"Als vijf druppels bloed in de sneeuw. "
|
|
Hij is het, ik weet het zeker. Ik ruik de zoete geur van bessen en zijn vingers voelen warm vertrouwd aan.
"Jasper" , komt er moeizaam over mijn lippen.
"Ssssst, niet praten."
"Ik-hou-van-je."
Eindelijk. Dat wou ik al heel lang zeggen.
Ik zoek steeds, maar kan het niet vinden.
Drieëntwintig, vierentwintig, mijn adem blaast zachtjes en verwildert werkelijkheid het heelal in. Tastbaar. Vijfentwintig, zesentwintig, zoete dromen langs mijn oorschelpen. In en uit, in en uit.
Ik zucht opnieuw. Misschien kom ik wel terug als iemand anders?
Welk wezen is kwetsbaar en toch sterk?
De hemel zwijgt.
Mam haar hand voelt fijn in de mijne.
Laat Sam genoeg voor je zijn, laat Sam genoeg voor je zijn, laat Sam genoeg voor je zijn, laat Sam genoeg voor je zijn, laat Sam...
Ik heb er de kracht niet meer voor.
Groter, mooier, prachtiger. Ik dans duizend pirouettes naar de maan.
Ik geloof niet dat mijn dromen net zo zijn als die van anderen. Ik beland in mijn dromen altijd op de meest troosteloze plekken waar ik met moeite weer vandaan kom. Dat ik s'morgens weer wakker word is nauwelijks een geruststelling, de nachten duren te lang.
Ik zie dingen die gewone mensen niet zien. Niemand ziet bijvoorbeeld hoe gevaarlijk het gras is. Hij heeft kwade bedoelingen en wil me bij de enkels grijpen met zijn groene tentakels. Het is verbijsterend, net als fluorescerende reclameborden en digitale wekkers. Mensen uit mijn dromen willen van het verleden de toekomst schrijven, maar dat kan niet met gekleurde inkt.
"Ik heb beloofd dat ik bij haar zou blijven."
Rustig maar Sammie, het is goed.
"Dat onthoudt ze toch niet, liefie."
Jawel mama, dat onthoud ik wel.
Ik wil mijn ogen opendoen, maar het lukt niet.
Ga open.
Verdomme, ga open!
Toe dan, TOE!
Oké, dan niet.
Ik word uren later wakker.
"Ik ben je dankbaar."
"waarom?"
"De meeste jongens hadden allang teruggekrabbeld, Jasper."
"Ze is de liefste."
Op de dagen dat ik me slecht voelde, speelde ik het Sterfspel. Dan wenste ik iedereen de meest nare ziektes toe en sprak ik binnensmonds vervloekingen uit. Een of andere therapeute die gespecialiseerd was in gevallen zoals ik, zei dat het niet mijn schuld was. Dat ik er niets aan kon doen, dat het logisch was dat ik iemand de schuld wou geven van al mijn ellende. Het was complete onzin.
Ik vond het leuk, genoot er van.
De hele wereld mocht van mij wegrotten.
"Kan ze ons horen, papa?"
"Dat denk ik wel."
"Ik heb haar dingen verteld."
"Wat dan?"
"Ha, ga ik jou lekker niet vertellen!"
Sam streelt mijn hand.
Ik zend mijn gedachten door via zijn vingers:
Sterf oud en rimpelig. Wees lief voor je vriendinnetje en verlies je hart niet aan mensen die dat niet verdienen. Vrij veilig, krijg geen SOA.
Misdraag je zoveel als je wilt. Word arts of advocaat.
Vergeet mij niet. Ik hou donders veel van je, lief broertje.
Zend, zend.
Telkens als ik mijn ogen sluit, val ik.
Als papa van mama scheidt tijdens het rouwproces, ga ik bij hem spoken.
Ik meen het. Ik ga glazen naar zijn hoofd gooien.
Overal is het, en het bedwelmt me. Ik tol en tol en tol, gevangen door de wenteling van de aarde.
Ik gil maar er is geen ruimte voor mijn adem.
Ik schreeuw, zwijg, val, klamp mij vast aan alles, maar ik glijd weg.
"Ga papa halen, rennen!"
"Waarom?"
"NU!"
Jasper en ik hebben al driehonderdrieëntachtig dagen een relatie en dat is heel heel veel liefde.
Ik voel een kus op mijn voorhoofd.
"Het is goed, lieverd, het mag."
Geschuifel.
"Waarom zeg je dat?"
"Ssssst Sam, misschien wil ze wel toestemming. Zeg maar dat je van haar houdt"
Gesnik.
"Ik wil het niet, mijne krijgt ze niet!"
"Misschien moet je afscheid nemen."
"Nee!"
"Het is belangrijk."
Voetstappen.
"Ik hou van je, zusje."
Als vijf druppels bloed in de sneeuw.
Dus ik ga ervoor.
"Je mag niet denken dat het makkelijk was."
Denk ik ook niet pap, ik ben trots op je.
"Welterusten vriendinnetje."
Welterusten vriendje.
Alle lampen gaan een voor een uit.
"Ik ben het, mama. Ik ben vlak bij je. Papa is er ook, en Jasper. Sam komt eraan.
We zijn er allemaal meisje, we houden allemaal van je."
Nu mag het.
Ik herkauw herinneringen.
De geur van kaneel, kerstmis 1999, de knorrige buurman van nummer 12.
Alle momenten
komen samen.
Alles.
Ik laat los.
© juli 2010, Roos, BasicPublishing.nl
|