Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
21 augustus 2011, om 10:00 uur
Bekeken:
484 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
186 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Life is but a dream. Liever an icecream!"


 

(Life is but a dream. En voor wie dat zijn voornaamste referentiekader is…voorwaar, ik zeg U, die is zichzelf ontstegen) 

 

                            LIFE IS BUT A DREAM. IK HEB LIEVER EEN ICE CREAM

 

Nu dan uiteindelijk vrolijk uit de school klappend met zijn arrogante kunstkop alsof het niks kost, uit liefde voor Vlaanderenland, al waar hij reeds vanaf 1963 met veel goesting voor paling in het groen plus waterkonijn aan het spit, talloze keren voor kortere of langere tijd verbleef, om dan nu eindelijk op aan vraag van de vrouwelijke clientele van de O.K. Alles Kits Bar ongegeneerd den bronstige, ongeschoren, brutale  artiesten bek wijd open te trekken, overigens zonder gelijk uit zijn groezelige, ongeschoren nek te gaan zwetsen, want hij heeft U allen lief voor zo lang als het duurt en een enkeling van de vrouwelijke kunnen in het bijzonder, dan mag ik denken aan mijn virtuele vriendinnen die ondanks al mijn ongebbe lijkheden toch het beste met mij blijven voor hebben, de bepaald zeer aangename dame I.  , die door de jaren heen aardig door de wol geverfd van wanten weet en zich er niet tussen laat nemen, door niemand niet en zeker niet die meneer Fred van der Wal met volgens Friezen onaangename streken en misselijke op- en aan merkingen. Het is maar dat U het weet! Als iemand haar  mannetje staat is het I.

 

                                FRED VAN DER WAL: WILT U MIJ MAAR EVEN VOLGEN?

 

En een lucht dat er vanaf slaat in een greppel waar de zon de hele dag op heeft gestaan met al die stront- en steekvliegen! Kunt U nog Uw eigen baan trekken, trek dan mee!  Wilt U mij maar even volgen? Ik zal U geen beentje lichten op die smalle plank. De veronderstelde geheimen van mijn schrijvers- en kunst schildersstiel ge koppeld aan een dosis ingehouden levenskunst waar de griffer meerde ouderlingen Ro derick Houtepen en Fredrick Fijnvandraat  van uit hun schommel stoelen en oorfauteuils achter over zou den  slaan nu eindelijk definitief ontsluierd door Uw verslaggever ter plaatse. De flauwe kul van de Da Vinci code is er niks bij! Laten we wel wezen. Ik heb namelijk geen geheimen.

 

                   LIEVER EEN DEKBED OVERTREK MET ROZEN DAN HET DEKENAAT

 

“ Weet U; zij blijkt de schoonste aller schonen van de Veluwezoom zijn en zo hyper artistiek, verstandig en actief op velerlei terreinen en ik mag dan wellicht niet waardig zijn de zoom van haar op ge schorte, zwart fluwelen rok huiverend van ingehouden wellust aan te raken, maar ik was dan misschien ook wel geen jeugd genie, zoals zij of buitengewoon begaafd op welk gebied dan ook, toch wist ik van hout nog wel eens pijlen te maken in een verloren ogenblik en toen ik eenmaal uit de krammen schoot als broodma gere, inbleke artiest was ik in mijne goesting als zenuwelijer niet meer af te stoppen door de Schepenen van Antwerpen, is mij dat allemaal achteraf gesproken nog lelijk opgebroken. Ook het dekenaat deed mij niets. Ik heb liever een dekbed overtrek met rozen er op. De clerus had zijn handen van mij af ge trokken en terecht want ik ben er niet zo van gediend om aangeraakt te worden door onbekenden, behalve als het in de nabije toekomst dierb’re intimi worden dan is het wat anders, dan mag alles en kan alles, maar wel op zijn tijd. Jarenlang om die reden  piano lessen gevolgd bij Frater Ambrosius de Jongere, de bekende monnik met tien duimen in plaats van vingers aan zijn handen en jaren lang heb ik al zijn luimen verdragen waaronder veel gegraai in niet nader te noemen erogene zones en nog kon ik na afloop met hoogrode konen geen noot lezen, maar wel een blues of een boogie woogie spelen en heel veel andere dingen die hij mij geleerd heeft en waarmee ik nog elke dag in het Bois de Boulogne mijn voordeel mee doe na twaalf uur des avonds bij het beukenoten rapen. Ook op de elektrische guitaar die naast mijn Toshiba lap top, een van mijn acht computers, staat. En dan moet U aan de tunes van John Lee Hooker denken met zijn bezwangerd stemgeluid. Swamp Blues. Gassig en Moerassig, die subterranean homesick blues klanken. En hoe dat een modern mensch allemaal aan pakt.

