Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
31 mei 2012, om 14:50 uur
Bekeken:
493 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
203 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Dagboekgragment 1987 Garijp"


DAGBOEKFRAGMENT 1987 GARIJP

 

Zondag 18 jan. 1987.

 

TV ochtend concert van Lowell Fulsom en Big Mama Thornton.Het enthousiaste publiek swingt de pan uit Weer eens iets anders dan die devoot zingende lijken van een koortje in de roomse kerk. Ik lees in de Elsevier artikel over de beroepssnoever Jan Cremer die wanhopig doch tevergeefs vecht tegen een midlifecrisis. Hij pleit voor een anti intellectualisme in de kunst. Nou, daar hoeft Jantje niet veel moeite voor te doen. Nog geen jaar ULO!

 

Maandag 19 jan. 1987.

 

Bij Sonjas tv programma de overmaatse dikke stoot Karin Bloemen en de hysterika Adelheid Roosen. Baardaap Ad de Boer van de EO snottert over het gebrek aan respekt voor ons Koningshuis (zonder Oranje zijn we niets!). Geschilderd aan tweede versie Huigs dolfijne warme vis.

 

Donderdag 22 jan. 1987.

 

Bel I. even op om haar aan de afspraak met uitgeverij Cantecleer te herinneren en aan de capsules ceclafor die ze thuis heeft laten liggen. Bij een boekhandel koop ik  “De wijn van de jeugd”van John Fante en “Portret van een huwelijk” van N. Nicholson.

Ik gaf ooit een exemplaar aan Dirk en Marijke de Muinck en één aan Ella H.

In Drachten bij Musuem It Bleekerhus mijn schilderijen en grafiek opgehaald en gesproken met directeur Wouter van der Horst. Ik beloof hem het boekje “Kunst spreekt vanzelf” van prof. Rookmaaker uit te lenen op korte termijn.

 

Vrijdag 23 jan. 1987.

 

Bij de huisarts becotide gekregen om te inhaleren. Espresso en twee boterhammen op bed gebracht. Om half twee naar Heerenveen om schilderijen op te halen bij de Kunstruimte in het centrum. Een black denim jeans gekocht.

 

Zaterdag 24 jan. 1987.

 

Boodschappen en kranten gehaald. Geschilderd aan Huigs dolfijne warme vis.

 

Zondag 25 jan. 1987.

 

Geschilderd aan Huigs dolfijne warme vis.

 

Vrijdag 30 jan. 1987.

 

Elly Rouckes belt op,timide zoals altijd of ze zondag mag langs komen met een cursist van haar die een doos acryl heeft gekregen voor zijn verjaardag en instrukties vraagt hoe hij het moet gebruiken.

Natasja belt op of ze nog één nacht bij Annet mag blijven slapen,want ze gaan vanavond naar de bowling om te fonduen en te bowlen.

Ik pak Indian Summer van Jef Geeraerts uit de kast en blader het even door. Pers daarna 2 citroenen uit en maak een gloeiend hete kwast, zet het boekje terug in de kast en pak “Voer voor psychologen” van Mulisch. Voor in het boek op het schutblad heeft mijn geliefde 1965 Frieda T. in keurige blokletters naief geschreven: ”Onder de mensen, met heel hun wereld, wat ben ik blij, dat jij er bent.”

Ik was de tekst en de herkomst van het boek al lang vergeten. In de zeventiger jaren is ze omgekomen bij een auto ongeluk ergens op de autobahn in Duitsland.

Uiteindelijk hebben de Duitsers haar toch nog te pakken gekregen. Mijn gedachten gaan terug naar de tijd dat ik haar regelmatig zag. Oktober 1965. Ik lag twee maanden lang met een koorts van 38 tot 39 graden celsius in bed ten gevolge van een ziekte van Pfeiffer, die al snel geconstateerd werd door de huisarts.

”Aanstellerij. Hij wil gewoon niet naar school!” zeiden mijn oma en tante en brachten drie maal daags humeurig het eten boven en bemoeiden zich voor de rest niet met me.

