Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
30 december 2016, om 08:28 uur
Bekeken:
236 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
187 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Ik bel de telefoniese 008 informatie. Er zijn nog zes wachtenden"


Ik bel de telefoniese 008 informatie. Er zijn nog zes wachtenden voor U. Wat denkt U eigenlijk wel dat U onze dienst zo maar belt! Ik krijg het nummer van het ziekenhuis in Haarlem. Na te zijn doorverbonden met de afdeling neurologie vraag ik aan de dienst doen de verpleegster hoe de konditie is van patiënt H.R. v.d. Wal. Sinds een dag of tien is hij van de afdeling intensive care af en ligt in een zeer diep coma. Zo nu en dan slaat hij even de ogen op, maar reageert niet op prikkels. Het is een normale reaktie dat hij zijn ogen zo nu en dan opent, maar dat betekent niet dat hij ook iets waar neemt, zegt ze docerend alsof ze een medies college geeft.

”Wat is de prognose?” vraag ik kalm en gereserveerd.

”De situatie kan van dag tot dag veranderen, maar ik kan U niet veel hoop op herstel geven voorlopig,” zegt ze professioneel onbewogen en koel.

”We kunnen vanuit onze mediese professie eigenlijk niets zeggen over comateuze gevallen,” voegt ze er aan toe.

Zo’n antwoord kan ik ook nog wel verzinnen. Ik vraag haar waarmee het hersenletsel is veroor-zaakt, maar ook dat is onbekend.

”Als hij ooit uit coma komt zal hij hoogstwaarschijnlijk gezien de ernst van zijn situatie nooit meer zelfstandig beslissingen nemen en wellicht niet eens meer praten. Hij kan zijn naam en achtergrond volkomen vergeten zijn en al helemaal niet beseffen wie U bent. Hij kan verlamd blijven zijn verdere leven lang. In zijn geval ziet het er niet goed uit, vooral doordat hij een lichte verhoging heeft en dat kan betekenen dat zijn temperatuurcentrum niet meer werkt”, zegt ze met zachte stem.

Even denk ik aan de meedogenloze dader en vraag haar terwijl ik tranen in mijn ogen voel opko-men: ”In wat voor wereld leven we in Godsnaam?” Het is even stil aan de andere kant van de lijn en dan zegt ze nadenkend: ”Zo denk ik er ook wel eens over. U bent de enige niet. Als U nog eens wilt bellen dan geef ik U hierbij het rechtstreekse nummer van onze afdeling”.

Ik bedank haar voor haar informatie en zeg dat ik nog eens zal terugbellen.Mijn stem is onvaster dan normaal.

Ik overdenk de informatie die ik kreeg. Ik weet dat coma patiënten uiterst gevoelig zijn voor longontsteking, maar die is goed te bestrijden met antibiotica.

Het laatste telefoo gesprek had ik enkele maanden geleden met Bobbie. Hij was, zoals zo vaak, al om half drie ‘s middags onder invloed van alcohol en bevond zich in de ontruimde villa van mijn grootouders aan de van Oostzaanenlaan te Heemstede.

Ik hoorde aan de echo van zijn stem dat er geen meubels meer aanwezig moesten zijn. Voor het eerst was hij kalm. De schaarse keren dat ik hem tussen 1967 en 1985 had gesproken waren op de vingers van één hand te tellen.

Tijdens dit gesprek sprak hij langzaam en moeilijk, zoals iemand die dronken is moeizaam zijn woorden bij elkaar sprokkelt om een zinnige boodschap over te brengen. Sinds 1981 werkte hij niet meer bij het incassoburo van Honig te Haarlem maar zat na zijn ontslag tot 1984 in de bijstand en daarna was hij afgekeurd en zat in de WAO.

Zijn oma en tante hadden hem alle kansen gegeven en veel geld om zijn speelschulden en de door hem verduisterde gelden af te betalen (totaal zestigduizend gulden) en een zaak voor hem gekocht die hij binnen een jaar vakkundig naar de bliksem hielp.

De enkele keren in 1976 en 1977 dat we met Misja en Natasja mijn oma en tante in Heemstede bezochten zat Bobbie bleek, schuw en zwijgend in een hoekje van de tuinkamer in een lage cra-paud bij het raam ongeïnteresseerd uit het raam te kijken.

Voor hem bestonden we niet. Hij had twee zelfmoordpogingen achter de rug, die hij ternauwer-nood had overleefd. Zijn vriendje, een donkere baardaap met een kaal geschoren kop was er vandoor gegaan met een of andere meid en dat kon hij als fervente homo niet verkroppen.

Ik zei altijd al; je kunt veel beter hetero zijn. Tantenettie had van diefstal afkomstige verdovende middelen genoeg in de diepe kast op haar kamer en hij had een handvol zware pillen en tabletten genomen. Net op tijd was zijn maag leeg gepompt en hadden ze hem weer terug thuis bezorgd als een uitgewrongen dweil. Voor zelfmoordenaars hadden de meeste medici niet veel respekt. Ze vonden het lastpakken.Troublemakers.

Het telefoongesprek dat ik die middag met hem had ging over de erfenis van tante. Hij was niet verschenen bij de notaris maar had zijn advokaat de honneurs waar laten nemen. Zo regelde mijn Heemsteedse sjieke broer dat! Voor elke situatie had hij wel een vriendje paraat.

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.