Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
18 augustus 2011, om 22:32 uur
Bekeken:
580 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
253 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Vrolijk uit de school klappen van de droogkuis"


EN DAN DENK IK WEER AAN DIE VROLIJKE DAGEN VAN DE VOC

 

FRED VAN DER WAL:”TROU MOET BLIJCKEN EN EEN NEUCK IN DEN MORGHE IS EEN DAG SONDER SORGHE, ZEIDEN ONZE VOOROUDERS VAN DE VOC AL IN DE 17-E EEUW! EN MAG IK DAT SCHOONS ALLEMAAL EVEN VERTALEN NAAR ANNO NU?”

 

OFF TOPIC FRED VAN DER WAL; “AWEL MADAMMEKE, IK ZIE U OFF ROAD TOCH ECHT WEL GERE EEN STIEF KWARTIERKE BIJ HET BRAMEN PLUKKEN IN DE GREPPEL NABIJ ETTERBEEK MET DE INTEGRAAL HELM ACHTER STEVOREN OP UWEN KOP, ZODAT GE SPREKEND OP EEN ALIEN LIJKT, DE MOTORHANDSCHOENEN NOG AAN DE KLAMME JAT TEN, DE BOEZEROEN VAN WEGE DE HOGE TEMPERATUREN VANZELFSPREKEND OP HALF ZEVEN OPEN TOT AAN DE NAVEL (DAT LUCHT OP) TER VERHOGING VAN DE FEEST VREUGDE VAN DE DUO PASSAGIER EN MET DE LEREN BOKS NOG AAN, ALHOEWEL HET HOOG TIJD IS OM TE WATEREN! EN LAAT DE HARLEY MAAR LEKKER EEN UURTJE STA TIONAIR DRAAIEN WANT DIE BENZINE LUCHT IS VEEL GEZONDER DAN DE BUITEN LUCHT WAAR JE ALLEEN MAAR HOOI KOORTS VAN KRIJGT ALS HET TEGEN ZIT!”

 

(Life is but a dream. En voor wie dat zijn voornaamste referentiekader is…die is zichzelf ontstegen en trotseert hitte en regen.”)

 

WATERKONIJN

 

Nu dan uiteindelijk vrolijk uit de school klappend met zijn arrogante kunstkop alsof het niks kost, uit liefde voor Vlaanderenland, al waar hij reeds vanaf 1963 met veel goesting voor paling in het groen plus water konijn aan het spit, talloze keren voor kortere of langere tijd verbleef, om dan nu einde lijk op aan vraag van de vrouwelijke cliëntele van de O.K. Alles Kits Bar ongegeneerd den bronstige, ongeschoren, brutale artiestenbek eens lekker wijd open te trekken, overigens zonder gelijk uit zijn groezelige, ongeschoren nek te gaan zwetsen, want hij heeft U allen lief voor zo lang als het duurt en een enkeling van de vrouwelijke kunne zoals Isis Nedloni in het bijzonder, maar dan mag ik ook denken aan mijn virtuele vrienden en vriendinnen die ondanks al mijn ongebbe ijkheden toch het beste met mij blijven voor hebben, de bepaaldelijk zeer aangename dames Isis, die door de jaren heen aardig door de wol geverfd van wanten weet en zich er niet tussen laten nemen door die meneer Fred van der Wal met al zijn onaangename streken en misselijke op- en aanmerkingen. Het is maar dat U het weet!

 

RUGGEMERG

 

En een lucht dat er vanaf slaat in een greppel waar de zon de hele dag op heeft gestaan met al die stront- en steekvliegen! Kunt U nog Uw eigen baan trekken, trek dan mee! Wilt U mij maar even volgen?

De geheimen van mijn schrijvers- en kunstschildersstiel gekoppeld aan een dosis ingehouden levenskunst waar de griffermeerde ouderlingen Roderick Houtepen en Frederick Fijnvandraat van uit hun schommel stoelen en oorfauteuils achter over zouden slaan nu eindelijk definitief ontsluierd door Uw verslaggever ter plaatse. De flauwe kul van de Da Vinci code is er niks bij! Laten we wel wezen. Vraag maar aan die bleke dominee Snijdoodt, die zo snerpend verkondigde dat het Woord des Heren een tweesnijdend zwaard is en dwars door je ruggemerg glijdt.