 

                “IK BEN NOG STEEDS EEN ONZETTEND STOUTE JONGEN…”

 

Fred van der Wal: “En ik ben en blijf een beschroomde laatbloeier en een ontzettend stoute jongen, die het volgens  drs. M. uit Friesland flink achter zijn elleboog heeft met al zijn artistieke fratsen en gezegend is met een getroubleerde geest…om over de streng gereformeerde Groningse kunstschilder H. te W., bij ge naamd de miljonair op klompen maar helemaal te zwijgen want die beweerde in een bewogen smeekgebed eens voor het eten dat ik mij al jaren bevond In De Laatste Duisternisse Der Duisternissens  Die Ons Ver stand Verduistert, Alwaar Het Vlees Niet Verteert En De Worm Knaagt Aan Het Gebeente!”

Tieperende, griffermeerde E.O. dominees retoriek. Religieuzerig gebral. Van je griffermeerde vrienden hoef je het niet te hebben, hee, Ruurd!

 

Ik begrijp uit die omgang met de kortademige Frater Ambrosius, die goede vriend van Monseigneur Simo nis, ook veel beter de eenzaamheid van de Godsman en de goesting van de alleengaander voor intermense lijk contact, de wederzijdse handreiking naar elkanders intiem en dat is niet misselijk, daar moet je iets aan doen als mens achter de kunstenaar, toch. De nood lenigen. Andermans- vrouws kruis op je nemen, over berg en dal klinkt hoorngeschal, okee, je gaat lekker gewoon lekker je gang met die alst op je schouders, natte plek in je nek, mij een biet, maar ga niet direkt misbruik maken van mijn positie want an ben ik nog van zessen klaar. Zo lang je je kraag op zet; niets aan de hand. Niet meer, maar vooral ook niet minder. Daar bedoel ik niets dubbelzinnigs mee, maar onderdehand ligt er toch een taak voor je weg gelegd in het leven. En ik ben en blijf om die reden een beschroomde laatbloeier en een ontzettend stoute jongen, die het flink achter zijn elleboog heeft met al zijn artistieke fratsen, een man die tegen vrouwen en kinderen wel durft en er zo doende nog steeds niet in is geslaagd als ongeschoren kunstartiest de maatschappij een stuk rijkelijk be legd brood inclusief dertiende maand en pensioen af te dwingen en toch ondanks al zijn makkes en ge brek aan moraal heel prettig leeft daar in de Bourgogne. Daar helpt geen Balkenende met zijn zuinige mi nistersploeg mij van af. Dat zulke mensen nog hun mond mogen open doen, dat moest verboden worden! Toch ga ik niet morgenochtend op weg naar het Binnenhof met een doorgeladen ma chinepistool. Ik prefereer het Scorpion machinepistool uit Tsjechie boven de populaire Kalsjnikow en geloof dan ook in de macht van het vrije woord en de pen is machtiger dan het zwaard. Zeggen ze in de wandelgangen.

Wat zegt U daar? Mijn leven schraalhans keukenmeester? Dat had je gedacht! Wat denkt U wel met wie U eigenlijk te maken hebt? Nee, de omzet in wijnen van de Lidl hier in huis bereikt bij tijd en wijle een aar dige omzet, alhoewel doorgaans twee, drie glaasjes mijn maximum is. Talent voor verslavingen heb ik niet of het moet verslaafd aan de liefde van de Meedogenloos Mooie Sprankelende Muze zijn, mijn eigen King Size bruistablet van 1.83 en 78 kg., dat is weer heel iets anders. Daar doe ik gewoon verder geen mededelingen over voor ik overleg heb gepleegd…U zou maar op verkeerde ideetjes komen.

 

                   MENEER! MEVROUW! U  BEGRIJPT MIJ NIET!

 

