Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
20 juni 2012, om 08:29 uur
Bekeken:
474 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
216 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

""...een fopk*t zoals in de schappen van Christine LeDuc!" "


"...een fopk*t zoals in de schappen van Christine LeDuc!" 


HET IS DAT U ER ZELF OVER BEGINT, MAAR IK HOU HELEMAAL NIET VAN VISSEN NAAR AN DERMANS INTIEM MET MIJN WERPHENGEL!

Laat meneer de kunstenaar nu helemaal niet van vissen naar andermans hebben en houwen houden en ook nooit vis eten, dus neemt hij in het plaatselijke café om gewoon een balletje met mosterd te veror beren voor hij de lezing zal gaan geven in een bedompt zaaltje hier verder op.
De ober komt aanzetten met een leeg, wit bord en schrijft de bestelling op: “Balletje, balletje voor meneer! Mag ik het even op noteren? De mosterd is alleen op!”
“Dan maar balletje zonder mosterd”, verzucht onze kunstenaar, laat een schallende boer en vlakt die af door met de platte hand op zijn bovenmaatse pens te slaan.
 Hij legt omstandig uit dat hij niet van haring houdt omdat die vissoort naar k*t zonder peren smaakt.

De gemiddelde Hollandse man volgens hem een aartsbeffer is die bij gebrek aan een constante k*tsmaak in zijn ontuchtige bek de hele dag dan maar aan een haringstalletje zijn gram gaat halen.

Surrogaat. Een fopk*t, zoals in de schappen van Christine LeDuc te koop.
 Wij lachen hartelijk om deze originele visie na de schallende boer, want plaats vervangende schaamte kennen wij niet in het kunstenaarsmilieu.


 De ober komt weer terug met slechts een wit servet over de gebogen linker arm: “De balletjes zijn ook op! Als U morgen om dezelfde tijd terug komt hebben we weer balletjes bij d vleet!”
“Dan maar een kroket!” verzucht onze geniale artiest. Twintig minuten later komt de bediende terug met de mededeling dat de laatste “kreketten” er doorheen gedraaid zijn omdat ze bedorven waren en de gerant de gasten niet aan een voedselvergiftiging wilde bloot stellen. Of meneer soms garnalen lust op kosten van de zaak of een potje wil mos selen?
 De artiest zegt kortaf dat hij niets van garnalen moet hebben omdat die een ranzige ongewassen l*llen smaak bezitten en mosselen doet hij liever met een persoon van de vrouwelijke kunne dan met de ober.
De kelner draait zich om en verdwijnt zonder iets te zeggen.
 Oesters, kreeft en ander kruipend ongedierte met gespleten hoef weigert de artiest eveneens op Bijbelse grondslag.
 Slechts bij Pizza en friet zal de ware profeet leven, zo zegt het Dikke Boek. Wij zwijgen eerbiedig als fijnproevers van de Nieuwe Keuken, maar ook bij ons gaat een drol in een plas menstruatie in De Kersentuin er niet probleemloos in.
 Even later rekenen wij de drank af, geven de ober geen vette fooi die daarop bijna automatisch als de slagbomen van een overweg negentig graden buigt waarbij zijn sneeuwwitte servet dat hij over de arm droeg op de grond valt. Zijn bril klettert tegen de tegels en wij moeten de neiging onderdrukken om er boven op te gaan staan en met onze hak de glassplinters tot fijnstof te vermalen.

Wij kijken elkaar aan met een blik van verstandhouding, glimlachen begrijpend om de onhandigheid van de kluns en lopen naar het buurthuis twee straten verder.


Als wij het rokerige achteraf buurtzaaltje binnen komen waar de lezing door de miskende, zwaar tillende beroepskunstenaar zal worden gehouden kijkt hij zuinig. Aarzelend zegt hij:
 “Ik doe zoiets in principe namelijk bijna nooit. En al helemaal niet voor niets. Ik ben er namelijk zwaar op tegen. Lichtbeelden bij mijn powezie. Het onzegbare zegbaar maken en het onzienbare zienbaar, dat is mijn taak hier op aarde. Ik ben een gezondene. Een porfeet. Ook d at!
Waarom?

Daarom! Omdat ik niets te zeggen heb wat U kunt begrijpen. Ik moet mijn status tegen beter weten in op houden, anders kan ik volgend jaar wel naar de subsidie fluiten. 
Kent U dat meesterwerk van Toon Hermans “Blokluiten naar de overkant”?

Magistraal werk. Begrijpelijk ook. U heeft wellicht geen benul van mijn peilloze diepten, weet U en ik kan het ook niet allemaal een twee drie uit leggen wat mij beweegt en op welke voet ik leef en mij schuw voort beweeg langs belendede percelen met mijn versleten varkensleren tas onder de arm geklemd.
Zal een luis in de pels begrijpen wat een ijsbeer hem te zeggen heeft? Spreken zij dan dezelfde taal van af hun afkalvende ijsschots?

Ik dacht toch van niet!

Zal een Isis Nedloni alleen in haar taal kunnen wonen of in een schilderij? Op haar waterskis joelend vertrekken met Joe Speedboot naar haar houtvlot? Ligt daar dan soms een Yellow Submarine aangemeerd bij de dukdalven van de vergankelijkheid? Zien wij daar niet The Chimes of Freedom flashing? Voor de slechte verstaander: een vroege Bob Dylan track.

(wordt vervolgd)



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.