 

“ Lelijk in de luier, mooi in de sluier!” mompelt Fred van der Wal voor zich heen als hij weer naar het uit dagende portret van vijf jaar geleden van de wel zeer aantrekkelijke Madame X. kijkt en wil dat wel eventjes verder expliceren als wij aandringen, doch niet direkt namen noemen. Is hij dan niet de discretie zelve? Niet dus.

 

“ Weet U; de Vrouw aller vrouwen mag dan wel de schoonste aller schonen van de Veluwezoom zijn en zo hyper artistiek, verstandig en actief op velerlei terreinen en ik mag dan wellicht niet waar dig zijn de zoom van haar op ge schorte, zwart fluwelen rok huiverend van ingehouden wellust aan te raken, maar ik was dan misschien ook wel geen jeugd genie, zoals zij of buitengewoon begaafd op welk gebied dan ook, toch wist ik van hout nog wel eens pijlen te maken in een verloren ogen blik en toen ik eenmaal uit de krammen schoot als broodmagere, inbleke artiest was ik in mijne goesting als zenuwelijer niet meer af te stoppen door de Schepenen van Antwerpen, is mij dat al lemaal achteraf gesproken nog lelijk opgebroken.

Ook het dekenaat deed mij niets. Ik heb liever een dekbed overtrek met rozen er op. De clerus had zijn handen van mij af getrokken en terecht want ik ben er niet zo van gediend om aangeraakt te worden door onbekenden, behalve als het in de nabije toekomst dierb’re intimi worden dan is het wat anders, dan mag alles en kan alles, maar wel op zijn tijd.

Jarenlang om die reden piano lessen gevolgd bij Frater Ambrosius de Jongere, de bekende monnik met tien duimen in plaats van vingers aan zijn handen en jaren lang heb ik al zijn luimen verdragen waaronder veel gegraai op niet nader te noemen erogene zones en nog kon ik na afloop met hoog rode konen geen noot lezen, maar wel een blues of een boogie woogie op andermans ballen spe len en heel veel andere dingen die hij mij geleerd heeft en waarmee ik nog elke dag in het Bois de Boulogne mijn voordeel mee doe na twaalf uur des avonds bij het beukenoten rapen.

Ook op de elektrische guitaar die naast mijn Toshiba lap top, een van mijn acht computers, staat. En dan moet U aan de tunes van John Lee Hooker denken met zijn bezwangerd stemgeluid. Swamp Blues. Gassig en Moerassig, die subterranean homesick blues klanken. En hoe dat een modern mensch allemaal aan pakt.

 

ANDERMANS KRUIS OPPAKKEN

 

Ik begrijp uit die omgang met de kortademige Frater Ambrosius ook veel beter de eenzaamheid van de Godsman en de goesting van de alleengaander voor intermenselijk contact en dat is niet misselijk, daar moet je iets aan doen als mens achter de kunstenaar, toch. De nood lenigen. Andermans- vrouws kruis op je nemen, maar er niet direkt misbruik van maken. Niet meer, maar vooral ook niet minder. Daar bedoel ik niets dubbelzinnigs mee, maar onderdehand ligt er toch een taak voor je weg gelegd in het leven. En ik ben en blijf om die reden een beschroomde laatbloeier en een ontzettend stoute jongen, die het flink achter zijn elleboog heeft met al zijn artistieke fratsen, een man die tegen vrouwen en kinderen wel durft en er zodoende nog steeds niet in is geslaagd als ongeschoren kunstartiest de maatschappij een stuk rijkelijk belegd brood inclusief dertiende maand en pensioen af te dwingen en toch ondanks al zijn makkes en gebrek aan moraal heel prettig leeft. Daar helpt geen Balkenende met zijn zuinige ministersploeg mij van af. Dat zulke mensen nog hun mond mogen open doen! Mijn leven schraalhans keukenmeester? Dat had je gedacht! Niet te kort, hoor! Wat denkt U wel met wie U eigenlijk te maken hebt?