Ik lag de hele dag uit verveling naar de radio te luisteren. Like A Rolling Stone en Positively Fourth Street van Bob Dylan stonden hoog in de hitparade en de lieflijke songs van Mariann Faitfull klonken de hele dag door de ether. De tijden waren werkelijk aan het veranderen. Het leek alsof er geen einde aan mijn zieke toestand kwam en ik werd met de dag kwader. De jaren 1965 en 1966 waren rampjaren .Mijn hoofdakte examen was niet doorgegaan door de maandeelange ziekte, Els had de relatie na drie jaar verbroken en ik werd ziek tegen het einde van het jaar. De pijnlijke zweren in mijn keel beletten me te praten, kon nauwelijks eten en viel in recordtempo twintig kilo af.

Ik was gedeprimeerd. Ik stond op de rand van een totale psychiese instorting. Langzaam werd ik beter, maar kon een jaar lang niets doen zo uitgeput als ik was. Al om drie uur ‘s middags moest ik gaan slapen om overdag enigszins op de been te kunnen blijven.

Els was er vandoor gegaan met een gereformeerde schoolmeester en ik had de dag van opkomst voor de militaire dienst in het vooruitzicht in sept. 1966, vlak voor mijn vierentwintigste verjaardag.

 

Dinsdag 1 febr. 1987.

 

Ik pak de krant van 30 januari 1987 en lees dat de roomse Simonis oproept om homosexuelen uit hun huizen te zetten en woonruimte te weigeren.Het COC begint terecht een kort geding tegen de fanatieke fascistoïde  zwartjurk.

Bus naar Zwartewegsend genomen. Overgestapt naar Oenkerk om een uurtje te praten met de zo modern en sexueel ruim denkende ietwat los geslagen tennister mevr.Drs. “Blondie”L. over de bezwaren, die I. heeft tegen de monogame samenleving.

Mevr. L. houdt vast aan het liberale principe Vrijheid Blijheid en iedereen doet waar hij of zij zin in heeft,d an heebbn we nooit meer oorlog. Alle artistieke collegaatjes van I. afdeling Tehatex  op school blijken “bij de psychiater of de psycholoog te lopen”. Sommigen al jaren, anderen nemen vier, vijf jaar “ziekteverlof” op en krijgen het salaaris volledig doorbetaald. In Friesland kan alles.

De halluvve gare leraar C. raadt I. dringend een psychiater aan omdat hij ook al jaren bij de psieg loopt. Het is een stel halve zolen daar bij die tehatex dames en heren, dat is al lang duidelijk. Friesland een gekkenhuis?

 

Maandag 2 febr. 1987.

 

In de Haagse Post een naaktfoto van erotomaan Adriaan Morriën met zijn twee vrijgevochten blote dochters Alyssa en Adriënne. Adriaan blijkt een weinig imposant, verschrompeld ouwe mannen pikkie te hebben en een gekreukt zakkie met of zonder ballen dat is niet duidelijk op de foto te zien,ook niet met een vergrootglas.De dochters blijken in het trotse bezit van een paar forse, afgeneukte reten die er niet om liegen.Ex-hoer Adriënne, links op de foto, is al aardig aan het aftakelen, heeft behoorlijke hangtieten en grijpspek rollen bij haar middel.

 

Dinsdag 3 febr. 1987.

 

Om zes uur reeds opgestaan en om half zeven met I. naar Leeuwarden. De bus naar Duitsland vertrekt om zeven uur. Eerste stop Krefeld.heb slecht geslapen, hooguit vier uur en proberen dat in te halen in de bus,maar een kollegaatje van I. blijft maar doorratelen zodat van slapen niets terecht komt. Als ik vraag of ze even een kwartier stil kan zijn zegt ze dat ik dan maar niet had moeten meegaan met de excursie en kletst verder over haar onbenullige belevenissen.

