Gegevens:

Categorie:
Autobiografisch
Geplaatst:
1 juli 2020, om 18:07 uur
Bekeken:
70 keer
Aantal reacties:
0
Aantal downloads:
19 [ download ]

Score: 0

(0 stemmen)

Log-in om ook uw mening te geven!




Share |

"Wat doen de Friese bestuurders? (deel 3)"


a. Ik heb gemerkt dat ik als Nederlander op het Friese platteland niet welkom was bij de politieke partij-en of de diverse kunstenaarsverenigingen. De voorman van de christelijke RPF wilde een expositie van mijn werk in het gemeentehuis te Bergum laten verbieden in 1983. Hij kreeg overigens geen steun van de gemeenteraad, zodat de tentoonstelling door ging.

Op zijn best wordt een Hollander in de Friese provincie min of meer getolereerd, maar niet geaccepteerd. Men beschouwt je in wezen als een gevaarlijke concurrent en een baantjesjager in het cultu-rele circuit hetzij het najagen van een docentschap aan een opleiding van een academie of leraren opleiding waar menig student op houten klompen klossend door de gangen liepen in blauwe  overalls met de bemoste pet op het melkboerenhondenhaar om de provinciale authenticiteit te beklemtonen. Een dergelijk baantje als docent voor een klas heikneuters was echter het laatste wat ik zelf ambieerde.

b. Op dorpsniveau moest je maar eens je mond leren houden, zeiden ze regelmatig. Of je kon je aanpassen als klapvee óf je moest van de hooivorken brigade weg wezen. Zo kon ik geen lid worden van de Bildtse Kultuurkring, noch deel nemen aan exposities van die organisatie, sinds 2010 en werd geëxcommuniseerd door de breed uitgebouwde, gezette voorzitster Kirsten Zwijnenburg, die vanaf het begin haar antipathie demonsteerde omdat zij en haar echtgenoot nooit een schilderij verkochten. In haar tuin staat een Boeddhabeeld om haar gratuïte vredelievendheid voor de buurt en de gehele Friese bevolking te demonstreren.

Zoals wel vaker in Friesland geschiedde bij Amsterdamse initiatieven in de provincie, in mijn geval  toen ik de kunstenaars vereniging Fria oprichtte in 1985 in mijn neo-classicistische vrijstaande woning te Garijp en een jaar lang secretaris van de club was, poogden de Friese bestuursleden mij  uit de Friese club te werken, hetgeen ik voorkwam door mijn secretarisschap zelf op te zeggen (zie artikel in de Leeuwarder Courant) met nadrukkelijk de wens wel lid te willen blijven van de vereniging. Mijn gemaakte kosten aan fotokopieën en de porto die ik betaalde kreeg ik nooit terug, want de pennigmeester, volgens inside information een pedofiel,  was er met de kas vandoor gegaan. Een echte Fries?

 



Reageer op dit verhaal!

Je moet helaas ingelogd zijn om te kunnen reageren.