 

DE GALLEMIESE, DALLES EN MERODE

 

Ik zal het U eens en voor altijd uit leggen, want U begrijpt mij niet of wilt mij niet begrijpen. Je begint in je arme tijd met een onbewoonbaar verklaarde woning van twee kamers in de Nieuwe Spiegelstraat te Amsterdam gevuld met: man, vrouw, twee dochters binnen drie jaar, dat grijpt je naar de keel dus je wilt weg uit de gallemiese, de dalles en de merode. Lebensraum. Verhuisd naar beter adres op de Bilderdijkkade 4 in 1972, keek uit over drie grachten die tesamen kwamen, knapt dat huis op voor acht ruggen en stoot dat weer door voor een aardige vergoeding aan een aardige jongen van de sociale akademie, komt zelf met het vrouwtje wegens financiële successen te wonen in een vrije sector woning aan het Galileiplanstoen in de Watergraafsmeer, investeert daar tien ruggen in, toen nog een aardig bedrag in the dulle socio seventies, doen na twee jaar de woning over aan een huilerige hangjurk van de VU voor een redelijk bedrag, kopen eengezins woning in Friesland, tweekapper in 1978, de buurt is mediocre, het voor de deur gestalde wagenpark zo-zo, het opleidingsnivo ver onder peil, dus het werden al gauw allemaal vrienden van mij, verkopen die woning in 1981 aan een krengerige gymjuffrouw die net door haar man in de steek is gelaten, woont jaar in een redelijk ruime huurwoning in Bergum, kopen grote honderd jaar oude wagen makerij in Garijp, een prachtig classicisties pand tien meter gevel breedte, zestien meter diepte, vestigen daar een expositieruimte in en twee ateliers, wonen daar tot 1988, kopen atelier in Leeuw arden voor mij en gezamenlijk een woning in de Leeuwerikstraat, plus een huis voor de dochters, als belegging koop ik nog twee huizen om aan stu denten te verhuren, knap de woningen op en verkoop ze weer in 1996 met winst, schaft aandelenpakket van een ton aan aan dat al gauw een half miljoen waard is. Goed gegokt op techno en IT aandelen. Kopen een buitenhuis aan de kust bij de wadden, zitten meer daar aan de kust dan in het huis in Leeuwarden. Bezitten al gauw vijf hui zen. Beetje teveel van het goede.

Je gaat denken: nu heb ik er vijf, straks vijftig. Wil ik dat? Nee, dat wil ik helemaal niet, want het onderhoud deed ik zelf dus stond ik geregeld vloekend in de dakgoot met een hand vast houdend aan een gebroken dakpan. Ben ik daar menslievend, in- en ingevoelig kunstenaar voor geworden? Helemaal niet! Verkopen de huizen en kopen een boerderij in het buitenge bied van Oldeboorn, uit zicht tot aan de horizon, steken er een paar ton in, ik bouw er een expositieruimte waar ik een jaar over doe en verkopen het in 2001 met drie ton winst. Big deal! Ben nu eenmaal geen luldebehang er met een digitale kutcamera die zich artiest waant!

Aankoop april 2002 van Grande Maison in de Bourgogne waar al gauw twee ton en jaren werk van mijzelf in gaat zitten met als resultaat elf, twaalf grote kamers, een bibliotheek, twee ateliers, een voor mij en een voor mijn wederhelft en ieder een werkkamer.

Ook in dit pand openen we een galerie d’art zoals de Fransman het zegt. Je stelt je prioriteiten, want je moet wel: je kunt als kunstartiest de hele dag je…(plat voor manlijke geslachts deel) achterna lopen, maar daar schiet niemand iets mee op en je kunt er nog heel erg ziek van worden ook als het weer even tegen zit.

