Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
15 maart 2011, om 10:29 uur
Bekeken:
707 keer
Aantal reacties:
3
Aantal downloads:
250 [ download ]

Score: 2

(2 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"U probeerde een boek te schrijven toen U nog niet kon lezen "


Mevroj! Mieneer! U probeerde een boek te schrijven toen U nog niet kon lezen en schrijven? Sjappo hoor! (Deel 3) 


De schoolkrant verscheen onder de naam De Koepel en mijn gedicht stond er in, geannoteerd met een scheldkritiek van Lodewijck van Deyssel. 
Het verbaasde mij niet. De redactie bestond uit drie inwoners van Haarlem: de latere producer van kinderfilms Burny Bos, de latere sociaal pedagoog Bernard Netelenbos en de gefrus treerde leraar Nederlands Mantel, die niet lang daarna van school werd gestuurd vanwege onoirbare handelingen met een leerlinge. 
Ik besloot niet te reageren op de scheldkritiek. 
Het herhalen van een succesnummer als de scheldkritiek van Lodewijck van Deyssel vond ik toen al een zwaktebod van mensen zonder eigen mening, waar schoolmeesters historisch gezien in grossieren. 
In enkele volgende nummers heb ik nog wat kleine gedichtjes laten zetten, maar zoals mij nu al heel lang bekend; I’m a lousy poet & I know it. 
Een artikel over een fundamentalistische dominee trok ik terug na een waarschuwing dat er bij het hoofdakte examen wel eens rekening mee zou kunnen worden gehouden en mijn slagingskansen geminimaliseerd werden met kritiek. Het was per slot van rekening een christelijke school en zoals wij allen weten worden daar de onmondige schapen gehoed met een ijzeren staf. 
Zoals er ontelbare blues gitaristen en boogie woogie pianisten kwalitatief veel beter zijn dan onze Fred van der Wal, zo realiseerde ik mij dat de powezie niet voor mij was weg gelegd om op actieve wijze te bedrijven. 
Graag wil ik wel vermelden dat het eerst gedicht van Hagar Peeters dat ik las in de Avenue mij bij bleef en besloot haar naam te onthouden. 
In 2004 citeerde ik enkele regels uit dat gedicht toen de fotograaf Rommert Boonstra bij ons thuis in Couloutre een vorkje mee prikte. Boonstra kende het gedicht niet maar waardeerde het wel. 
Al snel ging mij de superioriteitswaan en arrogantie van deze fotograaf mij ernstig storen, die al op de eerste middag in de tuin hoog op gaf over zijn artistieke presta ties en subsidies die hij ontving. 
Mijn werk was uiteraard “het slechtste dat hij ooit had gezien” en hij kon het weten want hij was free lance recensent geweest bij Elseviers Magazine tussen 1973 en 1996 tot het gehele medewerkersbestand van Elseviers Magazine werd opgeschoond door de nieuwe hoofdredac teur Spoor en vervangen door ter zake deskundigen. Een paar jaar geleden heb ik hier nog eens over gemaild met de hoofdredactie. 
Na enkele bezoeken over en weer mailde ik Boonstra en zijn echtgenote dat we elkaar maar niet meer moesten zien. Bepaald een hekel aan haar had ik niet en eigenlijk mocht ik haar ook wel. De afspraak die zij met mijn echtgenote maakte op en Brocante markt om nog eens langs te gaan bij Maison l’Ermitage en alles te bespreken kwam zij niet na.

In 1954 hield het Vossiusgymnasium de jaarlijkse tentoonstelling van creatieve producten, geemaakt door de leerlingen. Ik was twaalf jaar oud en zat in de eerste klas. Avonden lang had ik geduldig zitten penselen op een gouache met als voorstelling Het Leven Der Visssen In De Diepzee. Niet dat ik er ooit geweest was, maar een plaat uit een encyclopedie hielp mij aardig op weg. 
Eigenlijk was deelname aan de tentoonstelling ook niet bedoeld voor leerlingen die in de eerste klas zaten. 
De jeugdige organisator van de expositie was bereid voor mij een uitzondering te maken. Hoe hij er uit zag weet ik niet meer. Door mijn zenuwachtigheid en angst voor autoriteiten verwachtte ik nul op het rekest te krijgen. Misschien heb ik gezegd: Ik zit pas in de eerste klas maar mag ik misschien ook mee doen? 
Het was goed. Voor deze keer dan. De gouache waar de goedkope verf al van af bladderde werd op een grote stapel gegooid. 
De dag van de expositie gingen mijn oma en tante, waar ik in huis was, mee. 
Binnen gekomen in het klaslokaal keek ik mijn ogen uit. Een jongen uit de hoogste klas had een korte golf ontvanger gebouwd waarmee het vliegverkeer kon worden beluisterd. Een andere scholier had een op radiobuizen gebaseerde tijdschakelaar in elkaar gezet die toen de grootte van een schoenendoos had en nu niet omvangrijker dan enkele vierkante centimeters inclusief miniatuur potentiometer zou zijn. Een voorzet FM apparaat dat toen vijfentwintig gulden kostte liet mij via een Philipsontvanger waar in het front een klein kathodestraalbuisje dat kattenoog werd genoemd de toeschouwer argwwanene leek te bekijken, via de luidspreker horen hoe veel rijker muziek via frekwentie modulatie in het laagfrekwent gebied was te beluisteren. Je was als muziekliefhebber voor goed verloren voor de gangbare midden golf kwaliteit die slechts tot een vier- vijf duizend hertz ging compleet met gekraak van atmosferische storingen. 
Mijn oma vroeg waarom mijn gouache niet was opgehangen. 
“Och, mevrouw, als we al die rommel hadden moeten ophangen waren we morgen nog niet klaar geweest. We tentoonstellen alleen de top producten van onze leerlingen!”


De hele weg naar huis heeft mijn oma mij ingepeperd dat het mijn eigen schuld was. 
“Ben je soms gek geworden? Wat heb jij je eigenlijk verbeeld? Je telt toch nergens mee? Jij zult nooit iets bereiken!” 
Zo ging mijn oma te keer. 
Ik heb er geen traan om gelaten. De klappen en schimpscheuten hebben mij nooit gedeerd in het huis mijner opvoeders die in de negentiende eeuw rond 1880 geboren waren. 
Mijn zuster is er aan onder door gegaan, mijn broer ook. 
Ik heb het overleefd en meer dan dat.

(wordt vervolgd)




Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.


Reacties:

Dag Marije<br />
Tegenslagen, grote en kleine horen bij het leven, voor sommigen is dat funest en ondraagbaar, voor anderen minder, maar één ding; het leven eist van ons dat we leven en doorleven.

Geplaatst op: 2011-03-15 12:35:04 uur

Hallo madampje,
ik heb eerder een soort mededelijden met mensen die anderen beschadigen dan dat ik rancune koester.
Er is veel onvermogen en wanbegrip nu eenmaal .
Mijn dochters hebben een jeugd gehad die ik zelf zou willen hebben meegemaakt.

Geplaatst op: 2011-03-15 12:25:09 uur

kritiek trotseren is een kunst
en die dan naast je neer leggen (je poep er aan vegen als je dat durft) om dapper verder te doen met wat anderen vinden dat het tot de brolsoort behoort is NOG straffere kunst

als je dat allemaal nog afrondt en overleeft ook met de glimlach, dan behoor je tot het uitzonderlijke soort Gelukkige Bijzonderheid

Geplaatst op: 2011-03-15 11:52:07 uur