Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
18 september 2011, om 08:55 uur
Bekeken:
571 keer
Aantal reacties:
3
Aantal downloads:
165 [ download ]

Score: 2

(2 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Schoon”moeder”? Een grapje?"


Schoon”moeder”? U maakt een grapje?

 

Ik ben niet door mijn eigen moeder opge voed maar verbleef vanaf 18 maaanden bij mijn verbitterde grootouders en een in wonende tante. Een sfeer van haat, bitter heid, negativiteit, agressie en afwijzing kende ik dus uit ervaring.

Het wapent je voor je verdere leven. 

Mijn broer -vermoord- en zusje-psychiatrisch patiënte-  gingen er aan ten onder. Zij waren kwetsbaarder dan ik dat ben. Het leven bestaat slechts uit losers en winners. De jaren veertig en vijftig van de vorige eeuw waren niet bepaald kindvriendelijk. Vijf jaar nazi bezetting had de bevolking geconditio neerd.

 

Jaren lang ging ik om met een streng gereformeerde juffrouw met een familie die geen anders denkenden in huis duldden, zij behoorden tot de oprichters van de EO, dus ik had genoeg ervaring met de vijandigheid van de christenheid, die de naasteliefde in theorie predikten, maar tegenovergesteld handelden.

Hiermee vertel ik niets nieuws en hoeft een en ander geen uitleg om vooral geen minder kritiese gevoelige zielen onder de lezeressen te kwetsen.

 

Ik was dus wel wat gewend toen ik in 1969 trouwde en een even vijandige orthodox rooms katholieke schoonfamilie tegenover mij vond.

Ik vond dat geen overwegend bezwaar. De schoonouders eisten dat er behalve zij zelf geen kennisssen van mij en mijn echtgenote bij de huwelijkssluiting aanwezig zouden zijn. Aldus geschiedde.  

Ik ben nogal nuchter en leg zulke dingen gemakkelijk naast mij neer. 

Mijn schoon”moeder” eiste dat ze met Mevrouw en met U werd aangesproken. Ach, waarom niet. Ik liet het maar zo. Hun koud was mijn warm en vice versa.

De schoonmoeder was een uitgetreden ex-non uit één van de meest rigide ordes die Nederland ooit heeft gekend en bewonderaar van bisschop Simonis, die in besloten kring gold als een fel bestrijder van de reformatie. 

Bijster intelligent was zij niet.

Culturele belangstelling was in de familie geheel afwezig.

Boeken werden er niet gelezen. De EO, de protestantse kerken en de linkse partijen waren De Vijand en moesten zo snel moge lijk worden uitgeroeid, beweerde ze. De reformatie was hetzelfde als de Provo bewe ging.

 

Van 1968 tot 1976 nam ik met tussenpozen deel aan de Beeldende Kunstenaars Regeling die via kunstaankopen tegen een kleine uitkering een inkomen genereerde. Het was een dooorn in het oog van de schoonmoeder. Zij beweerde: "Ons vaderland gaat ten onder aan die zogenaamde parasiterende kunstenaars". Zelf was ze huisvrouw.

Ik zei haar dat de regeling voor kunstenaars nog geen cent op de begroting was.

"Dat kan niet!" snoof ze.

Tot in 1996 toen ik al 20 jaar uit de regeling was zou  het bij verjaardagen nog regelmatig onderwerp van gesprek zijn. Over mijn schilderijen en tekeningen werd gesproken o.a. door een plat Haags sprekende oom van mijn echtgenote  als "rotsooi die in de kelders lag te rotten op kosten van de belastingbetaler". 

Ik vroeg hem geamuseerd of hij ooit iets van mijn werk had gezien. Nee, want kunst interesseerde hem niet. Hij keek liever naar voetballen.

Ik wist genoeg en glimlachte heel even. 

 

Als de kunst geen onderwerp van gesprek was dan werd het feit nadrukkelijk vermeld ddat ik geen auto reed. Commentaar van de schoon"moeder": het is geen man die niet auto rijen kan.

Ik was dus "het".

Zelf reed ze een paar keer een auto in de prak door stelselmatig verkeerd te schake len. 

 

Enkele jaren gaf de schoon "moeder" kook- en strijk lesssen aan een huishoudschool waarmee zij zich gaarne de status van lerares aan mat. 

Haar achtergrond was een ulo en daarna een nijverheids akte L.O. strijken, dat bestond toen nog. Diverse malen heb ik haar anti-semitische en racistische uitspraken horen doen over joden en zwarten. Het ergerde mij. Zij deed dat om mij uit te dagen, maar ik ging daar nooit op in. Liep dan gewoon de tuin in om een sigaartje op te steken. De opvattingen van de orthodox roomse kerk waren nu eenmaal de mijne niet en discussie daar over was toch niet mogelijk met aan hangers van extreem rechts.

 

In 1980 reden ze via een doorgaans verlaten  b-weg naar een rk kerk in Friesland. Mijn echtgenote reed. De auto was vol met  vier volwassenen en twee kinderen. Mijn schoonmoeder zei dat de weg vrij was en we konden passeren. Dat bleek niet juist. De uitwijk manoeuvre van een tegelijkertijd passerende achterop komende auto voor een tractor resulteerde in een auto ongeluk waarbij de ons passerende auto tegen een huis reed en over de kop sloeg. Ik zag het dak van de auto bezwijken en vreesde het ergste en zei mijn echtgenote onmiddellijk te stoppen om hulp te verlenen.