 

SCHOBBERDEBONK

 

Ik heb niet altijd op de schobberdebonk geleefd of de poen over de balk gegooid zoals de AOW-er Jan Cremer, maar ook niet als een Miep Kniep of droge Kurk door het leven gegaan en kijk eens naar dat Grande Maison in de Bourgogne, waar ik nu al weer meer dan vier jaar in woon. En dan zeggen de ge subsideerde Amsterdamse collegaatjes van Arti et Amicitiae ; Hoe krijgt die lummel het voor elkaar, maar ik zeg daar op: talent trekt talent aan en daarom heb ik een plezierig leven met veel Wein, Weib und Gesang en zij wonen als subsidiekunstenaars drie hoog achter aan een verkeersader waar de uitstoot van ben zineslikkers opwolken tot ver boven de huizen, een lucifer erbij en… en dan de stank in de straten, die staat als een blok, waardoor je de ganse dag met een dikke strot rond schoffelt waar hooguit een hees gepiep uit komt als een zieke papegaai. Inderdaad! Mag ik bedanken? Heel wat scabreuze liedjes en groe verhalen stromen me daarom de strot uit na een flesje of drie rode Sancerre of Minervolis, want Isis mag dan wel zeggen dat warme rozen rood ruiken, hetgeen ook waar is en goed opgemerkt of dat je van rode wijn rozig wordt en van witte bleek, ik geloof haar op haar erewoord, maar ga dat voor alle zekerheid eens allemaal gewoon fijn opzoeken in de Encyclopie daar in de bibliotheek van Koos Voorhans en zing onderdehand Roses are Red my Love. Luidkeels, want we willen gehoord worden.

 

GEPARFUMEERDE TUMTUMMETJES

 

En waartoe ik dan na zes flessen bereid ben wat de vrouwtjes tussen de dijtjes betreft, dat wil ik ze alleen onder vier ogen mededelen als ze net uit bad komen met hun geparfumeerde tumtummetje, want anders zit ik hier in Frankrijk morgen voor minstens zes jaar in het cachot, geketend aan polsen en enkels en zie hoe de guillotine knarsend naar buiten wordt gereden door de beuls knechten van Monsieur LePen.

Oh, Boy (Girl) dat heeft voor de ware masochist ook zo zijn charmes, mits de prelude zich afspeelt in een duis tere, ondergronds kerker is waar minstens een decimeter condenswater staat, de ratten piepend rond zwem men, het duister mij elke waarneming belet, zodat je fijn op jezelf bent terug geworpen en eens over jezelf gaat nadenken, de lucht bedorven en verstikkend is, ja, pas dan kom je jezelf echt goed tegen, dan weet ik weer dat ik leef (en daar om zing ik).

En wie zal zeggen dat dan de schandpaal dagen vantevoren niet uit een schuur wordt gesleept om diejen Hollander eens mores te leren? Maar weet U wat ik echt mis en dat is erger dan kerker en valbijl tesamen? Nee? Bitterballen, Vloamse Frituur, drop en stroopwafels. En als U hier langs komt dan neemt U toch wel het een en ander mee?

 

POLLEPELS

 

Een dag of drie lang in zijn gezelschap en wij vermoeden dat in hem een min of meer begaafde kome diant van het slappe koord schuil gaat, die wij niet geheel en al serieus kunnen nemen. De diepere gronden voor zijn stilzwijgen ligt elders, maar niet in Bobbejaanland. Hij zegt in een serieus ogenblik als wij ‘s avonds laat in de tuin zitten en naar de sterren hemel kijken, na een onbewolkte warme zomerdag: ” Ik ben door mijn opvoeders zonder een cent het huis uit gezet omdat ik kunstschilder wilde worden.

Mijn familie heeft mij in niets gesteund en zelfs bestreden met een fanatisme waar een orthodoxe SGP-er jaloers op kan zijn. De eerste drie jaar van mijn kunstenaarschap was het roeien met de riemen die ik had en dat die niet langer waren dan een paar gebroken pollepels, soit, daar wil ik het liever maar niet over heb ben. Ik heb het ze vergeven als gristenmens, voila, want het waren een zame, verwarde, paranoiede warhoofden, rond dobberend in een rijk, doch troosteloos bestaan in een enorme villa te Heemstede, het foren zendorp waar Ischa Meijer ook woonde. Nimmer lichtte een helder, magisch moment aan het wazige fir mament hunner bestaantje op..en wie ben ik dan om de eerste steen te gooien. Ja, toch? Ik heb ze toen negen jaar niet gezien voordat ze tot inkeer kwamen en zoals ik al zei; nooit is er ook maar een verwijt over mijn lippen gekomen. Wat zegt U daar nou weer van? Had U niet gedacht, hee? “