Ik zal het U eens en voor altijd uit leggen, want U begrijpt mij niet of wilt mij niet begrijpen. Je begint in je arme tijd met een onbewoonbaar verklaarde woning van twee kamers in de Nieuwe Spiegelstraat te Amsterdam gevuld met: man, vrouw, twee dochters binnen drie jaar, dat grijpt je naar de keel dus je wilt weg uit de gallemiese, de dalles en de merode. Lebensraum. Verhuisd naar beter adres op de Bilderdijk kade 4 in 1972, keek uit over drie grachten die tesamen kwamen, knapt de woning op voor acht ruggen en stoot dat weer door voor een aardige vergoeding aan een aardige jongen met lang meidenhaar van de sociale akademie, komt zelf met het vrouwtje wegens financiele successen te wonen in een vrije sector woning aan het Galileiplanstoen in de Watergraafsmeer, investeert daar tien ruggen in, toen nog een aardig bedrag in the dulle socio seventies, doet de woning over aan een huilerige hangjurk van de VU voor een redelijk bedrag, koopt eengezinswoning in Friesland, tweekapper in 1978, de  buurt is mediocre, het voor de deur gestalde wagenpark zo-zo, veel loop en sloop, gangbaar onder de laag ontwikkelde Friezen, het opleidingsnivo ver onder peil, dus het werden al gauw allemaal vrienden van mij, verkoopt die woning in 1981 aan een krengerige gymjuffrouw die net door haar man, een succesvolle Volleybaltrainer in de steek is gelaten, woont jaar in een redelijk ruime huurwoning in Bergum, daarna in een grote honderd jaar oude wagenmakerij in Garijp, een prachtig classicisties pand tien meter gevel breedte, zestien meter diepte, vestigden daar een expositieruimte in en twee ateliers, wonen daar tot 1988, kopen atelier in Leeuwarden voor mij omdat het prettiger werken is uit de buurt van de echtgenote en wonen gezamenlijk in een  huis in de Leeuwerikstraat, schaffen een huis voor de dochters, als belegging koop ik nog twee huizen om aan studenten te verhu ren, knap de woningen op en verkoop ze weer in 1996 met winst, schaft aandelenpakket van een ton aan aan dat al gauw een half miljoen waard is. Goed gegokt op techno en IT aandelen. Kopen een buitenhuis aan de kust bij de wadden, zitten meer daar aan de kust dan in het huis in Leeuwarden. Bezitten al gauw vijf huizen. Beetje teveel van het goede. Je gaat denken: nu heb ik er vijf, straks vijftig. Wil ik dat? Nee, dat wil ikhelemaal niet, want het onderhoud deed ik zelf dus stond ik ge regeld vloekend in de dakgoot met een hand vast houdend aan een gebroken dakpan. De Godvers weerkaatsen tegen de rode dakpannen die geurden als een warme roos, maar niet heus. Het leek meer een open riool wat ik ops tond te snuiven. Ben ik daar menslievend, in- en ingevoelig kunstenaar voor ge worden? Helemaal niet! Verkopen de huizen en kopen een boerderij in het buitengebied van Oldeboorn, uit zicht tot aan de horizon, steken er een paar ton in, ik bouw er een expositieruimte waar ik een jaar over doe en verkopen het in 2001 met drie ton winst. Big deal! Ben nu eenmaal geen lul debehanger! Aankoop april 2002 van Grande Maison in de Bourgogne waar al gauw twee ton en jaren werk van mijzelf in gaat zitten met als resultaat elf, twaalf grote kamers, een bibliotheek, twee ateliers, een voor mij en een voor mijn wederhelft en ieder een werkkamer. Ook in dit pand openen we een galerie d’art zoals de Fransman het zegt. Je stelt je prioriteiten, want je moet wel: je kunt als kunstartiest de hele dag je…(plat voor manlijke geslachts deel) achterna lopen, maar daar schiet niemand iets mee op en je kunt er nog heel erg ziek van worden ook als het weer even tegen zit.

                 FRED VAN DER WAL: IK BEN GEEN MIEP KNIEP OF EEN DROGE KURK….

Ik heb niet altijd op de schobberdebonk geleefd of de poen over de balk gegooid zoals de AOW-er Jan Cremer, maar ook niet als een Miep Kniep of droge Kurk door het leven gegaan en kijk eens naar dat Grande Maison in de Bourgogne, waar ik nu al weer meer dan vier jaar in woon. En dan zeggen de ge subsideerde Amsterdamse collegaatjes van Arti et Amicitiae ; Hoe krijgt die lummel het voor elkaar, maar ik zeg daar op: talent trekt talent aan en daarom heb ik een plezierig leven met veel Wein, Weib und Ge sang en zij wonen als subsidiekunstenaars drie hoog achter aan een verkeersader waar de uitstoot van ben zineslikkers opwolken tot ver boven de huizen, een lucifer erbij en… en dan de stank in de straten, die staat als een blok, waardoor je de ganse dag met een dikke strot rond schoffelt waar hooguit een hees gepiep uit komt als een zieke papegaai. Inderdaad! Mag ik bedanken? Heel wat scabreuze liedjes en groe verhalen stromen me daarom de strot uit na een flesje of drie rode Sancerre of Minervois, want Isis mag dan wel zeggen dat warme rozen rood ruiken, hetgeen ook waar is en goed opgemerkt of dat je van rode wijn rozig wordt en van witte bleek, ik geloof haar op haar erewoord, maar ga dat voor alle zekerheid eens allemaal gewoon fijn opzoeken in de Encyclopie daar in de bibliotheek van Koos Voorhans en zing onder dehand Roses are Red my Love. Luidkeels, want we willen gehoord worden.