Mijn schoonouders bevalen mijn echtgenote door te rijden, want de mis kon niet wachten en die vent was toch al dood, meenden ze.

Ik was daar hevig door ontzet.

De man in de auto die verongelukte had inderdaad dood kunnen zijn. Het was onze plicht te stoppen, vond ik en zei dat onomwonden.

"We kunnen wel merken dat je linkse sym pathieën hebt" zei mijn autistische schoon vader minachtend. 

Ik zag voor de zoveelste keer duidelijk de meedogenloosheid en de onverbiddelijke hardheid van mijn schoonouders.

Na afloop drong ik er op aan van het voorval  aangifte te doen bij het plaatselijke politie buro.

"Wij gaan niet mee, hoor. Jullie zoeken het zelf maar uit! Je doet maaar wat je niet laaten kan!" zeiden de schoonouders in koor. Ze bleven in de auto wachten. De aangifte was snel gedaan.

 

Een paar dagen later sprak ik een dorpspas toortje uit Bergum en legde hem als test case het geval van door rijden na een ongeluk voor.

Hij gaf zonder enige aarzeling toe dat de betrokkenen hadden moeten stoppen.  Zijn oordeel viel mij mee.

 

Onze kinderen waren jong en om die reden ging ik regelmatig maar wel met grote tegenzin op bezoek bij de schoonouders.

Over iets anders dan het weer, gekanker op de buurman die "maar een hoofd van een lagere school was en waar zij tegen wil en dank naast moesten wonen" en 'dat het een schande was dat een, zoals zij het noemden, tapijtenkoning, in hun wijk woonde" of over iets anders dan de enige, ware heilige Room se kerk heb ik haar nooit horen spreken.

Ze vond met haar man dat Hitler "toch ook wel goeie dingen had gedaan" en dat Joden teveel klaagden. Dat zou bij hun "cultuur" horen had een paus ooit eens gezegd.

 

Het Roomse bijgeloof sloot volgens mijn schoonouders geloof in spiritisme, magne tiseurs en helderziendheid niet uit. Een vreemde mix van occulte invloeden, Maria aanbidding met een vleugje  oud- en nieuw testamentische opvattingen van onder geschikt belang.

Zo verkondigden ze dat Christus niet gebo ren was uit een vrouw maar uit diamanten kelken, die uit de aarde waren ontsproten in het jaar nul. Sprookjes voor volwassenen.

Volgens geruchten in de pers vonden in het Vaticaan satanische missen plaats in de jaren ’90. De schoonmoeder vond dat heel goed “want de Paus wist er van en de paus was God op aarde, als die het goed vond dan wa shet ook goed”. 

Zelf nadenken behoort niet tot dee histroie van de orthodox roomse kerk.

"Meneer pastoor trekt ons wel de hemel in" was een  regelmatige terugkerende mening.  

Vanaf 1989-2002 bezochten mijn echtgenote en ik met enige regelmaat evangelische of pinkstergemeeente tot grote woede van de schoon”moeder”.

Op verzoek van de schoonouders werd mijn echtgenote de toegang tot de roomse kerk ontzegd.

De schoon”moeder” had zoals alle vrouwen in de familiekring van mijn echtgenote een dominante invloed in de gezinnen en de vrouwen terroriseerden hun doorgaans slappe, bangelijke echtgenoten. Pantoffelhelden.

Bisschop Simonis ontving via bewonderaars tonnen en dure autos . Hij speelde graag het arme patertje. Tijdens een coctail party weigerde hij mijn echtgenote een hand te geven omdat zij een evangelische gemeente bezocht. Voor de EO speelde de bisschop graag de leutige pastoor met zijn opmerking over misbruik van minderjarigen binnen de RK kerk  "Wir haben es nicht gewusst" daarmee op spottende en lichtvaardige wijze refererend aan de ontkenning van de holo caust door bepaalde bevolkingsgroepen.

In 1996 besloot ik de schoonouders niet meer te bezoeken. Na 28 jaar een voort durende stroom aan beledigingen te slikken was het genoeg voor mij geweest. Op hun begrafenis heb ik verstek laten gaan. 

Hun overlijden deed mij niets. Ik denk zelden aan ze terug.

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.


Reacties:

De situatie vlak na mijn huwelijk jan. 1969 was financieel een heel lastige periode. We leefden van 84 gulden per week , dat was toen ook heel weinig, en moesten van alles aan schaffen
Warm water of een douche was er niet in het huis, wel een oliekachel. Enige support van familie of "vrienden" was er niet.

Geplaatst op: 2011-09-18 14:48:26 uur

Dank Corry
voor je groene duimpje
ja het is altijd jammer als binnen families conflicten zijn die eigenlijk overbodig zouden moeten zijn
ik neem daar nooit deel aan
het is tijdverlies

Geplaatst op: 2011-09-18 14:26:26 uur

Een boeiend geschreven verhaal Fred. Een zeer bewogen tijd was dat toen voor jou!
Ik kan mij indenken dat je niet vaak aan je schoonouders terug denkt!
Met aandacht heb ik dit verhaal gelezen en een smaragdgroene duim heb je hiermee beslist verdiend, enne......ga zo door Fred!

Een prettige zondag gewenst. Liefs van Corry.*

Geplaatst op: 2011-09-18 12:43:07 uur