettige betoog en hoop je vroeg of laat eens te spreken als ik in het Noorden ben!

 

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.