In de middag komen we in Keulen aan. Naar het oninteressante Japanse Kultuurmuseum en daarna naar het Museum voor oost Aziatiese kunst. De tehatex leraren en –essen staan kwasi diepzinnig de Oosterse mon struositeiten te bewonderen en slaken verrukte kreetjes van kunstzinnige opwinding. Ik fotografeer de voor het museum laag overvliegende meeuwen boven een vijver. Het is mistroostig weer. We zetten de bagage in de jeugdherberg op onze kamer. Eerst was er sprake van dat we met een aantal anderen een slaapzaal met bedden boven elkaar moesten delen,maar ik protesteer. Ik wens niet behandeld te worden als een onmondige scholier. We krijgen een kamer voor ons beiden. We lopen met de beschaafde dame Trienke en het arrogante haarbal baardaapmonster de tekenleraar Henk P.  de Altstadt in op zoek naar een restaurant. Onderweg verschillende boekhandels ingegaan.De humorloze moffiese sfeer ligt de haarbal Henk P. wel.

”Als het even meezit is hij er morgen beroemd met zijn schilderijen,” zegt hij. Ik betwijfel dat. Morgen gaat hij wel even een beroemde galerie zoeken waar hij meteen eeen tentoonstelling zal kunnen krijgen alss tekenleraar.

Het zal op niets uitlopen. Friese grootspraak.

We eten in een zeer ongezellig Argentijns restaurant met een slechte bediening. Ik kijk naar een buitengewoon onaantrekkelijk stel mensen. Hij is net een volgevreten varken, zij tenger en zwaar brillend. Ze zitten met elkaar te flirten en lebberen elkaar ongegeneerd af. Ik krijg associaties met een varkensstal. Na het eten lopen we een Jazzcafé binnen. Er is een minderheid aan vrouwen. Het combo speelt slecht. Het repertoire is afgezaagd. De drummer speelt net een fraktie buiten de maat,waardoor de muziek moeizaam en rommelig klinkt.

Henk P. vindt het prachtig: ”Echte Amerikaanse Jazz, dat hoor je niet bij ons in Leeuwarden!” zegt hij enthou siast. Ik glimlach minachtend. De pianist speelt in Hank Jones stijl, de saxofonist blaast een weinig originele, maar soms mooi strakke toon. Beter, soepeler dan de Hollandse beroemdheid Fred Leeflang. Om half elf  bek af naar bed. Onder de vrouwelijke leerlingen die mee zijn met de excursie zie ik een opvallende dame,een zekere Ina Smit, uitstekende geschikt als portretmodel met haar aparte, sensuele kop. Als we de volgende ochtend beneden komen is het ontbijt al helemaal op. Na de nodige ergernis en lang aandringen krijgen we een paar harde broodjes, koffie en een glas zoet smakende, stroperige, smerige, slijmerige limonade, alsof het bedienend personeel zich er en bloc boven het glas heeft staan afrukken.

Je weet het maar nooit! Mahlzeit!

Om half negen brengt de bus ons naar het Wallraff Rickartz Museum met een prachtige collectie primitieven, maar ook de fine fleur van de 17-e eeuwse schilderkunt.

De 20-e eeuwse collectie is voor een privé collectie zeer indrukwekkend (Sammlung Ludwig).  Enkele Magrittes en Delvaux vallen op. We gaan de stad in met Trienke en helaas loopt tekenleraar  Henk P. met zijn ziel onder zijn arm als een eendje achter ons aan te waggelen, drinken espresso, ik neem verse aardbeien met slagroom, ‘s middags keren we er terug.

Het is er dan bijna vol, om vier uur zitten we in Pappa Joes Jazz Café,een groot bruin,gezellig café, jaren zeventig stijl vol frutsels, franjes en frubbels,oude melige fotos stijl Laurel en Hardy ,portretjes uit de negentiende eeuw en affiches.

We halen Trienke op bij de Dom en gaan naar een pizzeria vlak bij de Rijn.

We hebben Henk P. eindelijk van ons af weten te schudden.Drinken voor toe een espresso met een glaasje likeur Ammareto.

Vijf over zeven zijn we terug naar de bus en komen half twaalf aan bij het station. We lopen naar de auto, profiteur Henk P. en de inbeschaafde dame Trienke rijden met ons mee. Als tegen prestatie weigerde de zo fijn christelijke Henk ons mee te laten rijden naar een conferentie van Christian Artists een paar jaar later, ondanks dat hij plaats genoeg had in zijn auto. Half één weer thuis.

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.