 

DE BEHAHA UITKLOTSEN

 

“Door ieders bestaan loopt een rode draad. Het is de kunst die rode draad te ontdekken. Een thema voor het leven. Mijn themas zijn Uitredding, verlossing, dood en eeuwigheid, maar ook het spel in al zijn vormen. De Homo Ludens dus, want het gaat er om dat je wat plezier uit het leven perst. Kort samen gevat; het hele bestaan omvat dat dus zo’n beetje. Veel van wat ik mij gewenst heb is al lang vervuld. Ik heb bereikt, wat ik bereikt heb. Je moet je eigen bestaan smoel geven. En vooral niet je talenten begraven. En verder is het aan de Noordzee gegeven om eindeloos door te gaan met het klotsen der rollende golven die het Zandvoortse strand en de duinenrij kapot beuken. Moet ik dan maar tot in alle eeuwigheid door gaan? Voor wie, voor wat, voor waar? Moeten wij dan maar blijven doorsijken, doorzeuren, doorjam meren, doorzagen, dooremmeren en doorzeuren tot we krom van de rheuma en de jicht staan? Welnee!

Ik ben altijd een optimist gebleven en dat is het enige perspectief. En voor de zekerheid die twee voitures in de garage, die cash betaald zijn, want voor afbetaling heb ik zo’n minachting, dat kost je alleen maar een hoop extra. Okee, geld moet rollen, maar niet de verkeerde kant op. Ik houd mijn beide jatten op mijn zakken als ik daar bij de vijver in het Vondelpark zit te mediteren in de lotuszit bij de Muziekkapel . U weet wel, maar U denkt toch niet dat ik voor U me daar een beetje op mijn kop ga staan in hogere sferen zodat alle elastiekjes, koperen muntgeld, lucifers en identiteitskaart uit mijn zakken rollen? Heeft U dan Uw zin? Nee toch?

Onder een hoge Kastanjeboom, daar kan ik wonen, tussen de watervogels, temidden van het gelispel van de lissedodden en het gezang vande zonnebloemen, mits er een duidelijk weide beheer beleid wordt gevoerd door de bevoegde instanties, anders haak ik af en vertrek naar elders. De natuur, hè. Kleurendoof en stekeblind is menigeen voor die wonder’bre wereld. Life is but a dream. En voor wie dat zijn voor naamste referentiekader is…die is zichzelf ontstegen.”

 

PIPPI LULLKOUS

 

“Het is uiterst wichtig jezelf trouw te blijven. Je echtgenote niet altijd, want iedereen gaat zijn eigen gang net als Pippi Langkous en dat is goed als het vice versa gaat, over en weer en op en neer, maar dat is weer een ander chapiter, want trou moet blijcken en een neuck in den morghe is een dag sonder sorghe, zeiden onze zeventiende eeuwse calvinis tische voor vaad’ren als ze naar een schilderij of ets van de Grote Rem brandt keken, waar ik geen liefhebber van ben. Ik heb gelezen op het weblog van Isis dat vreemd gaan hetzelfde is als neuken. Nooit gewe ten. Ik dacht als reine, onbevlekte jongeling altijd dat het iets met een universitaire opleiding vreemde talen te maken had.

 

Waar ik nu mee bezig ben in mijn verhalen en schilderijen dat was al reeds in de kern aanwezig toen ik een gepassioneerde, vroege, onge lukkige twen was, die onzeker langs de gevels van de huizen van on trouwe vrouwen en overspelige mannen sloop, doch geen deel aan hun wereld had als buitenstaander en door de klep van de brievenbus naar binnen loerde omdat ik ook wel eens wilde weten wat en hoe en waarom het er zo toe ging in het echtelijk verband, mijn versleten var kensleren tasje onder mijn arm tot in de zweterige oksel geklemd, een zonnebril zomer en winter op alsof ik mij schaamde voor mijn eigen spie gelbeeld.