               ZEKER WETEN; EEN NEUCK IN DEN MORGHE IS EEN DAG SONDER SORGHE

En waartoe ik dan na twee flessen bereid ben wat de vrouwtjes tussen de dijtjes betreft, dat wil ik ze alleen onder vier ogen mededelen als ze net uit bad komen met hun geparfumeerde tumtummetje, want anders  zit ik hier in Frankrijk morgen voor minstens zes jaar in het cachot, geketend aan polsen en enkels en zie hoe de guillotine knarsend naar buiten wordt gereden door de beulsknechten van Monsieur LePen. Ze zijn hier nogal streng op sommige punten. Oh, Boy (Girl) dat heeft voor de ware masochist ook allemaal zo zijn charmes, mits de prelude zich afspeelt in een duistere, ondergronds kerker is waar minstens een deci meter of drie condenswater staat, de ratten piepend rond zwemmen, het duister mij elke waarneming belet, zodat je fijn op jezelf bent terug geworpen en eens over jezelf gaat nadenken, de lucht bedorven en verstik kend is, ja, pas dan kom je jezelf echt goed tegen, dan weet je weer dat je leeft (en daar om zing ik).

En wie zal zeggen dat dan de schandpaal dagen vantevoren  niet uit een schuur wordt gesleept om diejen Hollander eens mores te leren? Maar weet U wat ik echt mis en dat is erger dan kerker en valbijl tesamen? Nee? Bitterballen, Vloamse Frituur, drop en stroopwafels. En als U hier langs komt dan neemt U toch wel het een en ander mee? Anders sta ik toch niet voor mijzelf in!

 

FRED VAN DER WAL:”TROU MOET BLIJCKEN, WAARACHTIG, DIE SLAG IS JOU, ZEIDEN ONZE KOENE VOOROUDERS VAN DE VOC AL IN DE 17-E EEUW ONDER HET SLAVEN HANDELEN! EN MAG IK DAT  SCHOONS ALLEMAAL EVEN VERTALEN NAAR ANNO NU, WANT ER ZIJN SLAVEN EN MEESTERS…”

Een dag of drie lang in zijn gezelschap en wij vermoeden dat in hem een min of meer begaafde kome diant van het slappe koord schuil gaat, die wij niet geheel en al serieus kunnen nemen. De diepere gronden voor zijn stilzwijgen liggen elders, maar niet  in Bobbejaanland of het pretpark op de Veluwe.

Hij zegt in een serieus ogenblik als wij ‘s avonds laat in de tuin zitten en naar de sterren hemel kijken, na een onbewolkte warme zomerdag: ” Ik ben door mijn opvoeders zonder een cent het huis uit gezet omdat ik kunstschilder wilde worden. Is me dat niet merkwaardig? Mijn familie heeft mij in niets gesteund en zelfs bestreden met een fanatisme waar een orthodoxe SGP-er  met een zwarte hoornen bril jaloers op kan zijn. De eerste drie jaar van mijn kunstenaarsschap was het roeien met de riemen die ik had en dat die niet langer waren dan een paar gebroken pollepels, soit, daar wil ik het liever maar niet over hebben. Ik heb het ze vergeven als goed gelovig gristen mens met een broek vol naasteliefde, voila, want het waren eenzame, verwarde, paranowiede warhoofden, rond dobberend in een rijk, doch troosteloos bestaan in een enorme villa te Heemstede, het forenzendorp waar Ischa Meijer ook woonde. Nimmer lichtte een  helder, magisch moment aan het wazige firmament hunner bestaantje op..en wie ben ik dan om de eerste steen te gooien. Ja, toch? Ik heb ze toen negen jaar niet gezien voordat ze tot inkeer kwamen en zoals ik al zei; nooit is er ook maar een verwijt over mijn lippen gekomen. Wat zegt U daar nou weer van? Had U toch niet gedacht, hee? “

                                                             DE RODE DRAAD

“Door ieders bestaan loopt een rode draad. Het is de kunst die rode draad te ontdekken. Een thema voor het leven. Mijn themas zijn Uitredding, verlossing, dood en eeuwigheid, maar ook het spel in al zijn vorm en. De Homo Ludens dus en de Homo Sexualis, want het gaat er om dat je wat plezier uit het leven perst. Kort samen gevat; het hele bestaan omvat dat dus zo’n beetje. Veel van wat ik mij gewenst heb is al lang vervuld. Ik heb bereikt, wat ik bereikt heb. Je moet je eigen bestaan smoel geven. En vooral niet je talent en begraven. En verder is het aan de Noordzee gegeven om eindeloos door te gaan met het klotsen der rollende golven die het Zandvoortse strand en de duinenrij kapot beuken. Moet ik dan maar tot in alle eeuwigheid door gaan? Voor wie, voor wat, voor waar? Moeten wij dan maar blijven doorsijken, door zeuren, doorjammeren, doorzagen, dooremmeren en doorzeuren tot we krom van de rheuma en de jicht staan? Welnee!

