Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
27 mei 2014, om 13:51 uur
Bekeken:
296 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
209 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Mijn atelier in het Kafka paleis 1972-1978 (deel 4)"


Het laatste drama met betrekking tot de ateliers was een bericht uit Bretagne. Steven was verongelukt in een dorpje aan de zuidkust, mij is niet verteld waar precies.

 

Fred van der Wal: De volvette bierpens van de voortdurende zwetende Steven was weer aardig aan het drinken geslagen en 's nachts van de 1e verdieping door de balustrade naar beneden gevallen op de stenen vloer van een vissers huisje.

Hij had een hersenbloeding, hetgeen te laat door de plaatselijke arts werd onder kend. Toen hij aankwam in het plaatslijke ziekenhuis was het bekeken.

De pijp uit.

Mariek G. zei over Steven kwint:”Ach, wete je, dat is zo’n kunstenaar die zijn schildreijen in meubelzaken exposeert!”

Steven kwam nog een keer in Het Parool omdat agenten van het buro Leidseplein zijn schilderijen gebruikten als Dart schijven. Ze zaten vol gaten. Het was toch maar contraprestatiewerk dat het bruo gratis in bruikleen had gekregen van de gemeente Amsterdam, zei de Brigges glimlachend.

 

Tot slot gebeurden er ook wel eens minder leuke dingen: In het atelier van Mary Schoonheit, precies onder mijn atelier, is de film Turks Fruit opgenomen naar het gelijknamige boek van Jan Wolkers. Monique van de Ven en Rutger Hauer acteerden onder een groot scherm als verlengstuk van het atelier. Kabels lagen in de gang en overal stonden grote schijnwerpers. Weken lang was het een chaos in en rond het gebouw. De situatie was onwerkbaar. De hele dag herrie. Een grote film crew aanwezig die door megafoons stonden te brullen, keiharde popmuziek. Arrogante acteurs die scenes maakten en uit moesten huilen bij de regisseur.

 

Het ateliergebouw aan de 2e Nassaustraat staat op het zogeheten Witteneiland, zo vernoemd naar de Wittenstraat die het doorkruist, eiland genoemd omdat het ligt ingeklemd tussen de oude Singel-gracht, Kattensloot, en de noordelijke rest van de middeleeuwse Kostverloren vaart.

 

Van bouw tot leegstand (1905-1969)

 

Het Witteneiland was onderdeel van de 19de-eeuwse ring rond de Amsterdamse binnenstad, en volkswijk. Op de begane grond waren veel winkeltjes en werkplaatsen gevestigd, en er woonden veel kinderen. Het huidige ateliergebouw werd daar gebouwd als lagere school voor de heel Witteneiland. Die functie bleef tot de crisis in de twintiger jaren van de vorige eeuw.

Tijdens de crisisjaren kwam het gebouw in bezit van het Rijk en werd het een herscholings werkplaats voor volwas senen.

In 1963 kwam het gebouw leeg, en werd het gevonden door mensen op zoek naar een tijde lijke ruimte. Zo vonden er feesten plaats waar ook uitgever Johan Polak en choreograaf Hans van Maanen zich lieten zien.

Ondertussen veranderde ook de situatie in de buurt: terwijl de stadsvernieuwing gestart werd, verdween veel bedrij vigheid uit het gebied, er kwamen steeds meer kinderloze ‘starters’ in de buurt wonen, dat wil zeggen studenten, krakers, junks, handelaren in verdovende middelen, criminelen, mensen van buitenlandse komaf.

 

Voor het gebouw aan de 1e Nassaustraat werd al snel een nieuwe publieke functie gevonden: het werd (tot ongeveer 1974) een school voor schipperskinderen.

 

Vervolgens kwam daar het kantoor van het ABC, de opvolger van de zgn School nood Advies Dienst.

 

Van leegstand tot ateliergebouw (1969-1989)

 

In 1969 vonden beeldend kunstenaars hun weg naar het verscholen, voormalige school gebouw aan de Tweede Nassaustraat: de eerste was de in Suriname geboren schilder Jan Quintus Telting, die er tot aan zijn overlijden een atelier zou gebruiken, en binnen enkele maanden volgden anderen.

 

(Fred van der wal: Ik kon met Quintus Jan T. goed opschieten, ondanks zijn dagelijkse getoeter).

 

Het gebouwen complex aan de Nassaustraat  (in 1969) kwam onder beheer van de Stichting Woon en Werkruimte voor Kunstenaars.

Het complex rond één binnenplaats werd gesplitst in de delen 1e en 2e Nassaustraat. Op de 1ste Nassaustraat verscheen na de splitsing eerst een pharmaceutische groothandel, en vervolgens theatergroep BeWTH, later opgevolgd door theatergroep Bart Stuyf, die gedurende vijftien jaar ook een tent op de binnenplaats had voor voorstellingen.

 

Het ateliergebouw aan de Tweede Nassaustraat 8 was van meet af aan geen kraakpaleis maar ateliergebouw, er werd gewoon huur betaald.

 

Fred van der Wal: Het eerste atelier dat ik daar clandestien betrok, dus eigenlijk de eerste kraker daar was, tot verontwaardiging van de verontruste “collega kunstenaars” die vonden dat ik onderaan op een wachtlijst  bij de gemeente behoorde te worden gezet. De gesubsidieerde staatskunstenaars waren  in feite brave burgers die alles via het boekje wilden doen. Eén kunstenaar, de pvda stemmer Harry Eysman, een ex-boekhouder, die liever kunstenaar werd, wilde handtekeningen organiseren bij de andere kunstenaars in het gebouw om mij er uit te krijgen. Hij kreeg geen poot aan de grond.

 

In 1974, verhuurd Mary Schoonheyt (huurster van ‘lokaal 4’, ) haar atelier voor 7000 gulden per maaand aan cineast Paul Verhoeven, die er de atelierscènes draaide waarin acteurs Rutger Hauer en de naar omhoog gevallen Monique van de Ven hun hoofd rollen in de verfilming van Jan Wolkers’ Turks Fruit vertolkten: het romantische, geseksualiseerde artiesten bestaan in een vervallen gebouw.

 

(wordt vervolgd)



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.