Gegevens:

Categorie:
Spanning/Thriller
Geplaatst:
24 februari 2013, om 18:20 uur
Bekeken:
791 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
273 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Het Ronde Huis .1"


‘In de smiezen houden, die man,’ meende de wat oudere kaalhoofdige verpleger. ‘Tenminste, als het dezelfde Van Vloten is als van ... laat eens kijken... zo’n tien, twaalf jaar geleden, die hier zogenaamd een familielid kwam bezoeken in verpleeghuis Vonckenhof.’ Hij schudde zijn kale hoofd. ‘En die akelige kerel is nu hier weer opgedoken? In Vonckenhof? Op bezoek bij je oom?’

  ‘Bij oom Felix,’ beaamde ik. Mijn suikeroompje was hij eigenlijk, want oom Felix was zo goed geweest om mijn studie journalistiek te bekostigen. Ook betaalde hij mijn rijlessen, waarvan ik de eerste les net achter de rug had.

  De twee medewerkers wisten dat ik Otto Reijckens heette en de neef was van meneer Felix Reijckens, kamerbewoner op de eerste verdieping. Ik had ze gevraagd of ze de heer Xavier van Vloten kenden, die ik af en toe aantrof bij mijn oom. Een zakenpartner, had mijn oom verklaard; net als hijzelf een grondspeculant. Een zo goed mogelijke beschrijving van Xavier van Vloten, een man van om en nabij de vijftig, leverde verraste gezichten op.

  'Toch niet die schoft die toen een van onze oudjes lastig viel?’ vroeg de baliemedewerkster. 'Toe, hoe heette zijn slachtoffer ook weer... die man uit Indië ... dat mannetje dat altijd "Adoe!” zei?’

  ‘Die Van Vloten heeft iets gretigs over zich,’ zei ik, ‘ iets roofdierachtigs met van die starende ogen...’

  ‘Net die oud-politicus Elco Brinkman? Precies, dat is hem.’ De baliejuffrouw leek er heel zeker van te zijn.

  De verpleger knikte. ‘En met een permanente grijns op z’n gezicht geplakt; ja, dat moet hem wezen. Die kwam hier toen die tengere Indischman opzoeken. Een neef, zei hij dat hij was. Weet je nog wel Pauline?’

  De vrouw keek bedachtzaam. ‘Dat van die lepeltjes, weet je nog wel? Die mooie lepeltjes, sierlepeltjes waren het, die hij in een donker houten bekertje op zijn nachtkastje had staan. Jogjazilveren lepeltjes. Die heeft die Van Vloten hem toen afgetroggeld, ontfutseld. Van Ronnie ... van “Tuan” Ronnie, die zo mooi over Indië kon vertellen met dat grappige stemmetje van hem.’

  ‘O ja, dat accent, die rollende roffelende r’s van hem... die je kreeg van veel sambal eten, volgens hem. Ja, ik herinner me die zilveren lepeltjes, daar is nogal wat gedoe over geweest. Die Van Vloten, een vent van achter in de dertig destijds, daar hebben we toen een stevig gesprek mee gehad, maar harde bewijzen waren er niet. Die oud-Indiëganger, Tuan Ronnie, zei dat hij misschien in een “drrrooom” had toegestemd dat die mooie lepeltjes werden geruild voor wat Hema-lepeltjes die nooit gepoetst hoefden te worden.’

  ‘Een rare man, die Van Vloten,’ zei ik. ‘Altijd in het zwart is gekleed – zwart pak, zwart overhemd, zwarte hoed met brede rand – die hij ook binnen op houdt. Ik weet verder niets over hem behalve dan dat hij al eens eerder met mijn oom had samengewerkt. Met enkele andere vermogende heren hebben ze ooit een stuk grond met daarop een vervallen boerderij gekocht, die ze hebben laten opknappen. En nu overwegen ze een stuk land, ernaast gelegen, te kopen en daar een nogal merkwaardig gebouw te laten bouwen, een groot rond huis dat – hoe kon het anders - Het Ronde Huis zal heten.’

  'Ik weet het niet hoor,’ mompelde de verpleger, ‘ik heb zo’n donkerbruin vermoeden dat we hier te maken hebben met een ordinaire oplichter. Die Van Vloten... hij bedonderde weerloze, verdwaasde oudjes en zieken die hun hoofd er niet helemaal bij hebben, zoals dat sympathieke “adoe”- mannetje destijds. Inmiddels moet hij over een vrij grote som geld beschikken om met vermogende heren te kunnen meedoen – goed geboerd, zo te horen, maar hoe heeft hij dat klaargespeeld? Bij elkaar gescharreld met list en bedrog? Hij moet mensen heel wat zilveren lepeltjes hebben afgetroggeld. Is die koop al beklonken?’

  Ik schudde mijn hoofd, ik wist het niet.

  ‘En wat willen ze met die verbouwde boerderij?’ wilde de baliemedewerkster weten. ‘Toch niet een hennepkwekerij?’ Ze wees op de vette kop boven een nieuwsbericht op de voorkant van het ochtendblad dat op de balie lag: politie doet inval in afgelegen boerderij.

  ‘O nee, geen geheime wietplantage,’ zei ik. ‘Een rustoord voor topmanagers, ceo’s ... of zoiets, heb ik begrepen. En dat nieuwe landhuis ernaast, het Ronde Huis, zal fungeren als conferentie centrum.’

  Wat ik ze maar beter niet kon vertellen was wat oom Felix er allemaal had uitgeflapt – hij praatte de laatste tijd voortdurend zijn mond voorbij. Dat de boerderij langs de rivier ook een andere bestemming zou krijgen: als seksboerderij – niet voor het plebs natuurlijk maar voor de elite. Voor heren en dames uit de betere, de hogere kringen, die zich daar aan allerlei soorten van wellust konden overgeven; een lustoord zou het worden voor saters en bacchanten van heren en dames van stand. Maar een enkele jonge dame die zich van eenvoudig gangstersnolletje via rijke en machtige heren omhoog geneukt had tot Oranjeprinses, zou ook welkom zijn op de hoeve, had oom Felix verzekerd.

  ‘Weet je zeker dat die Van Vloten er straks niet met de poet vandoor gaat? Van je oom en van de andere beleggers?’ vroeg de vrouw.

  ‘Daar ben ik inderdaad bang voor,’ zei ik. Ik bedankte hun voor de getoonde belangstelling en zei dat ik niet langer hun tijd in beslag zou nemen. Ik nam afscheid en keerde huiswaarts. Ik moest een manier zien te vinden om oom Felix ervan te overtuigen dat hij maar beter niet in zee kon gaan met die louche figuur – maar hoe? Terug op mijn kamer zou ik misschien via het internet meer over hem te weten kunnen komen.



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.