Het drama van het mens zijn is dat hij nooit harder kan lopen dan zijn eigen schaduw. Hij kan er ook niet als bij het bokje springen over heen komen. Niemand ontsnapt dus aan zijn gebondenheid. In vrijheid weliswaar, dus kunnen we van alles uit gaan halen op het seksjuwelen vlak, die slag is U! Wat belangrijk is of we evolueren op de weg die wij te gaan hebben. En waarom? Daarom! En op die weg wordt geen wieler wedstrijd gehouden, geen prijzen uitgereikt, geen winnaar die de mooiste juffrouw van het peloton vijf minuten bij d’r tieten mag pakken, waar geen doelen zijn te bereiken of na te streven. De way of life is namelijk dat doel in zichzelve.

 

GORE BANALE EXISTENTIE

 

Velen zitten vast in een uitzichtsloze gore, banale existentie, maar wat kunnen zij anders? Als ik in the silver sixties van Haarlem naar Amster dam per trein ging dan zag je de troosteloze afbraak panden als je de hoofdstad binnen reed waar soms een appetijtelijke dame uit het raam hing met d’r hele tafeltje dek je paraat en dat gaf mij altijd een gevoel van melancholie, omdat ik zelf in een villa in Heemstede woonde en me afvroeg wie daar meer rechten op had. Wat kan zo iemand doen die uit het raam hangt met d’r hele hebben en houwen in de aanbieding? Springen? Als een ver sierde raket in gedachten het luchtruim kiezen en de dampkring verlaten om als satelliet eeuwig rondjes te draaien rond de aardkloot? Maar ten eerste is de mens geen raket, laat staan een versierde raket, maar daarnaast heb ik te maken met zij die om mij he nen staan in al hun mede dogen en compassie. Ik weet dat de meeste mensen moeten lijden, onder d eander of onder zichzelf. En voor wie daar genoegen in schept zoals mijn tienduizenden sadomasochistsche vrienden en vriendinnen overal ter wereld is er geen vuiltje aan de lucht, die gaan door tot ze geen pap meer kunnen zeggen. Het is dus zaak te evolueren van aanhanger c.q. –hangster van de oersaaie vanille sex naar het full time sadomasochisme, dat zou heel wat oplossen. Uit leed wordt kunst geboren, dat is toch bekend en voor velen is een exclusieve soort leed synoniem met extatiese vreugde.

 

Neem nou dat verhaal van die fictieve, streng griffermeerde onderk nuppel Roderick, volgens zijn Amster damse schoonmoeder van het Mariotteplein een potentaat , zich een soort miniatuur steden dwinger waant, die voor de klas staat ergens in Drenthe, een terreurbewind voert over een school met den Bijbel vanzelf sprekend en die verkoopt allemaal ethische smoesjes, want dat hoort bij zijn bediening, maar eigenlijk heeft hij er allemaal niet zo’n vertrouwen in, hij gelooft er met andere woorden geen ene moer van en gaat alleen maar met zijn streng gereformeerde vrouw Elize op zondag drie maal naar een sekte omdat ze an ders bloedjelink wordt en het huis te klein is, dagen lang tot de volgende zondag. Ze hebben een stoot kin deren waarvan een zoon een bekende ho mosexueel, die heel veel van de koningin houdt, hetgeen zijn ou ders allemaal ontkennen bij hoog en bij laag tegen hun geloofsgenoten, want de wijze van omgaan van So dom, nee, dat past niet zo in het kerkelijke plaatje. Vader Roderick doet uit frustratie extra zijn best voor de klas, heeft al lang genoeg van zijn in seksjuweel opzicht nog steeds veel eisende echtgenote en is om het huis te ontvluchten in zijn vrije tijd een verwoed vogelaar, brengt in alle eenzaamheid dagen door in afgelegen vogelhutten met de kijker en een thermoskan koffie paraat als de enige erkende gier zwaluw specialist in Drenthe, geeft daar ‘s avonds lezingen over voor de plattelandsvrouwen vereniging in de pro vincie, die man heeft een doosnee leven zoals iedere schoolmeester op het platteland, met een gezin waar van een zoon dankzij het wurgende calvinistsche milieu van de weeromstuit homoseksjuweel is geworden, die al jaren niet meer thuis mag komen met zijn vriend want anders wordt meneeer de dominee erg boos en gaan de buren er in de buurt over lullen en er wordt al zo veel geluld in de buurt. Maar die behuwd va der heeft een verborgen aandrift, een geheime hartstocht…

