Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
20 april 2016, om 10:26 uur
Bekeken:
259 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
194 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Een bijna dood ervaring onder invloed van Ketamine..."


Een bijna dood ervaring onder invloed van Ketamine. De drugs hebben bij mij de deur dicht gedaan. Daardoor is mijn hele carrière naar de kloten ge gaan. Tijdens het eerste jaar psy chologie aan de UVA stortte ik drie maal per week apestoned van de hasj uit de collegebanken en viel regelmatig in slaap. Toch haalde ik de hoogste cijfers. Ik was bevriend met Elisabeth, die ook pyschologie studeerde. Ze had een kamer in de P.C. Hooftstraat. Toen was daar ineens die manische depressie. Ik kroop onder haar bed. Lithium hielp geen bal. Ik bleek niet te genezen. Ik leek een medisch won der, maar dan de verkeerde kant op. Aan het einde van die ziekte ben ik op aan raden van mijn psychiater toen gaan schrijven. Ik schreef het al leen niet van mij af, maar juist naar mij toe, zodat ik na afloop er erger aan toe was dan tevoren. De absolute perversie en waanzin trokken voor mijn geestesoog voorbij. Dat werd toen een punk dichtbundel “Brallend Braken in de Breekwaterstad”. Waar het over ging? Kotsen, Jimi Hendrix, hoeren, homos, hellevuur, sterren, cirkels, bellen en herowiene spuiten.

In “Het wil maar niet zomeren in Quetzalcoatl” gaat het over een teenager die de slangengod aan bidt en de ingeving krijgt zijn hele familie dood te schieten om daarna op de vlucht te gaan en bij een vriend die lid van de Satanskerk is in te trekken waar hij een verhouding mee krijgt en daar schrijft hij dan een boek over, maar voor het af is hangt hij zich op in het trapportaal van zijn vriendin die een verdieping heeft aan de Martelaars gracht in Amsterdam. Die vriendin bestaat echt, Lila , alleen woont zij aan de Lijnbaansgracht en daar heeft zich inderdaad iemand opgehangen. Ik heb zijn foto gezien; een somber ogende jongeman.

Daar heb ik toen maar een boek over geschreven. Dat boek heeft jaren lang in de ramsj gelegen maar nu is het een bijna onbetaalbaar collectors item geworden. De bekende kunst schilder Fred van der Wal heeft een genummerd exemplaar in een glazen vitrinekast liggen in zijn atelier te Couloutre en dat is heel bijzonder, want hij verzamelt eigenlijk alleen eer ste drukken of gesigneerde auteurs exemplaren, hetzij genummerde exemplaren van Hermans uitgaven. De eerste druk van mijn boek heeft jaren lang bij de Slegte gelegen, maar dan ben ik in goed gezelschap. Hermans en Bordewijk lagen daar ook.

Mijn verhalen ?

“Spaanse kraag“en “Baskische Slaapmuts” stammen ook uit die tijd. Eigenlijk de eerste verzetsroman over de Basken. Op de cover staat een schilderij af gebeeld van Basquiat, maar dat heeft niks met de Basken te maken, dat wilde de uitgever nu eenmaal zo, die mijn boek niet eens gelezen heeft. Hij wil de een cover die de jeugd aan zou spreken. Als ik ergens tegen ben. Ik wil niemand aan spreken en zeker niet op de popu listische toer gaan.

Zomer 1968 heb ik in Haarlem op een expositie mijn eerste vrouw Dora Castellani leren kennen. Ik was op slag genezen. Niks geen psychoses meer en die hobby van dameslingerie aan trekken was ook lange tijd voor bij. In mijn hele huis lagen overal damesslipjes. Soms zelfs gedragen exemplaren die ik had gevonden op straat. Ik schrik nergens voor terug. We zijn toen heel snel getrouwd. Voor een zaak die lampenkappen verkocht ben ik toen naar Italië gegaan. Naar Turijn. Ik handelde dan in grote partijen lampen en lampenkappen, goedkoop en goed. Per tien

miljoen verkocht ik ze dan tegelijk, dat was roversgoed. Containers vol. Ik

verkocht aan de belangrijke grote importeurs. Het liep als een tiet op won der olie. Ik stond aan de top, absoluut aan de top. De Lamborghini waar ik in reed toen ik nog een rijbewijs had, daar waren er maar een paar van in Nederland en België op de weg. We woonden in een villa van zeshonderd vierkante meter met een overdekt zwembad, veertien kamers, drie badka mers, een mas sage salon, een sauna, een bibliotheek vol in leer gebon den folianten en een biljartkamer, een tuin van zes duizend vierkante me ter. Acht jaar heeft dat geduurd, geweldig was het.

Ik neukte me een breuk, want ze kon er geen genoeg van krijgen. Heel exuberant, altijd lachen, veel drank, tuinfeesten van hier tot Tokyo, veel poen ook, zaten diep in de partnerwisselsien, bezochten sex clubs en S.M. kelders, dus het was elke nacht een vrolijke bende. Het deed me denken aan die cartoon van een sex party, een gangbang waar aan de kant van een berg menselijke lichamen een bloot lullig mannetje staat met een slap piemeltje die naar de berg mensen kijkt en zegt beleefd; is dit gat nog vrij? Ik stond elke dag lachend op, net als die eerste echtgenoot van Henriët. Ik omhelsde het leven en het leven mij. Bij bakken kwam het

geld binnen, bij bakken ging het er weer uit. Ik leek wel een geldwissel kantoor. Je had me niet herkend. Niemand zou me herkend hebben. Ik was een totaal ander iemand. Driedelig pak, glad geschoren, herenparfum metje, van Bommels aan mijn voeten in plaats van nu die afgesleten Ni kies of de goed kope Jezussandalen die in de zomermaanden al gauw naar tenenkaas ruiken en tot op de draad versleten morsige levis jeans. 

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.