Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
29 juni 2012, om 09:37 uur
Bekeken:
417 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
218 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Een eerlijke artiest heeft niets te verliezen behalve...(deel 2)"


DE NALATENSCHAP VAN EEN BEELDEND KUNSTENAAR (DEEL 2)

 

Een eerlijke artiest heeft niets te verliezen behalve zijn gezicht(deel 2)

 

Calvinistiese kringen kennen twee heiligen: Rembrandt en van Gogh. Onlangs kwam mij ter ore dat de wat malloterige, wereldvreemde, geborneerde, pruimedanterige extreem rechtse, orthodox roomse Kaardinaaal “Wir Haben Es Nicht Gewusst” Simonis aanbidster nevrouw C. Bossse echtgenote van een behoedzame, saaie, brave belastingambtenaar het huis waarin zij te Wageningen Hoog woonden na de dood van de beide echtelieden per testament tot museum wilden laten verklaren.

De al lang niet meer inwonende dochter des huizes zou zonder ongevraagd tegen wil en dank onbe zoldigd conservatrice moeten worden op eigen kosten, zoals in vervlogen tijden de onbezoldigde dorps veldwachter. De nagedachtenis aan de familie moest en zou gegarandeerd zijn. Een onderneming die bij voorbaat al was ge doemd te mislukken! De lichtelijk verontwaardigde erfgename voelde daar geen zier voor! Bezoekers zouden er nooit zijn voor het museum van de mislukking!

 Het zou in ieder geval het eerste museum in Nederland zijn voor de geborneerde, van wege gezinsmoeilijkheden in een rooms opvoedings gesticht groot gebrachte dochter van een Haags sigaren boertje en de zoon van een armlastige Haarlemse weduwe!

 Helaas viel er over deze familie zo weinig spektakulairs mede te delen dat alle informatie over hun wel en wee over tachtig jaar genomen met gemak in een kleine, handzame diplomaten koffer of handtas zou passen en er dan nog zou er genoeg ruimte over blijven voor een slof sigaretten, een Statenbijbel, een stapel S.M. bladen en enkele flessen sterke drank om bij te komen. Zelfs de kopiën van de onderdanige briefjes die zij steeds weer naar de koningin schreven zouden niet al te schokkende lektuur zijn voor de meest fervente aanhangers van het Oranje schorriemorrie van Soestdijk.

 Het waren beklagenswaardige mensen de boven vermelde, dorre dochter (een mislukte ex-non) van de sigarenboer om de hoek en de bangelijke belastingambtenaar die nooit iets an ders dan een sigaar uit eigen doos gepresenteerd kreeg en nimmer iets mee maakte of ondernam dat enig risiko inhield, behalve het wekelijks doorslikken van een Roomse ouwel zonder in die kleffe troep te stikken.

 

 Musea voor individuele kunstenaars zijn sinds enkele decennia niet erg populair meer bij de smaak bepalende kunsthistorici en terecht; laat staan een museum voor een over leden belastingambte naar met zijn bedillerige, onaangename, preutse, niet al te intel ligente wederhelft.

 Zo iemand is bij niemand populair,dat spreekt vanzelf. Wat zou er tentoongesteld kunnen wor den uit zo’n weinig inspirerend leven? Een paar gros kurken van wijnflessen, een doos vol beduimelde roomse heiligen plaatjes en bidprentjes, een kartonnen hoeden doos vol rozen kransen, een ver bleekte foto van de homos hatende reaktionaire kardinaal Simonis, enkele opgelegde flessen wijn die in een oogwenk waren opgedronken en tientallen fietsventielen met verdroogde rubber ventiel slangetjes (symbolen voor ouderdoms impotentie?) honderden oude schoenveters, verroeste schroevendraaiers en stukjes ijzer draad. Alles met grote vlijt verza meld in de loop van tientallen jaren voor het geval het weer oorlog wordt. Wie wat bewaart die heeft wat en weg gooien door de erfgename kan altijd nog, moeten de erflaters hebben ge dacht!

 

 Is het voor de kunsthistorikus belangrijk of de favoriete marterharen kwast van de kunste naar bewaard blijft voor het nageslacht?Zijn vergeelde kunstgebit?De opgevoerde Honda Vision?Zijn karate pak?Het middenhandsbeentje van zijn linkerhand?Een dot opgeplakt geparfumeerd schaamhaar van een geheime vriendin in een plak boek of een vergeten eroties geschrift vol porno fotos?

 Toch zou het interessant kunnen zijn te weten in welke omstandigheden een beeldend kunste naar in een klein kamertje jaren lang een aanzienlijk oeuvre bij elkaar schilderde en tekende zonder dat iemand zich daar iets van aantrok of naar zijn omstandigheden ooit informeerde.

 Ik bewaar al heel lang een tot melancholie stemmende foto van de keurig opgeruimde werk tafel van Virginia Woolf die wellicht speciaal voor die foto in de zomerse, paradijselijk vredige tuin was opgesteld.Ik kan mij niet voorstellen dat Virginia Woolf het hele jaar in de tuin werkte aan haar manuscripten bij temperaturen van min twintig en een vliegende noordwester storm.

 Nee, dan is mijn werkruimte heel wat chaotieser en lijkt meer op het ordeloze atelier van Fra cis Bacon dan op een cleane werkruimte waar een neurotiese kontraprestatiekunstenaar als L. het alleenrecht op leek te hebben of die werktafel van Virginia waar het schrijfgerei gerang schikt leek alsof het ‘t bestek was voor een feest maaltijd van tien gangen.

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.