 

DAMESLINGERIE

 

Dameslingerie! En hoe goed komt het niet uit dat zijn flink uit de kluiten gewassen echtgenote Elize de zelfde maat heeft, dus hij hoeft niets te kopen. Het licht allemaal keurig opgevouwen in de kast. Tast toe, lijken de behas, jarretelgordels, tangas, onderjurken en nylons hem toe te roepen van af de schappen als Elize naar de gereformeerde zangverenging is en hij genoeg tijd heeft om zijn verboden hobby bot te vier en. De lokroep van het door en door vrouwelijke tuig- en hijswerk, die ook auteur dezes maar al te goed kent, kan hij steeds weer niet te weer staan. Hij weet dus dat hij voor zijn gereformeerde biotoop volstrekt verwerpelijk en belachelijk is, maar hij moet, hij kan niet anders. Zijn vrouw moet er allemaal niets van hebben die is van het tiepe recht op en neer en daar gaan we nog een keer, want aldus heeft de heir der heirscharen het beschikt, dus dat schiet ook niet op in het rijke fantasie leven van de heer des huizes, die meer wil dan dat alleen.

Ja, dat is voor ons normale tolerante mensen allemaal ridikuul, he, dat stiekeme gedoe, maar voor die man is het een levensgroot dilemma als hij een knaap van een doorkijkbeha aan gordt en met de rugsluiting aan het stoeien gaat op zijn rug in plaats van de beha even honderdtachtig graden om te draaien, want hij mist heel wat routine, die de vrouwen in de loop van eeuwen hebben op gebouwd op beha gebied. Voor hen is het vieux jeu en voor Fred van der Wal ook, die draait daar zijn hand niet meer voor om als beha kenner van den beginne, maar daar schiet hij niets mee op, dat is de ver van zijn bed show.

Roderick ontmoet via een advertentie in Vrij Nederland een vrouw afkomstig van de Borinage, die verhuisd is naar Kennemerland, hij projekteert daar heel zijn af wijkende habitus op als hij door het dolle snikkend in haar armen ligt, beiden in lingerie gekleed. Die vrouw is natuurlijk een dood gewo ne nymfomane, dikke, blonde snol uit Bloemendaal die in een villa aan de Koepellaan woont, hij gaat zelfs voor haar af als een gieter, blijkt impotent, hij wordt belachelijk gemaakt door haar vrien den en vriendinnen, die via een doorkijkspiegel fotos en videos van hem maken… zijn geheim is ont dekt, hij is chantabel als geachte dorpsschoolmeester, het is verachtelijk, vergeild en vergoord, heeft zichzelf vergooid…en dan, ja dan gebeurt het allermooiste; hij komt tot verlichting, tot inzicht in een kosmische flash, en binnen het kader van dat voor sommigen ridikule dragen van dames lingerie doet ie iets ongehoords, iets groots, iets adembenemends, hij vraagt aan zijn minnares hem de lingerie van het lijf af te scheuren, vast te binden en een ongenadig pak voor zijn popo met haar riem te geven tot hij van kruin tot teen bont en blauw ziet. Boetedoening, schuld en verlossing liggen in het verleng de van zijn kalvinistiese opvattingen. Niets bij zonders. Hij ervaart het op dat sublieme moment op visionaire wijze. En hoe hij dan per tweede klas NS terug naar huis gaat… ongehoord! Van de bos rozen die hij in Bloemendaal heeft gekocht zijn alleen de stelen nog over als hij huilend in de armen van zijn liefhebbende echtgenote die haar beslagen bril af zet en met de overbekende Mariakoekiesblik vol van genade hem aan kijkt en dan, ja dan valt hij haar om de hals en weent zoute tranen van spijt, die haar ruim bemeten boezem doorweken. En dat laat me een kring en na, met geen theelepel Dreft er meer uit te krijgen. Vader is weer thuis! Er kan weer gewassen worden.