Ik ben altijd een optimist gebleven en dat is het enige perspectief. En voor de zekerheid die twee voitures in de garage, die cash betaald zijn, want voor afbetaling heb ik zo’n minachting, dat kost je alleen maar een hoop extra. Okee, geld moet rollen, maar niet de verkeerde kant op. Ik houd mijn beide jatten op mijn zakken als ik daar bij de vijver in het Vondelpark zit te mediteren in de lotuszit bij de Muziekkapel . U weet wel, maar U denkt toch niet dat ik voor U me daar een beetje op mijn kop ga staan in hogere sferen zodat alle elastiekjes, koperen muntgeld, benzine aansteker, lucifers, condooms, zweepje, handboeien, dildos, tepelklemmen, butt pluggen in drie maten en identiteitskaart uit mijn zakken rollen? Heeft U dan Uw zin? Nee toch? Dat wil U toch allemaal niet weten?

Onder een hoge Kastanjeboom, daar kan ik wonen, tussen de watervogels, temidden van het gelispel van de lissedodden en het oogverdovende gezang vande zonnebloemen, mits er een duidelijk weidebeheer beleid wordt gevoerd door de bevoegde instanties, anders haak ik af en vertrek naar elders. De natuur, he. Kleurendoof en stekeblind is menigeen voor die wonder’bre wereld. Life is but a dream. En voor wie dat zijn voornaamste referentiekader is…die is als gevoelsgenoot zichzelf geheel ontstegen. En wat dan ach terblijft? Een lege dop!”

 

FRED VAN DER WAL: IK BEN BESLIST GEEN LIEFHEBBER VAN DE GROTE MAFKETEL REM BRANDT …

 

“Het is uiterst wichtig jezelf trouw te blijven. Je echtgenote niet altijd, want iedereen gaat zijn eigen gang net als Pippi Langkous en dat is goed als het vice versa gaat, over en weer en op en neer, maar dat is weer een ander chapiter, want trou moet blijcken en een neuck in den morghe is een dag sonder sorghe, zeiden onze zeventiende eeuwse calvinistische voor vaad’ren als ze naar een schilderij of ets van de Grote Rem brandt keken, waar ik geen liefhebber van ben. Ik heb gelezen op het weblog van Isis dat vreemd gaan hetzelfde is als neuken. Nooit geweten. Ik dacht als reine, onbevlekte jongeling altijd dat het iets met een universitaire opleiding vreemde talen te maken had.

 

Waar ik nu mee bezig ben in mijn verhalen en schilderijen dat was al reeds in de kern aanwezig toen ik een gepassioneerde, vroege, ongelukkige twen was, die onzeker langs de gevels van de huizen van on trouwe vrouwen en overspelige mannen sloop, doch geen deel aan hun wereld had als buitenstaander en door de klep van de brievenbus naar binnen loerde omdat ik ook wel eens wilde weten wat en hoe en waarom het er zo toe ging in het echtelijk verband, mijn versleten varkensleren tasje onder mijn arm tot in de zweterige oksel geklemd, een zonnebril zomer en winter op alsof ik mij schaamde voor mijn eigen spie gelbeeld.

Het drama van het mens zijn is dat hij nooit harder kan lopen dan zijn eigen schaduw. Hij kan er ook niet als bij het bokje springen over heen komen. Niemand ontsnapt dus aan zijn gebondenheid. In vrijheid weliswaar, dus kunnen we van alles uit gaan halen op het seksjuwelen vlak, die slag is U!  Wat belangrijk is of we evolueren op de weg die wij te gaan hebben. En waarom? Daarom! En op die weg wordt geen wielerwedstrijd gehouden, geen prijzen uitgereikt, geen winnaar die de mooiste juffrouw van het peloton vijf minuten bij d’r tieten mag pakken, waar geen doelen zijn te bereiken of na te streven. De way of life is namelijk dat doel in zichzelve.

UIT HET RAAM MET D’R HELE TAFELTJE DEKJE PARAAT…DAT ZIE IK ZO GRAAG ALS IK EVEN LANGS KOM!

