Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
21 september 2012, om 16:45 uur
Bekeken:
519 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
161 [ download ]

Score: 1

(1 stem)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Het leven begint bij de veertig (deel 2)"


Het leven begint bij de veertig (deel 2)

 

Zijn christelijke schuldgevoelens ten opzichte van de seksjuwelen omgang in binnen- zowel als buitenhuwelijks los broeksverband hadden hem kopschuw gemaakt voor alles wat met de onder navelse regionen te maken had ter hoogte van waterleiding en de gasfabriek. Hij had door het overmatig masturberen een dwang neurose ontwikkeld die hem dwong de hele dag zijn handen te wassen. Zijn geel uitgeslagen nicotinevingers met de kalknagels waren toch al niet om aan te zien en als zijn vingertoppen dan ook nog gingen meuren was het einde helemaal zoek.

Gij echter geheel anders dan gij zelf, zoals het dikke boek dat vooraan in de kekr ligt, beweert, een turf van een boek dat alles verbiedt wat lekker is en ons allen al eeuwen lang de wet voor schrijft op dwingende wijze via meneer de dominee. Mooie boel. Sneue bak! Er mag ook nooit niks!

Over wie hebben we het ook weer?

Hem van boven?

Zij van onderen?

Die teef van hiernaast?

Die ouwe tang van de overkant?

Nee. We heb het over de held van dit verhaal.

Alles was hem van huis uit als geboren luie zak te veel, zover wij weten van zijn voormalige, pittige, onveranderlijk aantrekkelijke vriendinnen die hem steevast na enkele maanden intieme omgang ernstig verwijten maakten op vrijwel elk terrein.

Het ene verwijt na het andere kreeg ie naar zijn afgeneukte hoerenloperskop. Ze wisten het allemaal zo goed. Als er iemand veranderen moest dan was hij het.

Je moest investeren in een relatie, zeiden ze. Je kunt het best als je maar wilt! Probeer het nou eens; want niet geschoten is altijd mis, hielden zij hem voor, maar vertelden er nooit bij hoe dat dan moest. Moeten was toch al een onwerkbaar werkwoord dat in het woordenboek van hem niet voor kwam.

 

Voor de vierde maal gehuwde Frank Forrest,die nergens ooit problemen mee had, behalve met de notas van gas, licht en water, was een huwelijk eigenlijk ook elke keer weer een soort begrafenis waarbij alle lust plotsklaps tot last werd, de zorgen door de voordeur binnen kwamen en het vrolijke lust bokken het raam uit vloog.

Al snel begon het vrouwtje zo haar eisen te stellen: Geen nieuwe bontjas? Een maand niet neuken! Geen nieuw lederen bankstel? Een jaar er niet in met zijn pientere pookje. Hij begreep het niet helemaal hoe hij zijn leven op gerieflijke wijze moest inrichten. Eén ding was hem wel duidelijk. Sex was wisselgeld. Hij zag het al snel niet meer zitten. Suïcide was de enige oplossing. Dat wilde nog wel lukken.

 

Zijn krematie  vond paradoxaal genoeg plaats op een snikhete zomerdag.Niet dat het iets uitmaakte; in de oven onder het krematorium zou Frank onafhankelijk van de weersomstandigheden in ieder geval zijn laatste hete dag al of niet bewust hebben meegemaakt op het moment dat de vlammen langs de houten kist speelden.

Het alerte personeel had de overledene tussen de bedrijven door nog net op tijd van gouden tepelringen, dito cockring, platina halsketting met de miniatuur bokshandschoenen, de Rolex met roos geslepen diamanten,–iedereen wist toch al lang hoe laat het was- en het wat ordinair aandoend gouden polsarmbandje met naam adres en telefoonnummer verlost.

De opbrengst van de sieraden van de overledenen ging in de fooienpot en werd jaarlijks onder de medewerkers van het uitvaartcentrum eerlijk verdeeld volgens anciënniteit in café  “Het Hemeltje” in Bloemendaal. De jongste bediende kreeg vanzelfsprekend vrijwel niets. Een schop onder zijn reet kon ie krijgen, dat rotjong met zijn bleke pukkelkop.

Het “Hemeltje”.

Een gelegenheid met een toepasselijker naam voor de laatste aftocht was in geheel Kennemerland niet te vinden.

Tussen 1963 en 1966 was Frank er daaglijkse bezoeker (dertig jaar later kwam hij er nog één keer), meestal  in de silver sixties met mijn onafscheidelijke gezelschap van mijn eerste grote liefde Alice. Alles wat daar na kwam kon hij het best labelen met de titel van Vestdijks “Surrogaten voor Murk Tuinstra”. U allen wel bekend. Aan de andere kant: had je één wijf gehad, dan had je ze allemaal gehad. Wie een mens redt heeft de hele wereld gered. Voor de wereld maakte dat niets uit; voor die ene mens wel.

 

Er waren slechts drie mensen die middag bij de plechtigheid. Het trio inferno. De al jaren van Frank gescheiden echtgenote en de twee dochters.

Het was een voorbeeldige uitvaart. Niemand had een traan gelaten. Geheel naar de laatste wens van de gekremeerde werd zacht maar duidelijk hoorbaar “What a day for a daydream” gedraaid.

Zelfspot en cynisme waren Frank nooit vreemd geweest. Even had hij op zijn doodsbed nog geaarzeld of hij niet beter “A well respected man” van de Kinks als verzoeknummer kon aanvragen of  de evergreen Let the good times roll, maar als hij terug keek op zijn turbulente leven was daar in elk geval geen enkele reden voor en een echte man had niets meer dan zijn eerlijke gelaat,verklaarde po weet Greshof eens, als ik auteur dezes het zich goed herinnert.

 

(wordt vervolgd) 

 

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.