 

BOM ALARM

 

De ultieme daad dus. Maar er is nog een gans ander verhaal uit mijn welgevulde verhalentrommel. Die story is na 9/11 zo actueel, dat wilt U niet weten. Ik aarzel dan ook om het U in alle details te vertellen. Er is een mij bekende terrorist, die wil een bom leggen onder een schoolge bouw in Langezwaag aan de hoofd staat, alleen weet hij niet goed hoe een bom te maken valt. Hij mist kennis van de stiel en zoekt op internet net zo lang tot hij scheel ziet, maar komt er nog niet achter. Dan besluit hij een clandestiene vuurwerbom van een meter doorsnee in Vlaanderen te kopen bij de vuurwerkwinkel van Monsieur Dutroux, in het land waar alles mag en alles kan. Dat explosief blaast met gemak een Leopard tank op dus hij vermoedt daar instant succes mee te hebben. Maar dan zijn dilemma: hij kan geen object dichtbij het verkoop adres vinden , dus blaast hij de onder neming maar af. Uiteindelijk blaast hij er dan maar een telefooncel mee op in de overtuiging dat je klein moet beginnen. Na de gedane daad zoekt hij een cafee op, een goor achteraf knijpje ergens in een groezelige gasse. Hij denkt als held te worden binnen gehaald, maar niemand heeft weet van het voorval. De eenzame anti held. De onbekende stille. Hij kan dat niet verkroppen. En hij ein digt die avond in een delirium waar hij niet meer uit komt, krijgt een hartaanval en gaat definitief exit. Over en sluiten maar. Dieper drama is er niet, te meer daar hij enig kind was en die hebben het extra zwaar als beide ouders al lang zijn gaan hemelen. En doordat ik die story zo eenvoudig, zo natuurlijk, zo vanzelf sprekend en zo vol van mededogen met wat niet is en nooit zal worden beschrijf denkt de lezer zich ver kneukelend op een goede afloop dat er niks aan de hand is, dat het allemaal wel los zal lopen. Nou, of er wat aan de hand is! Hij wordt zijn eigen slachtoffer indirekt. De bom die hij buiten heeft laten ontploffen wordt geen explosie, maar een implosie in hem zelf. Een naar binnen gerichte bom! En daar valt weer uit te leren dat drank minder kapot maakt dan je lief is, want zijn verloofde was al lang bij hem weg en me neer Dutroux werd al eerder opge sloten.

 

KOEKOEK EENZANG

 

Ik behoor onder de realistische schilders natuurlijk niet tot Koekoek Eenzang zoals menig realistiese schil der uit het Noorden des lands c.s. hetgeen mij om die reden alleen al verplicht tot integriteit. Hier sta ik, ik kan niet anders, alhoewel ik wel zou willen. Het kunstenaarsplantsoen, de kunst wereld, de vlotte boys met de kekke pantalons, de holle praatjes en de Beuys hoeden uit het subsi die sirkwie; ik geef er geen nickel noch een dime voor. Hoe vaak moet ik dat nog zeggen? Ik ben er al lang achter dat dat het de nieuwe kleren van de Keizer zijn als je de buitenkant er hardhandig af trekt. Fileren. De vis afslag te IJmuiden. Die wereld der kunsten blijkt namelijk te bestaan uit Oude Lucht, in beweging gebracht door een piepen de, roestige ventilator op een morsig tafel kleed. En wat gebaseerd is op Oude Lucht kan niet bestaan, daar ontbreekt leven scheppende zuurstof aan. De groei blijft achter. Rachitisbeentjes dus.

Ik sta liever op de rots van mijn behoud, zoals de Schrift zo overduidelijk ons aanraadt, dan heb ik ten min ste stevige bestaansgrond onder de voeten en zak niet gelijk door mijn hoeven.

De aanleiding tot het kunstenaarschap is toch meestal op therapeutische basis gestoeld. Om de eigen wank ele existentie overeind te houden boven de bodemloze put, uit ambitie ergens in de wereld alsnog een schijngestalte aan te nemen in het licht van de maneschijn als ieder verstandig mens al lang op een oor ligt. Ik bedoel maar. Mag ik met dokter van Swol in koor zeggen: Ziek zijn? Beter worden!

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.