Velen zitten vast in een uitzichtsloze gore, banale existentie, maar wat kunnen zij anders? Als ik in the silver sixties van Haarlem naar Amsterdam per trein ging dan zag je de troosteloze afbraakpanden als je de hoofdstad binnen reed waar soms een appetijtelijke dame uit het raam hing met d’r hele tafeltje dek je pa raat en dat gaf mij altijd een gevoel van melancholie, omdat ik zelf in een villa in Heemstede woonde en me afvroeg wie daar meer rechten op had. Ik ben een borstenman, maar ook een billen en benenman. Wat kan zo iemand verder doen die uit het raam hangt met d’r hele hebben en houwen in de aanbieding? Springen? Als een versierde raket in gedachten het luchtruim kiezen en de dampkring verlaten om als satelliet eeuwig rondjes te draaien rond de aardkloot en seinen uitzenden?  Maar ten eerste is de mens geen raket, laat staan een versierde raket, maar daarnaast heb ik te maken met zij die om mij henen staan in al hun mededogen en compassie. Ik weet dat de meeste mensen moeten lijden, onder de ander of onder zichzelf. En voor wie daar genoegen in schept zoals mijn tienduizenden sadomasochistsche vrienden en vriendinnen overal ter wereld is er geen vuiltje aan de lucht, die gaan door met op- en afzwepen tot ze geen pap meer kunnen zeggen. Het is dus zaak te evolueren van aanhanger c.q. –hangster van de oersaaie vanille sex naar het full time sadomasochisme, dat zou heel wat oplossen. Uit leed wordt kunst geboren, dat is toch bekend en voor velen is een exclusieve soort leed synoniem met extatiese vreugde voor zover pijn gekoppeld wordt aan seksjuwelen impulsen.

 

Neem nou dat verhaal van die fictieve, streng griffermeerde onderknuppel Roderick, volgens zijn Amster damse schoonmoeder van het Mariotteplein een potentaat , zich een soort miniatuur stedendwinger waant, die voor de klas staat ergens in Drenthe, een terreurbewind voert over een school met den Bijbel vanzelf sprekend en die verkoopt allemaal ethische smoesjes, want dat hoort bij zijn bediening, maar eigenlijk heeft hij er allemaal niet zo’n vertrouwen in, hij gelooft er met andere woorden geen ene moer van en gaat alleen maar met zijn streng gereformeerde vrouw Elize op zondag drie maal naar  een sekte omdat ze an ders bloedjelink wordt en het huis te klein is, dagen lang tot de volgende zondag. Hij is al jaren plaats vervangende organist in de kerk en hoopt op een vaste aanstelling. Zijn vrouw kweelt als Alt er op los en zingt de lofprijs des Heer’n met veel genot. Alle slyuizen gaan open. Uit alle gaten en hoeken sproeit het.  Ze hebben een stoot kin deren waarvan een zoon een bekende homosexueel, die heel veel van de koningin houdt, hetgeen zijn ouders allemaal  ontkennen bij hoog en bij laag tegen hun geloofsgenoten, want de wijze van omgaan van Sodom, nee, dat past niet zo in het fundamentalistiese vrijgemaakt griffermeerde kerkelijke plaatje. Vader Roderick  doet uit frustratie extra zijn best voor de klas, heeft al lang genoeg van zijn in seksjuweel opzicht nog steeds veel eisende echtgenote en is om het huis te ontvluchten in zijn vrije tijd een verwoed vogelaar, brengt in alle eenzaamheid dagen door in afgelegen vogelhutten met de kijker en een thermoskan koffie paraat als de enige erkende gierzwaluw specialist in Drenthe, geeft daar ‘s avonds lezingen over voor de plattelandsvrouwenvereniging in de pro vincie, die man heeft een doosnee leven zoals iedere schoolmeester op het platteland, met een gezin waar van een zoon dankzij het wurgende calvinistsche milieu van de weeromstuit homoseksjuweel is geworden, die al jaren niet meer thuis mag komen met zijn vriend want anders wordt meneeer de dominee erg boos en gaan de buren er in de buurt over lullen en er wordt al zo veel geluld in de buurt. Maar die behuwd vader heeft een verborgen aandrift, een geheime hartstocht…

 

FRED VAN DER WAL: VADER IS THUIS! HA, FIJN! ER KAN WEER GEWASSEN WORDEN DOOR HET VROUWTJE… 

 

Hier komt zeker commentaar op van de assertieve vrouwtjes van de emancipatie sekte! Dameslingerie! Zijn geheime voorkeur! Een opjuiner! En hoe goed komt het niet uit dat zijn flink uit de kluiten gewassen echtgenote Elize dezelfde maat heeft, dus hij hoeft niets te kopen. Scheelt weer een slok op een borrel.

Het licht allemaal keurig opgevouwen in de kast. Tast toe, lijken de behas, jarretelgordels, tangas, onder jurken en nylons hem toe te roepen van af de schappen als Elize naar de gereformeerde zangverenging is en hij genoeg tijd heeft om zijn verboden hobby bot te vieren voor de spiegels aan de wand en het plafond van de slaapkamer om niet alleen beter overzicht te hebben, maar vooral om tot inzicht te komen.

De lokroep van het door en door vrouwelijke, textiele, tuig- en hijswerk, die ook auteur dezes maar al te goed kent, kan hij steeds weer niet te weer staan. Hij moet wel in zijne bronst. Hij weet dus dat hij voor zijn gerefor meerde biotoop volstrekt verwerpelijk en belachelijk is, maar hij moet, hij kan niet anders. Het is een kwelling en een temptatie voor hem. Zijn vrouw moet er allemaal niets van hebben die is van het tiepe recht op en neer en daar gaan we nog een keer, want aldus heeft de heir der heirscharen het beschikt in de Heilige Schrift, geneukt mag er maar in een stand en van variatie moet de Heir der heir scharen niets hebben, dus dat schiet ook niet op in het rijke fantasie leven van de heer des huizes, die meer wil dan dat al leen om aan zijn gerief te komen.

Ja, dat is voor ons normale tolerante mensen allemaal ridikuul, he, dat stiekeme gedoe, maar voor die man is het een levensgroot dilemma als hij een knaap van een dubbel F doorkijkbeha aan gordt en met de rug sluiting aan het stoeien gaat op zijn rug in plaats van de beha even honderdtachtig graden om te draaien, want hij mist heel wat routine, die de vrouwen in de loop van eeuwen hebben opgebouwd op beha gebied. Voor hen is het vieux jeu en voor beha deskundige Fred van der Wal ook, die draait daar zijn hand niet meer voor om als doorgewinterde behahaha kenner van den beginne, maar daar schiet hij niets mee op, dat is de ver van zijn bed show. De zenuwen gieren hem door de keel en zijn handen trillen van begeert naar het verboden genot.

Roderick ontmoet via een advertentie in Vrij Nederland een vrouw afkomstig van de Veluwezoom, die verhuisd is naar Kennemerland, hij projekteert daar heel zijn af wijkende habitus op als hij door het dolle snikkend in haar armen ligt, beiden in lingerie gekleed. Die vrouw is natuurlijk een doodgewone nymfo mane, dikke, blonde snol uit Bloemendaal die in een villa aan de Koepellaan woont, hij gaat zelfs voor haar af als een gieter, blijkt impotent, zijn lul is niet meerd an een  verdroogd, slap elastiekje, hij wordt belachelijk gemaakt door haar vrienden en vriendinnen, die via een doorkijkspiegel fotos en videos van hem maken… zijn geheim is ontdekt, hij is chantabel als geachte dorpsschoolmeester, het is verachtelijk, vergeild en vergoord, heeft zichzelf vergooid…en dan, ja dan gebeurt het allermooiste; hij komt tot ver lichting, tot inzicht in een kosmische flash, en binnen het kader van dat voor sommigen ridikule dragen van dameslingerie doet ie iets ongehoords, iets groots, iets adembenemends, hij vraagt aan zijn minnares hem de lingerie van het lijf af te scheuren, vast te binden en een ongenadig pak voor zijn popo met haar riem te geven tot hij van kruin tot teen bont en blauw ziet. Via de mystieke weg van de pijn tot hoger in zicht. Niks aan de handa op de veranda, dat is bekend van uit de literatuur op sadomasochtisch rand gebied. Boetedoening, schuld en verlossing liggen in het verleng de van zijn kalvinistiese opvattingen, dus een pak ros op je sodommieter kan er ook nog wel bij. Niets bijzonders. Hij ervaart het op dat sublieme moment waarin pijn en sexualiteit op visionaire wijze samen vloeien in een loeiend orgasme. En hoe hij dan per tweede klas NS terug naar huis gaat… ongehoord! Van de ene bil op de andere want de popo gloeit als een vurige oven. De bos rozen die hij in Bloemendaal heeft gekocht hangt er verwelkt bij en zijn alleen de stelen nog over als hij huilend in de armen van zijn liefhebbende echtgenote die  haar beslagen bril af zet en met de overbekende Mariakoekiesblik vol van genade hem aan kijkt en dan, ja dan valt hij haar om de hals en weent zoute tranen van spijt, die haar ruim bemeten boezem doorweken. En dat laat me een kringen na, met geen theelepel Dreft er meer uit te krijgen. Vader is weer thuis! Er kan weer gewassen worden.

 

 FRED VAN DER WAL: DE GEDANE DAAD IS DE DAAD BIJ UITSTEK ANDERS WAS IE NIET GEDAAN…TOCH?

De ultieme daad dus. Maar er is nog een gans ander verhaal uit mijn welgevulde verhalen trommel. Die story  is na 9/11 zo actueel, dat wilt U niet weten. Ik aarzel dan ook om het U in alle details te vertellen. Er is een mij bekende terrorist, die wil een bom leggen onder een schoolgebouw in Langezwaag aan de hoofd staat, wie houdt hem tegen in zijn jeugdige enthousiasme ,alleen weet hij niet goed hoe een bom te maken valt. Hij mist kennis van de stiel en zoekt op internet net zo lang tot hij scheel ziet met zijn computer ogen, maar komt er nog niet achter. Hij overweegt de bouwtekening voor een draagbaar atoomwapen te volgen. Half Friesland de lucht in. Opgeruimd staat netjes. Niets aan verloren. Jammer van die schilderende dikzak uit Gorredijk. Dan besluit hij een clandestiene  vuurwerbom van een meter doorsnee in Vlaanderen te kopen bij de vuurwerk winkel van Monsieur Dutroux (geen familie van), in het land waar alles mag en alles kan en d ekranten uitsluitend gevuld zijn met nieuws over lekkende gaspijpen en overstromende rio len. Dat explosief uit die feestwinkel blaast met gemak een Leopard tank op dus hij vermoedt daar instant succes mee te hebben. Maar dan zijn dilemma: hij kan geen object dichtbij het verkoop adres vinden , dus blaast hij de onderneming maar af. Uiteindelijk blaast hij er dan maar een telefooncel mee op in de overtuiging dat je klein moet beginnen. Na de gedane daad zoekt hij een cafee op, een goor achteraf knijpje ergens in een groezelige gasse. Hij denkt als held te worden binnen gehaald, maar niemand heeft weet van het voorval. De eenzame anti held. De onbekende stille. Hij kan dat niet verkroppen. En hij ein digt die avond in een delirium waar hij niet meer uit komt, krijgt een hartaanval en gaat definitief exit. Over en sluiten maar. Dieper drama is er niet, te meer daar hij enig kind was en die hebben het extra zwaar als beide ouders al lang zijn gaan hemelen. En doordat ik die story zo eenvoudig, zo natuurlijk, zo vanzelf sprekend en zo vol van mededogen met wat niet is en nooit zal worden beschrijf denkt de lezer zich ver kneukelend op een goede afloop dat er niks aan de hand is, dat het allemaal wel los zal lopen. Nou, of er wat aan de hand is! Hij wordt zijn eigen slachtoffer indirekt. De bom die hij buiten heeft laten ontploffen wordt geen explosie, maar een implosie in hem zelf. Een naar binnen gerichte bom! En daar valt weer uit te leren dat drank minder kapot maakt dan je lief is, want zijn verloofde was al lang bij hem weg en me neer Dutroux werd al eerder opgesloten.

                                                                  KOEKOEK EENZANG

Ik behoor onder de realistische schilders natuurlijk niet tot Koekoek Eenzang zoals menig realistiese schil der uit het Noorden des lands c.s. hetgeen mij om die reden alleen al verplicht tot integriteit. Hier sta ik, ik kan niet anders, alhoewel ik wel zou willen. Het kunstenaarsplantsoen, de kunstwereld, de vlotte boys met de kekke pantalons, de holle praatjes en de Beuys hoeden uit het subsidie sirkwie; ik geef er geen nickel noch een dime voor. Hoe vaak moet ik dat nog zeggen? Ik ben er al lang achter dat dat het de nieuwe kle ren van de Keizer zijn als je de buitenkant er hardhandig af trekt. Fileren en daarna uitjes d’r op. De vis afslag te IJmuiden. Die wereld der kunsten blijkt namelijk te bestaan uit Oude Lucht, in beweging ge bracht door een piepende, roestige ventilator op een morsig tafel kleed. En wat gebaseerd is op Oude Lucht kan niet bestaan, daar ontbreekt leven scheppende zuurstof aan. De groei blijft achter. Rachitis been tjes. Gesmoord in de kiem.

Ik sta liever op de rots van mijn behoud, zoals de Schrift zo overduidelijk ons aanraadt, dan heb ik ten min ste stevige bestaansgrond onder de voeten en zak niet gelijk door mijn hoeven, alhoewel ik gaarne door klepper als een geblindeerd molenpaard tot aan de horizon. Zo lang ik de zweep voel.

De aanleiding tot het kunstenaarschap is toch meestal op therapeutische basis gestoeld. Vertel mij wat. Om de eigen wankele existentie overeind te houden boven de bodemloze put, uit ambitie ergens in de wereld alsnog een schijngestalte aan te nemen in het licht van de maneschijn als ieder verstandig mens al lang op een oor ligt. Mogen we misschien ook eens een keertje? Natuurlijk ben ik zo gek als een uit… vooral op Muze. Ik bedoel maar. En voor mijn andere multifocale complexen plus het dubbelzien ten gevolge van het consumeren van een flesje? Mag ik met dokter van Swol in koor zeggen: Ziek zijn? Beter worden!

 

Fred van der Wal , vrijdag 18 aug. 2006. COULOUTRE

Email: krietak@hotmail.com

 

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.